Categorie archief: Reis 2018

Een terugblik op Europa (14 mei-8 september 2018)

We zijn inmiddels in Georgië en Armenië als we op regenachtige dagen terugblikken op onze fietsreis door Europa. We hebben in net wat minder dan 4 maanden 5.000km en 16 landen door Europa gefietst.

Het stukje Benelux en Frankrijk hebben we in 2 weken door gesjeesd. We hadden haast, we vertrokken niet op 1 mei, maar 2 weken later, gelijk met de overdracht van het appartement.

Het was grotendeels redelijk vlak, al begonnen in Limburg al wel heuvels die we toen nog bergen noemden. Het waren 2 weken waarin we alles nog echt moest testen. De fietsen waren al wel 1.000km ingefietst, maar met bagage en de (nieuwe) fietstassen fietsen en het kamperen daarbij waren nieuw. We wisten nog niet of we alles wel bij ons hadden, maar het was zeker 60kg en met veel meer eten en drinken dan nodig. Alle restjes en cadeautjes eten en koffie gingen mee. De grensovergangen gingen snel en waren steeds weer een highlight. Het weer was – zeker voor mei- geweldig! En ondanks dichtbij huis (of misschien wel dankzij) werden we verrast door mooie omgevingen en prachtige steden. In Frankrijk ontdekten we de prachtige vakwerkhuizen en lukte het om te couchsurfen, daar worden we blij van. We behalen (op een vlak stuk) onze langste afstand op de fiets in Frankrijk: 131,5 km. Een afstand die we tot Armenië in ieder geval niet meer zullen overtreffen. De lente doet er voor het fietsplezier een schepje bovenop.

P1000212
Vanaf eind mei fietsen we in ruim een week langs en door Duitsland, Zwitserland en Liechtenstein. Behalve dat elke grensovergang weer een highlight is en dat dit nog steeds heel snel gaat, is Liechtenstein voor ons een gloednieuw land. De heuvels zijn inmiddels echte bergen en als we nog verder willen naar het zuiden, moeten we een pas over. Iets wat we qua fietsen totaal niet gewend zijn en de kilo’s bagage tellen daarbij dubbel mee. Bergen fietsen is en blijft zwaar, ook later blijkt dit niet te wennen. Zeker met de warmte. Boven is het altijd een stuk frisser (soms aangenamer, soms echt koud) en van de uitzichten en afdalingen genieten we optimaal. We krijgen ook geregeld te maken met onweer aan het einde van de dag. Als we geluk hebben, zijn we dan op onze eindbestemming en is de was binnen. Zwitserland en Liechtenstein waren nog duurder dan we konden bedenken. De Lidl werd onze favoriete supermarkt en die vinden we gelukkig overal.

P1000444

In Italië is alles weer betaalbaarder (al begint het merkbaar seizoen te worden) en het eten fantastisch. We genieten 2 weken van stranden, steden en het eten. Het is het eerste moment dat ik, Hilgien er even helemaal klaar mee ben. We zijn nog geen maand op pad, 6 landen en 1.500 km verder. Ik heb het gevoel alleen maar te racen en te fietsen. Terwijl fietsen niet perse mijn hobby is. We hebben thuis behoorlijk hard moeten aanpoten om alles voor vertrek op orde te krijgen, werk af te maken en het huis verhuurklaar en verhuurd te krijgen. Het huis verhuren betekende een enorme opruiming houden. Het voorbereiden op de reis zelf kwam er ook nog bij, niet bepaald onbelangrijk. 3,5 maanden voorbereidingstijd is (te) kort. Zeker voor een reis als deze, waarvan we de meeste spullen nog moesten aanschaffen en dus heel veel uitzoekwerk nodig was. Vervolgens toch een beetje doorfietsen om de tijd te compenseren terwijl je dat niet gewend bent, is pittig. Dus komt de vermoeidheid om de hoek kijken. We hebben tot Italië 20 van de 26 dagen (77%) dat we op pad zijn gefietst met gemiddeld bijna 70 km per dag. En dat terwijl ik normaal 10-12 km fiets naar werk, 8 uur ‘rust’ heb en dan 10-12km terugfiets. Voor het lichaam een hele andere belevenis! En geestelijk is er ook nog weinig rust geweest. Al zou je denken dat je hoofd leeg raakt met fietsen. Daarvoor fietsen we teveel, zien we teveel, moeten we nog van alles.

In Italië besluiten we daarom wat meer rust te houden en vanaf dat moment fietsen we gemiddeld 2 van de 3 dagen. Dit hadden we vooraf ook gepland en dit voelt prettiger. Italië is niet alleen lekker en heeft fijne stranden, maar heeft tevens erg mooie steden waar we graag wat tijd willen doorbrengen. Ons hoogtepunt is Venetië, door de bijzondere eilanden Burano en Murano én zeker ook door onze couchsurfhost Federica.

P1000808
We gaan maar liefst 17 dagen naar het kleine, superschone landje Slovenië. Auke is er reeds geweest, voor mij is het nieuw. We maken ommetjes en proeven wat van dit outdoorland met zijn prachtige natuur. Auke wil ondanks zijn hoogtevrees ziplinen en dat blijkt enorm gaaf. We gaan kajakken op de Soça-rivier, de rivier die we met de fiets een heel eind volgen. We willen nog meer doen als paragliden, raften etc., maar het land is door het opkomende toerisme duur geworden. Fietsend is het ook genieten. We fietsen de Vrsic pas op en maken 1.430 hoogtemeters op één dag, het record in tijden. We fietsen hier verhoudingsgewijs nog minder; maar de helft van de dagen. Niet alleen de outdoor-activiteiten, maar ook Ljubljana en een nieuwe tent (nadat beide palen zijn gebroken) vragen onze aandacht…

bdr

Vanuit Slovenië fietsen we 10 juli voor 1,5 maand de Balkan in. We gaan in een kleine maand van Kroatië naar de Bosnische natuur, terug naar de Kroatische kust en weer terug naar Bosnië. Dan fietsen we in 2 weken via Montenegro naar Albanië, Kosovo, terug naar Albanië en naar Macedonië en voor de laatste keer naar Albanië. De Balkan is een ander stukje Europa. Overal valt het zwerfafval op, wat mogelijk voorlopig niet meer verandert. Maar de mensen zijn ook gastvrijer en behulpzamer. Ze hebben minder en geven meer. De werkloosheid is hoog, vooral in Albanië, waar het rond de 50% zou zijn. Dit geeft de mensen tijd, tijd voor roken en drinken, maar ook voor het sociale leven waar west-Europa minder in lijkt te investeren.

Kroatië is het meest toeristisch en daardoor relatief duur. De kust en de eilanden zijn prachtig. Onze highlights zijn Kuterevo met de beren die we nergens anders vonden en het Plitvice park. Bosnië is een wereld apart met het zichtbare oorlogsverleden, moslimgebieden en delen waar overal geadverteerd wordt met varkensvlees. Het raften op de Una was geweldig door de contacten die we opdeden en de prachtige natuur. In Mostar waren we enorm onder de indruk van het genocide-museum en dus de recente geschiedenis. In Albanië en Macedonië ervaarden we de gastvrijheid waar we ongemakkelijk van werden. De schapen, geiten en koeien op de weg zijn grappig. Het aanmoedigende getoeter geweldig. In de hele Balkan was de koffie rond de 1.- of goedkoper, altijd lekker en reden voor pauzes. Al was de enorme hitte ook een reden om in de schaduw te zitten of te liggen. De Balkan wordt steeds meer ontdekt als reisbestemming en dat is terecht. Al zou het daardoor wel veranderen zien we al in Albanië.

P1010368

P1010488

P1010532

[001842]

Eind augustus en begin september fietsen we diagonaal door Griekenland. Een periode waarvan we altijd zeiden, “dan wil je niet in Griekenland zijn”. Het was er net zo goed erg warm, zoals in de Balkan, Slovenië en Italië. Griekenland komen we via de snelweg binnen geracet en zien de pelikanen waar we naar gezocht hebben. Met Meteora hebben we de highlight van Europa te pakken, de duidelijke stip bovenaan de lijst van prachtige bezienswaardigheden die we op de fiets hebben mogen bereiken. Zelf had ik er nog nooit van gehoord en ik begrijp niet waarom. Ook doen we andere oudheden aan, zoals Delphi en in Athene diverse ruïnes. Daar raken wij echter verzadigd van, wat de natuur creëert of een aandeel in heeft, raken wij meer van onder de indruk.

P1020791P1020850

4 maanden Europa, 16 landen, 5.000 km (4.973 km om precies te zijn), het klinkt veel in weinig tijd. Maar we hebben héél véél gezien en ervaren. Europa heeft veel te bieden. Je hoeft niet ver weg om mooie dingen te zien. Wandelend Nederland in de omtrek heeft dat al eens bewezen. Fietsend Europa door laat dat nog eens zien.
Boven verwachting hebben we 46% van de tijd gekampeerd (54x) en zelfs wat wild gekampeerd (11x). Soms is het legaal, soms gedoogd, soms wettelijk verboden maar praktisch een mooie uitkomst. Wij kunnen er nog niet aan wennen, wie weet komt dat nog in Turkije…..

20180827_072246
Het couchsurfen en warmshoweren (couchsurfen voor fietsers) hebben we naar onze zin te weinig gedaan (14x). Hiervoor dien je meer vooruit te plannen en daarbij meer gewillige hosts te hebben. In Italië en Griekenland kregen we erg vaak een nee op het rekest. Jammer, dit is dé manier om letterlijk en figuurlijk achter de deur van de mensen te kijken en meer te horen, leren en ervaren hoe het leven (anders) is. De ervaringen die we wel hadden waren stuk voor stuk leuk en interessant.
Gemiddeld hebben we samen net geen €22,- per nacht betaald voor de overnachtingen, waarbij de duurste €84,- was. Dit was de eerste hotelovernachting en wel in België, waarbij we iets anders verstonden dan de werkelijke prijs 😉

Gemiddeld fietsten we 63,4 km per dag, 12 km minder dan we hadden verwacht. De langste afstand was 131,5 km in 7 uur. De gemiddelde snelheid is 16,2 km/u, wat we zelf wel netjes vinden gezien de zware fietsen. Gemiddeld zitten we een kleine 4 uur op de fiets, maar met de pauzes en het boodschappen doen, foto’s maken en toiletstops, zijn we een werkdag onderweg.

Qua hoogtemeters waren we natuurlijk niets gewend in Nederland en elke hoogtemeter konden we voelen. Het traject Kukes naar Rrenz had de meeste hoogtemeters met 1.750m op één dag. De Vrsic pas was ook een flinke (nr. 3 van de lijst) met 1.430 hoogtemeters en goed voor de laagste gemiddelde snelheid: 9,2 km/u. De dag dat we het snelst fietsten was de vertrekdag. Om 17.30 uur vertrekken was laat en een pontje halen zorgde ervoor dat we megasnel waren: 21,2 km/u.

Het voordeel van hoogtemeters maken is dat er een beloning volgt in de vorm van een afdaling en uitzichten. Bij zo’n afdaling halen we in Bosnië ons Europees snelheidsrecord van 71,6 km/u.
De planning was om 2 van de 3 dagen te fietsen (66%) en we hebben 74 van de 117 dagen gefietst (63%). De gemiddelde afstand was vooral lager waardoor we meer tijd in Europa hebben doorgebracht dan verwacht en ons plan om naar Cyprus te gaan voor een paar weken ‘vakantie’ hebben moeten laten varen.

Qua gezondheid. Spierpijn hebben we niet gehad van het fietsen. Wel van wandelen… We hebben 3 voedselinfecties opgelopen samen, waarvan allebei een keer in Montenegro. Sindsdien steriliseren we het kraanwater bijna overal en gaat het goed met het spijsverteringskanaal. Ik heb bij het klimmen verder wat knieklachten, welke met name zijn verergerd door jumping pictures. Eigenlijk gaat het erg goed met onze gezondheid. Of we zijn afgevallen? Weinig. Misschien een kilootje. Die 8 tubes mayonaise die er in deze periode doorheen zijn gegaan, zal niet geholpen hebben. (We zijn gek op brood met ei en mayo of tomaat met mayo). Wellicht zijn we wat lichaamsvet kwijt geraakt en hebben spiermassa opgebouwd. We merken dat we sterker worden. We zijn echter dol op eten en dat fietsen maakt dat we dat ruimschoots kunnen doen. We hebben veel vitamine D aangemaakt, maar ook extra rimpels. Zonnebrand werkt niet als je inspant bij 30’C…. Verbranden gebeurde gelukkig zelden.

dav

Over gezondheid gesproken. Wij fietsen voor een belangrijk goed doel: onderzoek naar sarcoomkanker. Het heeft de nodige tijd gekost om de actie op te starten. Maar het loopt nu en we hebben 10% van de beoogde €15.000,- binnen.  15.000 is het aantal kilometers die we nodig denken te hebben om Nepal te bereiken. Dus nog 2/3 van de kilometers te gaan en 90% van de sponsoring.  Heb jij al gedoneerd? Je bent een held! Nog niet? Zie hier voor meer informatie.

Het fietsen zorgt voor veel buitenzijn. Midden in de natuur. Maar ook midden in de stad, tussen de mensen. We zijn erg toegankelijk voor iedereen. Vanaf Frankrijk, maar vooral Italië worden we massaal aangemoedigd, waarbij de Balkan de kroon spande. Als fietser werden we met lof aangesproken, wat zorgde voor leuke gesprekken en het leren kennen van mensen. De bergen op waren beter te doen door de opgestoken duimen en het getoeter.

Europa is mooi, goed fietsen, erg divers met mooie natuur, cultuur en geschiedenis. Stap eens op de fiets en ontdek Europa per fiets. Slow travelling, fast connecting. Je hebt geen maanden nodig, met een paar weken kan je al mooie tochten maken.

bty

20180827_125006

Voor meer foto’s en onze route met GPS vastgelegd, zie onze Polarsteps site.

Dwars door Griekenland en een vleugje Rhodos (22 augustus-8 september 2018)

22 augustus fietsen we vanuit het gastvrije Albanië Griekenland in. Land #16 alweer, wat gaat het hard! Hard gaat het echter niet meer als we de keuze hebben OF de snelweg OF een oud gravelpad omhoog. We klimmen gestaag omhoog, terwijl het pad niet alleen steeds een tikkie steiler wordt, maar ook onbegaanbaarder. We voelen ons als fietser niet welkom! Jaloers kijken we opzij naar de prachtige bijna lege snelweg. Wij zijn pas een kilometer verder en er zijn hooguit 5 auto’s langs gekomen. Zou je misschien in Griekenland op de snelweg mogen fietsen? In Albanië had het zo gekund, maar was er geen noodzaak. Het gekozen pad is in ieder geval niet de juiste, dus keren we om, rammelen met de fietsen naar beneden en glijden de snelweg op.
[000657][000660]
Met toch een zeer onprettig gevoel fietsen we over de vluchtstrook. Enerzijds vermoeden we natuurlijk dat het wettelijk niet is toegestaan en anderzijds raast het weinige verkeer best hard langs. We komen 2 tunnels tegen waar we al helemaal niet blij van worden, maar de smalle stoep in de tunnel biedt uitkomst. De eerste afslag duurt zeker 10 km en vinden we niet handig. We raken gewend aan de snelweg en gaan nog 10 km door. Zeker als we tolpoortjes naderen en we zonder betalen doorgestuurd worden, ervaren we zowel toestemming als gewenning. Na 20 km is het genoeg. Als we de afslag nemen en bovenop de snelweg nog eens terug kijken op dit niet geheel vrijwillig gekozen avontuur, worden onze ogen groter. Onder ons gaat een auto bijna 1 km in de achteruit omdat hij de afslag heeft gemist! Pfff… wij waren in ieder geval géén gevaar op de weg!

Deze vliegende start zegt veel over de rest van onze tour door Griekenland; in 10 dagen fietsen we naar Athene. In deze periode fietsen we zo’n 650 km, hebben we maar 1 niet-fietsdag (dat is niet hetzelfde als een rustdag 😉 en bezoeken we Kastoria, Meteora en Delphi.

Kastoria is een schiereiland in een meer, wat vooral grappig op de kaart lijkt. In Kastoria lukt eindelijk wat we tot heden maar niet voor elkaar hebben kregen. We zochten in het Skhodra meer (zowel in Montenegro als in Albanië), in het Ohrid meer en gingen speciaal nog langs het Prespameer. Als we langs het Kastoriameer fietsen, hoeven we niet te zoeken en worden we spontaan op een groep pelikanen getrakteerd! De roze pelikanen en kroeskoppelikanen zijn vanaf de doorgaande weg te zien. Wij strijken neer en blijven er tijden naar kijken en foto’s maken. Wat een grappige grote vogels! Als ze landen steken ze hun grote poten naar voren, die bek is mega en als ze ’s avonds gaan slapen is er altijd wel één die zit te ouwehoeren. Geweldig!
[001002][000692]
Van het ene hoogtepunt belanden we in het andere hoogtepunt; Meteora. Meteora zijn op enorme hoge rotsformaties gebouwde kloosters. Vanaf reeds de 9e eeuw werden de natuurlijke zandstenen torens beklommen en bewoond door kluizenaars. Vanaf de 11e eeuw trokken elders verdreven monniken naar dit gebied. En halverwege de 14e eeuw verrezen de eerste kloosters op de toppen, met uiteindelijk 24 kloosters op deze enorme rotspartijen. De monniken vormden een volledig afgezonderde autonome gemeenschap. Echter vanaf de 17e eeuw begon het verval van het kloosterleven in Meteora. Er werd gesjoemeld, sommige monniken hielden er als monnik verklede vrouwen op na en van het idealistische gedachtengoed bleef niets over. Momenteel zijn er nog 6 kloosters in redelijke staat en toegankelijk, waarvan een aantal zelfs bewoond. Wij fietsen de ene en wandelen de andere dag in de hitte omhoog om er twee te bezoeken. Dit is echt overweldigend, wat bizar, wat gaaf, wat mooi. Die rare rotspartijen, door erosie gevormd, die kloosters en ruïnes op onmogelijke plekken…. We krijgen er geen genoeg van, tot we de 250 foto’s moeten reduceren tot een acceptabel aantal.
P1030014-aP1030002
Hier verblijven we op één van onze mooiste campings. We hebben niet alleen kookgelegenheden en tig picknicktafels om uit te kiezen, maar ook een zwembad met waanzinnig uitzicht! Hier worden we blij van. We zien prachtige natuur, schildpadden, hebben een zwembad en bereiken de 4.500 km op de top van Meteora. Wat een energieboost!

P1030035P1020850

Met die energie fietsen we in 3 dagen naar Delphi of Delfoi op zijn Grieks vertaald. Een bui van 12uur kunnen we ontwijken, door bijtijds een afslag te nemen naar thermen. Precies op tijd checken we in een hotel in, maar precies te laat voor de thermen; deze sluit vanwege het weer… De volgende dag gaan we alsnog in het zwavelbad liggen om ons lichaam een boost te geven voor de volgende run naar Delphi.
P1030141
De archeologische site Delphi kunnen we bij een bezoekje aan Griekenland niet missen. Het was in de klassieke oudheid één van de beroemdste cultusplaatsen van de god Apollo en het meest bezochte en gerespecteerde orakel van de gehele oudheid. Auke is meer van de geschiedenis dan ik, Hilgien, maar imponerend is het zeker. Wat ze 5-6 eeuwen voor Christus konden bouwen! En dat afgezet tegen de steile rotswanden bij ondergaande en de volgende dag opkomende zon, is indrukwekkend….! Hier verblijven we een nachtje in een hotel, maar bezoeken Delphi na en voor het fietsen en gaan vervolgens weer 700-1.000 hoogtemeters maken….
P1030249P1030198
Van Delphi vliegen we door naar Athene. Die 170km kunnen we in 2 of 3 dagen afleggen. We lopen wat achterop schema en doen het in 2 dagen om vervolgens 4 dagen in Athene de fietsen op het balkon te stationeren…

De 650km fietstocht laat ons veel groen zien, met natuurlijk veel olijfbomen en ook tabaksplanten. Het blijkt hier meer te regenen dan normaal gedurende de zomer. We verwachtten veel dorheid, maar zien dit beperkt. En ook de Grieken blijken gastvrij, al deed de entree anders voorkomen. Zo krijgen we koffie aangeboden als we met google translate in de aanslag vragen waar de bakker is. In een ander klein dorpje kopen we koekjes bij een winkeltje en zitten we bij een café koffie te drinken onder het genot van deze koekjes. Totdat we terug geroepen worden voor nog een schaaltje lekkernijen. Bovendien verlaten we het café nadat we alle bidons hebben gevuld met een fles ijswater, wat geweldig!

P1030113Wildkamperen doen we hier vaker. De situatie is ideaal. Praktisch overal zijn waterkranen en meestal komt er daadwerkelijk water uit. Er zijn veel bossen en zo nu en dan een meer te vinden. Ons prachtigste kampeerplek is aan een groot meer op een mooi stukje gras in het volle zicht zonder ons maar om iets te hoeven bekommeren…. We kunnen ons schoon zwemmen, zien er de zon zakken, de maan opkomen en ‘s ochtends de zon weer verschijnen.
20180827_072246
Veel fietsers hebben vooral slechte ervaringen met honden. Alle dagen in Griekenland krijgen we te maken met honden. Veel honden lopen los, zowel zwerfhonden als honden die bij een huis horen. Honden slaan 9 van de 10 keer aan als we langs komen. Fietsers zijn ze niet gewend en dus rennen ze graag achter die bewegende wielen en benen aan.
Op een gegeven moment fietsen we met de wind mee een kilometer of 25 per uur. Vanaf de overkant van de weg komen er 2 honden een terrein afrennen, waarvan één zeer agressief met ontblote tanden en grote snelheid op ons afkomt. Auke fietst voorop, ik zie hem recht op me afkomen. Zijn aanval wordt acuut gestopt door een frontale botsing met een auto. De hond vliegt met wat bumper onderdelen de lucht door. Het volgende moment is het stil. Wij staan stil, geschrokken van de hond en de botsing. De hond ligt dood. De automobilist stapt uit en kijkt naar zijn bumper. Twee getuigen kijken van een afstand naar het geheel. Niemand doet iets. Niemand kan iets. Het is vreselijk om te zien wat er gebeurde. Desondanks is het onze redding geweest, de kans dat de hond had gebeten was heel groot. Geschrokken fietsen we rustig door, mijn fluitje op het stuur in de hoop er honden mee af te schrikken. Alle latere ervaringen zijn verbazingwekkend positief. Als een hond op ons aanslaat of afkomt, gaan wij op de honden af. De ene keer vriendelijk, de andere keer met geheven stem. Ze zijn zonder uitzondering allemaal gaan kwispelen of zelfs op commando gaan zitten. Hoe verder we vanuit het noorden naar Athene fietsen, hoe liever en soms banger de honden lijken te worden. Ook zitten ze vaker achter een hek. Maar ook dan zorgt het benaderen voor een kwispelend effect. Voorlopig blijft het fluitje aan het stuur en houden we ons vast aan die ene uitzondering die de regel bevestigt.

In Athene is het heet. De temperatuur is overdag 33-35 ‘C en ’s nachts zakt het zelden onder de 21 ‘C. WIJ vinden het heet. De locals zeggen dat het best aangenaam is ten opzichte van de gewoonlijke 40 ‘C. Wij zijn deze 30 ‘C+ dagen eigenlijk ook gewend. Het inspannen op de fiets, zeker bergopwaarts lijkt dan ondoenlijk. Echter de rijwind maakt een groot verschil! In de bergen waait het nog weleens en als je wat hoger zit, scheelt dat. Op een gegeven moment zaten we op 1300m hoogte, in een ‘skigebied’ en hadden we het koud. Het was 21’C, de wind waaide en wij zaten in de schaduw te rillen… Best aangenaam en vooral verrassend 😉 We zijn officieel geacclimatiseerd. Mits op de fiets.
P1030137
[000710].jpgIn de grote, drukke stad trekken we het met moeite. We houden ons ritme erin en passen ons aan het Griekse ritme aan; vroeg op en eropuit, ’s middags in de airco een siësta. Griekenland is sinds Italië het eerste land met een merkbare siësta. De winkels zijn vaak dicht, de straten zijn een stuk leger. In dit Grieks-Orthodoxe land dienen we daarnaast rekening te houden met de zondag. Zelfs de grote supermarkt ketens zijn gesloten. Even wennen na de Balkan waar we te alle tijde bij winkels terecht konden. Als ze al dicht waren, gingen ze voor ons geregeld open. Hier niet. Hier moeten we creatief zijn met onze beperkte draagbare voorraad als we honger hebben op zondag. Overigens is pasta met tonijn, leblebi en rozijnen best een goede lunch!

Athene kenmerkt zich vooral door een hoop stenen of te wel vele oudheden. Maar ook armoede, inclusief veel (drug gebruikende) zwervers en een drukkende warmte. De echte oude ruïnes worden geregeld opgeknapt. De huizen verwaarlozen. Iets buiten het centrum zien we meer en meer verloedering, zelfs bosjes immigranten die op straat leven en wederom slechte wegen. We hebben veel tijd nodig om het e.e.a. te organiseren en zitten vaak op onze geairconditioneerde kamer. Het voelt zonde om ons in de hoofdstad van Griekenland af te zonderen. Echter Athene is niet helemaal onze stad. Natuurlijk bekijken we de oudheden Akropolis, Pantheon, de tempel van Zeus, Hadrian’s arch, Roman agora, ancient agora, de bibliotheek van Hadrian en de stad Plaka. Erg indrukwekkend wat ze zo lang geleden allemaal konden bouwen. Al is iets indrukwekkend, het is vooral drukkend warm en dat beperkt de interesse en energie. In mei of oktober wellicht een beter idee om Athene te bezoeken! Ondertussen verwachten we ieder momentje het pakketje uit Nederland, die we in Italië niet konden oppikken. We zien via track&trace dat het postkantoor niet open deed en het pakketje dus niet is afgeleverd… Eh… daarvoor sturen we toch naar ‘post restante’? We besluiten zelf naar het pakketje toe te reizen en mogen hem op het sorteercentrum ophalen. Jippieee! Lenzen, medicatie, dwarsliggers, kaart van Turkije en onze visitekaartjes! Na 4 dagen Athene en ons pakketje kunnen we verder! We bedenken ons niet langer, cancellen het hotel voor aankomende nacht en boeken voor dezelfde dag een ferry naar Rhodos! Het is dinsdag 4 september en vanavond om 21.30 uur verlaten we het vaste land van Europa om via Rhodos afscheid te nemen van Europa……
P1030363P1030454
We hebben een cabine geboekt op de boot en daar hebben we geen spijt van. Wat een rust, wat een heerlijke bedden! De tussenstop op Santorini maken wij niet bewust mee, maar vanaf Kos en de langs de Turkse kust wel. Zo hebben we in elk geval alvast een glimp opgenomen van het land waar we zo meteen weken doorheen gaan fietsen. Aangekomen op Rhodos, fietsen vrijwel direct de stad uit en strijken neer in een kasteeltje vlak bij het strand, zo’n 15 km van Rhodos stad. De ambities zijn niet zo hoog. We zouden vakantie vieren op Cyprus, maar gezien de tijd hebben we dat moeten laten schieten. Het wordt dus een korte vakantie op Rhodos. En daar is helemaal niks mis mee; het water is lekker warm, het zonnetje schijnt en het is niet te heet. Bovendien komen we een beetje toe aan lezen! Pas als we 8 september de boot nemen naar Turkije, nemen we de moeite Rhodos stad te bekijken. Rhodos stad is een plaatje om te zien. Zelfs hier zijn de Venetiërs ooit neergestreken en hebben ze een fort en een stad gebouwd. Nog even een laatste indruk van Griekenland, het Griekse eten en Europa. Onze laatste uren verstrijken. “Zouden we eigenlijk een visum moeten regelen voor Turkije?”. Oops. Ja dus. Niets visum on arrival, maar vooraf digitaal regelen. Gelukkig gaat dit vliegensvlug en is de aanvraag hetzelfde als het ontvangen van het visum. Aan Turkije hebben wij beiden goede herinneringen, dus vol goede zin en met het visum op zak stappen we op de boot naar Fethiye!

[001197].jpg

Macedonië & Albanië, deel 2 (17-22 augustus 2018)

De volgende dag gaan we via Peshkopi naar Debar in Macedonië, land #15. Net als we Peshkopi willen verlaten, komt er een jongen van een jaar of 12 op ons afstappen en vraagt ons in vlekkeloos Brits Engels of we koffie willen drinken? Jemig, jij spreekt goed Engels, brengen we uit. Ja, ik kom ook uit Liverpool. Juist ja. Hij is daar met familie en zij hadden ons kennelijk al een tijdje in de gaten. En in Engeland wonend of niet, als Albanees ben je gastvrij en nodig je gasten uit. Na een kop koffie met wat erbij, een ijsje en anderhalf uur kletsen, krijgen we niet de kans de rekening te betalen. We voelen ons elke keer als dit gebeurt toch enigszins bezwaard. Wij hebben verhoudingsgewijs meer geld dan de gemiddelde Albanees. Het gemiddelde inkomen is hier rond de Euro 250,-… We fietsen hierover na kletsend verder. Peshkopi wordt kennelijk ook wel klein Debar genoemd en Debar in Macedonië (of is het Noord Macedonië, of FYROM, of Skopje?) wordt groot Debar genoemd. Als we het land maar FYROM noemen als we Griekenland inkomen… het is hot item waarover één dezer dagen gestemd gaat worden.

Debar is een super leuke levendige plaats, barstensvol restaurantjes en cafés. Bovendien barstensvol Macedoniërs die in west Europa wonen en hier op vakantie zijn. Zo ontmoeten we wat Nederlands, Duits en Franssprekende mensen. Een Franssprekende Macedoniër helpt ons een uur lang zoeken naar de allergoedkoopste slaapplek (het is hier opeens weer duur), helaas met bijbehorende kwaliteit. Als wij later nog wat rondlopen, pikt een Macedoniër, genaamd Armend, ons Nederlands op; zijn zus woont in Nederland. Armend helpt ons met onze zoektocht naar (nog altijd) lenzenvloeistof en neemt ons mee naar het stuwmeer aan de rand van de stad. Wij hopen hier zijn koffie te kunnen betalen als dank voor zijn tijd en moeite, maar néé hoor, weer krijgen we niet de kans om te betalen. Tsjonge wat een enorme vriendelijkheid en gastvrijheid.
[000581]
Wij gaan door naar het meer van Ohrid, in de hoop daar pelikanen te kunnen zien. De stad Ohrid is veruit de bekendste (vakantie)bestemming hier, maar Armend heeft een tante in Struga met een pension waar we naar toe gaan. Struga blijkt tevens behoorlijk toeristisch te zijn, met allerlei horeca langs het mooie snelstromende riviertje. We overnachten twee nachten, om uit te rusten en lekker van het meer te genieten. Zwemmen en zonnebaden dan wel te verstaan, want pelikanen zijn in geen velden of wegen te verkennen.

Op weg terug naar Albanië komen we langs de stad Ohrid. Een heel toeristische plaats, maar het is dan ook een leuke, oude plaats met veel oude gebouwen (kerken en kloosters vooral) en gelegen aan een meer met een heerlijke temperatuur. Dat het populair is, is te begrijpen. Kennelijk is Ohrid populair onder de Nederlanders, want er is overal Nederlands op straat te horen en te lezen. Bij een opticien zien we een bord staan dat een bril laten maken, veel goedkoper is dan in Nederland. Dit heeft direct onze aandacht, want de bril van Auke is vreselijk beschadigd. Zo erg dat er nauwelijks goed doorheen te kijken valt. Van de opticien in Nederland heeft Auke te horen gekregen dat het onder de garantie valt en dat hij nieuwe glazen kan krijgen. Dat is heel fijn, maar daar is hij nu niet mee geholpen. Een paar uur later(!) is een montuur uitgekozen en de glazen opgemeten en dat voor 50% van de (erg hoge) prijs in Nederland. Nu alleen nog een adres waar de bril naar toe gestuurd kan worden. Naar alle waarschijnlijkheid wordt dat Turkije. Auke kan er niet op wachten dat hij de bril, inclusief zonnebril, ontvangt! Wat zal dat een rust geven.
[000497]
Het is al laat (veel later dan de bedoeling was) als we onze weg vervolgen naar Albanië, naar het plaatsje Pogradec. Te laat helaas om nog een aantal bezienswaardigheden onderweg goed te bekijken (een park met natuurlijke waterbronnen en een klooster in Macedonië en het buitenverblijf van Enver Hoxha net in Albanië), maar Auke is opgelucht nu er een oplossing in de maak is voor zijn versleten bril.

We gaan op weg naar het stadje Korce, maar belanden bij een couchsurfer in het plaatsje Sheqeras. Beide plaatsen liggen in een grote vlakte, omsloten door bergen. Het is weer even een heel ander Albanië: veel paard en wagens, stoffige, rechte wegen en mensen die met de hand op het land aan het werk zijn. En altijd zijn daar weer de enthousiaste begroetingen als ze even op kijken wat er nou weer langs komt. Alban, onze host, woont met zijn ouders en zusje in Sheqeras. Zijn zusje studeert in Frankrijk en Alban spreekt uitstekend Engels. Hij en zijn familie reizen veel en hebben een mooi huis. We worden met alle egards ontvangen en meegenomen naar het Prespa meer (er zouden pelikanen zitten, maar ondanks dat het hier prachtig is, hebben we geen pelikaan gezien) en neemt Alban ons ’s avonds mee naar Korce. Korce is een schattig stadje, met een mooi oud centrum, de oudste school van Albanië en een hele mooie kathedraal.

We zijn enorm verwend door Alban en zijn ouders en Alban is een schat van een jongen. Dit was een goede afsluiter van Albanië, waar de mensen vriendelijk en gastvrij zijn. Het land is schitterend, met woeste bergen en rivieren en soms grote vlaktes. Overal lopen dieren op de weg, geiten, schapen en koeien, maar we zien ook prachtige rups. Door het hele land staan 60.000-700.000 bunkers gebouwd onder het regime van Enver Hoxha. Ze zijn zo robuust dat het te duur is om op te ruimen, soms worden ze opgeleukt. Helaas wordt hier, net zoals in de rest van de Balkan, afval op grote schaal in de natuur gegooid. De wegen zijn over het algemeen redelijk tot goed en het verkeer geeft je de ruimte. Je hebt pas een auto als het een Mercedes is, ongeacht de leeftijd. Huizen zijn vaak in deplorabele toestand. Maar niet die van Alban zijn familie. Maar waar je ook komt, wie je ook ontmoet, iedereen is enthousiast en enorm gastvrij. Voor ons het kenmerk van Albanië.
Vaarwel Albanië, op naar Griekenland, ons laatste land van Europa.

[000650][000526]

Wij fietsen voor HDKT. Heb jij al gedoneerd? Onze dank is groot! Klik hier voor meer informatie en donaties.

Albanië, deel 1 & Kosovo (12-17 augustus 2018)

“We zitten vast in de bergen in Georgië, het regent pijpenstelen. Geen excuus meer om de achterstand qua bloggen weg te werken…”

Na Kroatië, Bosnië en Montenegro is het eindelijk tijd voor Albanië. Week 13, land 13. Auke is erg nieuwsgierig naar Albanië als nieuw land. In 2012 waren Sanne en ik hier en hebben een toptijd gehad en ik zie dus graag nog meer. In 2012 kwam het toerisme een beetje op gang, al wisten weinig mensen te benoemen waar het lag (en of het überhaupt in Europa lag). Inmiddels komen er aardig wat toeristen en dat heeft het authentieke er wel wat afgeschaafd, helaas.

Op zondag 12 augustus fietsen we Albanië binnen langs het Skhodermeer naar de stad Shkodër. Vanaf dat we de grens over zijn, worden we non-stop aangemoedigd met veel getoeter en met regelmaat willen de Albanezen een praatje met ons maken. Geweldig!! Dit zal de rest van onze tijd in Albanië zo blijven. Skhodër is geen mooie stad, maar wel een stad in een nieuw land voor Auke en herinneringen voor mij. Op zondag is het er uitgestorven, slenteren we langs tig wasmachinewinkels (hoeveel kan je er hebben?) en zien we hanggroepouderen in de parkjes. We vinden een paar winkels die wel open zijn en vinden zowaar in de supermarkt het juiste gastankje waar we al zo lang naar hebben gezocht én een USB stick van een fatsoenlijke grootte. Nota bene in het land waar we het dit minst verwachtte. Zo zie je maar weer!
[000360]
Vanuit Shkodër fietsen we een prachtige route naar Koman, met onderweg blauwe meren, groene bergen, schapen, geiten en koeien op de wegen zelfs koeien op het ‘strand’. In Koman willen we met een veerboot over Lake Koman naar Fierzë te varen. Een highlight volgens de Lonely Planet en door iedereen aanbevolen, waardoor het een toeristische bedoening is geworden. Wij willen het ook graag meemaken, al is het weer een flink stuk in noordelijke richting, in plaats van het zuiden waar we heen willen.

De boot gaat pas de volgende dag, maar we gaan de laatste klim alvast aan, om een kijkje te nemen en tickets te kopen van de stopboot; de niet-toeristische boot voor locals. We worden gelijk uitgenodigd alvast op de boot plaats te nemen en kunnen onze matjes uitrollen om hier (gratis) de nacht door te brengen. Het klinkt even erg aantrekkelijk, alhoewel de boot nogal deinst. We hebben echter geen eten voor de avond en het enige kleine winkeltje hier vraagt belachelijke afzetprijzen. Bovendien heerst er een raar sfeertje, lopen er alleen mannen rond en lijkt iedereen wat (teveel) op te hebben. We besluiten een stukje terug te fietsen en zetten de tent op, op de camping in Koman. Hier is de sfeer heerlijk, de tentplaatsen mooi, zijn er wat andere Europeanen, inclusief Nederlanders, kunnen we goed en goedkoop uiteten en in de ijskoude rivier dompelen. Heerlijk!
[000457]
De boottocht is zonder meer mooi, maar de superlatieven die de Lonely Planet tekort komt, vinden wij wat overdreven. Wellicht zijn we al te verwend! 😉
[000467]
De boottocht duurde een paar uur en het is dan ook al 13.00 uur als we vanuit Fierzë op weg gaan in de richting van Kukës. Het is enorm heet en flink bergachtig door de Albanese Alpen, waardoor pittig. Opeens rijden we op deze rustige weg een stel wereldfietsers uit Oostenrijk tegemoet. We kletsen wat en delen ervaringen en tips over de route. Onze route laat flinke beklimmingen zien en de Oostenrijkers hebben deze bewust vermeden door een iets langere, vlakkere route via Kosovo. Zonder kaart van Kosovo (ook niet op Osmand) en zonder overnachtingsmogelijkheden op de route te weten, gooien wij ons stuur om en belanden ongepland in Kosovo. Een land dat niet door iedereen erkend wordt en ook onze Polarsteps doet raar en plaatst een doodskop als vlag! Wij erkennen Kosovo als zelfstandig land, ons land #14. Al hoewel we maar 1 nachtje in Gjakova, een Albanees sprekende stad in Kosovo, doorbrengen. Met of zonder kaart bleek het erg ingewikkeld om onze slaapplaats op te sporen. Google en Osmand hebben beide hun ideeën over de locatie. Gelukkig zijn ze ook hier superaardig en komt de eigenaar ons ophalen en voorrijden. Zowel Osmand als Google zaten er volledig naast.
[000570]
Heel veel zien we niet van Kosovo, want het is al laat geworden door het zoeken en donker, maar de overnachtingsplek is smetteloos. Wat heet; wij zijn de eersten die er overnachten, want alles zit nog ingepakt in plastic. Het is allemaal bekostigd met Europees subsidiegeld. Wellicht om het toerisme hier een boost te geven.
De volgende dag zijn we in no time weer terug in Albanië en na een mooie, lange afdaling komen we met 4.000km op de teller aan bij een stuwmeer en de plaats Kukës. De binnenkomst is niet veel belovend, zo langs een vuilnisbelt, (ruïnes van) fabrieksgebouwen en een onooglijk hotel. Maar de eigenaar is een jonge man van een jaar of 30 die redelijk goed Engels spreekt. Zijn vader is (of was, dat is niet helemaal duidelijk) burgemeester van Kukës en hij is maar al te trots op ‘zijn’ stad en laat ons graag de mooie plekken zien. Eigenlijk de enige mooie plek is de boulevard waar, heel gebruikelijk in Albanië, de plaatselijke bevolking vanaf een uur of 7 ’s avonds over heen paradeert. De boulevard wordt voor dit doel iedere avond afgesloten voor autoverkeer. Wij vinden het heel leuk om mensen te kijken en gaan er eens goed voor zitten. Het is maar van korte duur, want een flinke onweersbui spoelt de straten schoon en een kwartier later als het nog steeds onweert, worden de straten van arren moede maar weer opengesteld.
[001843]
Vanaf Kukës gaan we zuidwaarts richting Peshkopi. Langs een rivier en het bergachtige oosten van Albanië. Het is weer een heleboel klimwerk, maar de wegen zijn doorgaans goed. Peshkopi gaan we niet halen, zoveel is zeker, maar we gaan kijken hoe ver we komen. We hebben van onze vriendelijke hoteleigenaar uit Kukës een tip gekregen om in een restaurant bij een waterkracht centrale te lunchen. Dat doen we en na een afdaling, waarbij we 600 hoogtemeters inleveren, laten we ons in ons fietskloffie het eten in het ***restaurant goed smaken. Ondertussen regelen we visitekaartjes, zodat we deze weg kunnen geven als mensen naar onze avonturen vragen. Na een flinke pauze kunnen we weer verder, terug de berg op! De tocht is (wederom) schitterend en de aanmoedigingen van de Albanezen hartverwarmend en heel erg welkom. Echter zoals verwacht gaan we Peshkopi niet halen. We vragen bij een café of we daar de tent op kunnen zetten. Dat mag, maar er zitten alleen maar (dronken en starende) mannen en Hilgien voelt zich daar niet zo lekker bij. Dan nog maar een stukje door en na 1.750 hoogtemeters, 68km en een gemiddelde snelheid van net boven de 11 km/u vinden we uit het zicht, een mooie stukje gras voor ons tentje, uitkijkend over een dal.

[000418]

[000489]

dig

Montenegro met zijn hoogte- en dieptepunten (5-12 augustus 2018)

Nadat we soepeltjes de 2 kilometer file bij de grens ontweken hebben, volgt een lange afdaling naar de baai van Kotor (Herceg Novi). Met prachtige uitzichten over de Adriatische Zee en de baai. In de verte zien we nog net de landtong waar de langgerekte kustlijn van Kroatië op houdt.

In Herceg Novi gaan we weer eens lekker naar het strand en uit eten om te vieren dat we die dag (5 augustus) 6 jaar samen zijn, dat we 12 weken onderweg zijn en dat we land 12 hebben bereikt. Het eten smaakte niet slecht, maar Auke voelt zicht direct al niet zo lekker. De volgende dag weinig verbetering en we leggen met pijn en moeite 45 kilometer af langs de baai naar de stad Kotor. De tocht is de moeite waard, met een leuke tussenstop in het ‘Venetiaanse’ plaatsje Perast en de hoge bergen die langs de baai opdoemen. Kotor zelf is een hele mooie stad met wederom onmiskenbaar Venetiaanse invloeden. Ook doet het wel een beetje denken aan Split. Veel muziek en terrasjes en een lekker sfeertje.[000239]

Vandaag zijn we allebei weer redelijk fit en dat is maar goed ook, want we willen naar de voormalige hoofdstad van Montenegro; Cetinje. We moeten over de berg die de Venetiërs het land de naam Montenegro hebben gegeven. Deze berg rijst steil op achter Kotor en via vele haarspeldbochten bereiken over mooi asfalt en verrassend gemakkelijk de ingang van het Lovcen nationaal park op zo’n 1.000 meter hoogte. Maar we zijn er nog niet. We willen namelijk het park in en we willen naar de bergtop (op ruim 1.600 meter). Op deze top heb je prachtige uitzichten en staat het mausoleum waar ’s lands beroemdste dichter is begraven. Dat betekent nog 700 hoogtemeters extra, maar dan wel over een weg waar werkzaamheden aan worden verricht. En officieel is die juist voor de komende twee uur gesloten. We overleggen bij een restaurantje; kunnen we verder of niet. Advies: 30km omfietsen. Nou nee dank je. Een Frans stel twijfelt ook maar neemt met de auto niet het risico. Ondertussen is het middag, dus heet (30+), terwijl er weinig beschutting is. Het laat zich raden dat die meters door stof en gaten in de weg, een stuk lastiger gaan. Maar we zijn blij dat we ondanks de twijfel de klim gewaagd hebben, want de uitzichten over de baai van Kotor én de andere kant op, zijn fantastisch. En we ontmoeten een Italiaans stel, wat ontzettend goed klikt. Een paar ijsjes, frisjes en koppen koffie verder met ondertussen een waterval aan gesprekken, besluiten we met pijn en moeite verder te gaan naar Cetinje.

[000235]

[000246]

De afdaling aan de andere kant van de berg is totaal anders dan de beklimming vanuit de baai. We fietsen met mooie bochten en door bossen in no time naar beneden en checken in Centinje in in een appartementje. Cetinje zelf is een bijzonder plaatsje. Het is klein en doet dorps aan, maar tegelijkertijd heeft het mooie herenhuizen, kloosters en boulevards. Montenegrijnen beschouwen Cetinje nog altijd als hun culturele en spirituele hoofdstad.

Na twee nachten in Cetinje vervolgen wij onze weg zuidwaarts. Het is een prachtige afdaling naar het plaatsje Rijeka met het vroegere buitenverblijf van de koninklijke familie. Rijeka ligt een stuk lager dan Cetinje en het is dus in de winter een stuk aangenamer. Echter verwacht geen grote, mooie gebouwen te vinden, want het is vergane glorie. Hier en daar kan je met wat fantasie een voorstelling maken hoe het er vroeger heeft uitgezien (een boulevard en een plein met een fontein en mooie lantarenpalen).[000383]

We gaan gauw door naar het meer van Shkodra, met al snel mooie doorkijkjes op het meer en zijn moerasrijke noordelijke kustlijn. Virpazar, aan het meer, blijkt een hotspot voor toeristen te zijn, want ineens zien we bus- en bootladingen mensen. Dat die bootladingen op weg gingen naar pelikanenkolonies, wisten we toen echter nog niet. Wij wilden, na de beren, heel graag pelikanen zien en het Shkodra meer is één van de plekken om ze te zien.[000409]

We fietsen langs het meer van Shkodra in de richting van Albanië. Maar als je verwacht dat dat een heerlijk vlakke etappe is, met af en toe een verkoelende duik, vergis je je. Het is heet, we moeten veel klimmen, er is weinig beschutting en er zijn nauwelijks voorzieningen. Dat was ook precies de waarschuwing van Chuck. Chuck is een Amerikaanse warmshower host en fanatiek fietser, die ooit neergestreken is in Albanië en daar nooit meer vertrokken is. Graag hadden we bij hem gelogeerd en verhalen uitgewisseld, maar helaas is hij zelf een tocht aan het maken door Oost Europa.
Omdat de voorzieningen dun gezaaid zijn, besluiten we (halverwege het meer) een nacht wild te kamperen. Wild kamperen is algemeen geaccepteerd in Montenegro en alhoewel wij ons daarbij nog steeds niet helemaal relaxed bij voelen, wagen we het er een keer op. Nog steeds worstelend met de hitte en het klimwerk (maar genietend van de uitzichten over het meer), worden we door een wijnverkoper ‘gemaand’ bij hem even op adem te komen en wat te drinken. Na een lichte aarzeling, accepteren wij de uitnodiging, want ons waterpeil is erg laag geworden. Het glas water wordt gevolgd door een fles water, druiven en koffie. Na ongeveer anderhalf uur (!) willen wij onze tocht vervolgen, maar het leek ons gepast als tegendienst een fles wijn te kopen. Als we vertellen waar wij willen gaan kamperen, stopt hij ons brood, ham, tomaten en paprika’s toe. Onderweg ernaartoe blijkt er niets te krijgen. Wat een vriendelijkheid!

bty

Eenmaal aangekomen bij het strand hebben we de keuze; links naar een camping of rechts het strand op en kijken of we kunnen wildkamperen. We kiezen voor een wandelpad over de rotsen naar rechts. Niet de makkelijkste route met de fiets. We nemen gelijk een duik in het meer. Niet al te verfrissend want het water is een graad of 30. Maar ach, het went. En ja hoor, daar zijn onze Franse ‘vrienden’ ook weer. We zijn ze nu al twee keer eerder tegen gekomen; één keer in het Lovcen NP (zij reden wel 30 km vanwege werkzaamheden om), één keer vlak voor Virpazer (ze kwamen een zijpad in waar we net lunchten) en nu dus weer. Het stel is mateloos geïnteresseerd in ons avontuur en je zou bijna denken dat we gestalked worden 😉

dav

Er staan een paar tentjes op het strand en we checken even of we de tent erbij kunnen zetten. De camping ligt immers 100m verderop. Geen probleem. Zodra we gegeten hebben en de tent staat, wordt Hilgien enorm misselijk. Die nacht gaat alles tot de laatste druppel eruit. Was het dan toch iets in het eten? Of het water? Het is ook nog eens ontzettend heet. ’S nachts koelt het helaas niet veel verder af dan een graad of 28. Dat zal niet helpen. De volgende ochtend wordt een hele zware voor Hilgien. We staan aan een meer en er zijn geen voorzieningen of eten / drinken te verkrijgen de buurt. Behalve die camping waar ze ons wel graag wilden hebben en waar we NIET heen zijn gegaan. We durven niet met hangende pootjes terug. Hilgien is totaal leeg en er gaat niets in. Het volgende dorp ligt 25 kilometer verderop. Het klimwerk op de hoofdroute valt mee, maar om op de hoofdroute te komen, moeten we eerst ruim 300 meter omhoog zien te komen, met bovendien pittige stijgingspercentages. Het lukt met veel moeite om de hoofdroute te bereiken, waarbij Auke grote stukken om beurten beide fietsen omhoog fietst.
We proberen hulp te zoeken bij passerende auto’s, als Simon aan komt fietsen. Simon fietst even in 5 weken van Rotterdam naar Athene. Pardon zeg? Dat is pas knallen, als je bedenkt dat wij al 3 maanden onderweg zijn om in Montenegro aan te komen! Simon blijkt regelmatig praatjes te houden bij Bike4travel in Rotterdam, waar wij de fietsen gekocht hebben. We wisselen kort wat ervaringen uit, maar we kunnen niet zo heel veel voor elkaar betekenen. Al hoewel we later door een automobilist wat flesjes drinken aangeboden krijgen, met de groeten van Simon, wat geweldig! Dank Simon. Het lukt vrij snel een auto aan te houden. Helaas kan Hilgien en haar fiets niet mee, maar er is wel plek voor haar bagage. Dat scheelt in elk geval. We krijgen nog een fles water toegestopt en na een tocht met enorm veel pauzes bereiken wij het plaatsje, waar ook de bagage is achtergelaten. De teleurstelling is enorm als blijkt dat er geen hotel (meer) is. De enige mogelijkheid is 8 kilometer verderop. Aan het meer. Daar kan Hilgien hopelijk herstellen. De adviezen van een vriendelijke en bezorgde barman om een infuus te halen bij de medische post van het dorp, negerend. Het lukt om Ckla te bereiken en we blijven daar twee nachten om Hilgien te laten herstellen. Dat gaat maar moeizaam, dus op dag 2, biedt onze gastvrouw aan, om Hilgien alsnog naar de medische post te brengen voor een infuus. Het lijkt te helpen, want na twee nachten is Hilgien voldoende hersteld om het laatste stuk af te leggen naar de grens met Albanië.

dav

Hilgien bij de medische post. Let ook eens op de muur achter haar. Dan vallen onze (voormalige?) vochtproblemen thuis toch best mee 😉

Montenegro is een mooi land met gastvrije mensen. We hebben er (te) weinig van gezien. Landinwaarts hebben we een paar mooie parken laten liggen. Gelukkig heb we wel de Montenegro beklommen. Dat we allebei(!)in deze week ziek werden, is een domper geweest. Tijd voor een nieuw land.

Bosnië, zichtbare littekens (30 juli-5 augustus 2018)

We nemen vroeg de ferry om richting Herzegovina te gaan. Weg van de kust en zeker weg van het overtoeristische Dubrovnik. Kroatië is zo ver naar het zuiden, nog maar een smalle kuststrook, dus dezelfde dag passeren we de grens naar (Bosnië)Herzegovina. Voor een belangrijk deel volgen we de rivier de Neretva richting Mostar. Het is opnieuw vreselijk heet, dus deze rivier vormt een heerlijke, verfrissende afleiding. Elke 10 km even een stop en een duik!

We melden ons in Mostar voor een gratis rondleiding bij de plaatselijke VVV. Onze gids is een 42-jarige Bosniër (voor de beeldvorming om direct maar wat hokjes te benoemen: religie: van huis uit Moslim, maar niet praktiserend, met een wat verwilderde hipster baard). Hij weet ontzettend veel te vertellen in prima Engels. Om te beginnen een stuk oude historie over het ontstaan van de stad en de grote invloed die het Ottomaanse rijk eeuwenlang heeft gehad in de stad. Dat is overduidelijk te zien aan de wirwar van oude straatjes met moskeeën, eethuisjes, winkeltjes en natuurlijk de oude brug waar Mostar naar vernoemd is: Stari Most. Deze beroemde boogbrug uit de 16e eeuw is de trekpleister van Mostar en de belangrijkste reden dat de oude stad een Unesco werelderfgoed is. De brug heeft vele oorlogen doorstaan, maar de Bosnische oorlog is de brug uiteindelijk fataal geworden. Inmiddels is deze in volle glorie hersteld en springen er weer mensen (meestal jonge mannen) van de gemiddeld 21 meter boven de Neretva rivier uittorenende brug. Ook over de springtechniek en het duiken weet onze gids nog een paar belangrijke tips te geven. Wij houden het bij onze sprong van een 8 meter hoge spoorbrug boven de Una. Dat was ons hoog genoeg!!

[001842]

De wat recentere geschiedenis van Mostar kent ook een Oostenrijks-Hongaarse periode, met belangrijke stadsuitbreidingen, inclusief bruggen en het aanleggen van een spoorlijn. Echt interessant wordt het voor ons pas als we aankomen bij de Joegoslavische periode en het uiteenvallen van Joegoslavië en daarmee het uitbreken van de Bosnische oorlog. In het westen heerst de opvatting dat Mostar altijd in een tweeën gesplitste stad is, met aan de ene kant van de rivier de Kroaten en aan de andere kant de Bosniakken (Moslims). Dat is min of meer de situatie nu, maar voor de oorlog was het een heel gemengde stad met Bosniakken, Serven en Kroaten, min of meer gelijkmatig door de stad gemixt. Ja en waar ging die oorlog over? Eigenlijk niet door ons als buitenstander te begrijpen of uit te leggen, maar toch maar een poging. In het Joegoslavië van Tito was religie en etnische achtergrond taboe: ieder mens was geacht gelijk te zijn aan de ander. Of het echt zo was of werkte is moeilijk in te schatten, maar met de dood van Tito, begonnen er nationalistische gevoelens op te spelen onder de verschillende deelrepublieken.

Toen Bosnië-Herzegovina zich onafhankelijk verklaarde hadden de Serven en de Kroaten het gevoel als minderheid in een land achter te blijven. Liever wilden zij zich aansluiten bij Servië of Kroatië of zich helemaal niet afscheiden van Joegoslavië. Juist omdat de bevolkingsgroepen zo verspreid zijn door heel Bosnië-Herzegovina, was dat een bijna niet op te lossen probleem. Overigens is er feitelijk geen sprake van bevolkingsgroepen; het is één volk, met één taal (geschreven in Cyrillisch of het Latijnse alfabet) en drie soorten religies. De Serven Orthodox, de Kroaten Katholiek en de Bosniakken Moslim.

De gevolgen van de ingewikkelde oorlog is (bijna) overal zichtbaar in Bosnië Herzegovina: kapot geschoten, beschadigde en verlaten huizen en panden. Een trieste aanblik. Ondanks het recht van mensen om na de deportaties en zuiveringen terug te keren naar hun oude huis, hebben veel mensen het geld niet om hun huis te herstellen, of ze willen niet terug naar de plek waar ze vroeger gewoond hebben. Voor overheidsgebouwen geldt dat deze feitelijk geen eigenaar hebben, omdat die eigendom zijn van de oude staat Joegoslavië. Pas als zich 25 jaar geen eigenaar heeft gemeld, vervalt het gebouw aan de staat Bosnië-Herzegovina en kan daarmee de ruïne aangepakt worden. Nog 2 jaar wachten dus…

[001793]

Onze gids kwam niet over als een pessimist, maar hij was wel sceptisch over de toekomst van Bosnië-Herzegovina en Mostar. Er is veel corruptie, armoede en een hoge werkloosheid en de Serven, Kroaten en Bosniakken leven niet met elkaar, ook al delen ze een land. En dat begint eigenlijk al bij de lagere school, waar kinderen niet naar gemengde scholen gaan. Ontzettend jammer, want het is zo’n mooi en uniek land.

’s Ochtends vroeg op, om niet op de fiets, maar in de trein te stappen, voor de verandering. Sinds een jaar is de spoorlijn tussen Sarajevo en Mostar in ere hersteld. Met moderne treinen wordt twee keer per dag heen en weer gereden over het traject. De omgeving waar je doorheen komt is prachtig: (karst)bergen, rivieren en alles is super groen. Oké af en toe wordt het beeld ontnomen door één van de 68 (!) tunnels, maar dat verhoogt eigenlijk alleen maar het spektakel. Ook (of juist) Sarajevo heeft geleden onder de oorlog, maar vreemd genoeg zie je daarvan minder terug dan in andere steden. Misschien omdat het de hoofdstad is, misschien omdat hier veel (internationale) hulp naartoe is gegaan. Hoe het ook zij: de stad oogt vitaal en bovenal divers. Moskeeën en kerken staan door elkaar heen. Oud en nieuw gaan hand in hand. Oost ontmoet West.

Wij besluiten ook de bobsleebaan te bezoeken. Welke deel uit maakte van het Olympische complex gebouwd voor de winterspelen van 1984. Het feit dat deze berg een strategische positie had, waar vandaan de stad door de Serven meer dan drie jaar lang, systematisch beschoten is, is interessanter en indrukwekkender dan de bobsleebaan zelf. Deze betonnen overblijfselen zijn beklad met graffiti, maar verder eigenlijk niet interessant. Wat vooral jammer is aan de keuze om naar de bobsleebaan te gaan, is dat we door hevig onweer een uur of twee opgesloten zitten op de berg. En dat terwijl we maar 8 uur hebben om de stad te bezoeken. Alhoewel jammer; zeiknat beschutting zoekend komen we bij een stel Bosniërs terecht die ons droge kleren en koekjes aanbieden. Zo horen we wat verhalen over het Sarajevo ten tijde van de Bosnische oorlog. Heel interessant, alhoewel we hier eigenlijk niets over durven te vragen, want het is wel duidelijk dat de wonden diep en nog relatief vers zijn. Beter is de gesprekken maar over wat luchtiger onderwerpen te houden.

Als de regen opgetrokken is, is er helaas weinig tijd meer over om de stad te bekijken en dus gaan we linea recta naar het station. Terug naar Mostar. Met de trein. Het bezoek aan Sarajevo was al kort, maar de regen heeft ons bezoek echt te kort gemaakt. We moeten nog eens terugkomen!
[000178]
De volgende dag vertrekken we vroeg weg uit Mostar. We gaan op weg richting Montenegro en willen onderweg Blagaj aan doen. Bij Blagaj stroomt een heldere waterbron, pardoes uit de rotsen, wat op zich al een bezienswaardigheid is. Maar naast deze bron staat een oud huis/gebedshuis dat voor islamieten, een belangrijk bedevaartsoord is. Helaas zijn wij zo vroeg vertrokken voor de hitte, dat het huis nog niet open is. Hilgien gooit echter voldoende charmes in de strijd om toch de deur voor ons geopend te krijgen. Het is mooi en het is duidelijk dat het een grote betekenis heeft, maar niemand die ons er iets over kan vertellen; we hebben geen internet in Bosnië en communiceren moet dus met handen en voeten.
[000248]
Na een overnachting in het stadje Trebinje (in de Servische Republiek Bosnië), waar midden in de stad een heerlijk strand aan de rivier ligt, gaan we op weg naar Montenegro. En zoals we al vaker hebben gemerkt in de Balkan, ligt een grens meestal op een pas. Zo ook nu. Het is warm, of liever gezegd, het is weer eens heet. Voor de grens staat een enorme file van huiswaarts kerende Albanezen. Gelukkig kunnen wij met onze fietsen langs de file heen naar de grenspost van het 12e land: Montenegro.

Wij fietsen voor HDKT. Heb jij al gedoneerd? Klik hier voor meer informatie en doneren.

Kroatische kust (23-30 juli 2018)

Echt vroeg(er) op en om 8u00 de warmte iets voor zijn en gelijk starten met een klim. Wooh, goede beslissing gisteren, deze klim is heftig en het is nu zeker 10’C frisser (20’C). Ook de rest van de dag is het wat frisser, door wellicht de hoogte en bewolking. Dat maakt fietsen een stuk makkelijker. We knallen 108 km door, ondanks best wat reliëf, maar klimmen en dalen wisselen elkaar goed af. Vandaag gaan we grenzen over! Vandaag gaat alles beter dan gisteren. We maken sinds 1 maand voor het eerst weer een afstand boven de 100km. We bereiken een snelheidsrecord van 71,6km pu, terwijl het record die 8km lager lag. En we gaan weer de grens van Bosnië-Kroatië over, waarbij we lang moesten wachten en 2 waarschuwingen krijgen. Fotograferen mocht écht niet en het met koeienletters aangeduide toiletgebouw mocht niet bezocht worden. Waarom de douane beambte nog even zijn hokje uitkwam om onze fietsen van achteren te bekijken, weten we niet. Misschien wilde hij weten of we gemotoriseerd waren of niet, maar hij duldde geen vragen.

Tot slot van deze grensverleggende dag gaan we wildkamperen. Het enige stadje van omvang die we passeren heeft alleen dure accommodaties en er is voldoende natuur. Dat we meer en meer in een rotsachtig gebied kwamen, hadden we niet bedacht. Het lage struikgewas, de vergezichten, de rotsachtige ondergrond en de doorns maken het vinden van een plekje niet makkelijk. Als we meer beschutting vinden staan er waarschuwingsborden vanwege landmijnen…. Oops. Is ook zo.
IMG_20180723_200355
Een verlaten huis lijkt vaker te worden gebruikt en niet alleen om te slapen, maar vooral als toilet. We zien vlakbij een paadje naar een meer grassige ondergrond en meer beschutting. We wurmen ons tussen de stekels door en settelen ons om eerst maar eens te koken. Later plaatsen we toch ook de tent. Er blijkt een huis op nog geen 100m van ons vandaan te staan, wat we merken aan een auto die 2x vlak langs ons rijdt. Later komt er een auto en die stopt vlakbij en blijft er een eeuwigheid ( half uurtje?) staan. Het stationnetje voor ons is blijkbaar in gebruik, even later stopt er een trein en iemand stapt in de auto en de auto vertrekt dan eindelijk. Pfff. Toch niet helemaal relaxt dat wildkamperen. In Bosnië was het legaal, in Kroatië staat er een forse boete op.

Na een slechte nacht zijn we om 7u00 op pad en om 10u00 zijn we al in Trogir, een schattig plaatsje die we eerst bekijken om daarna de hitte te ontvluchten onder een parasol aan het hutje mutje volle strand. Wat is het water zout maar heerlijk! Vanaf Trogir nemen we een boot naar Split, waarmee we de drukke doorgaande weg vermijden en Kroatië vanaf het water kunnen bekijken. In het prachtige Split hebben we een airbnb geregeld voor 32,-,. Veel te veel voor een aftands huis, te vies om te verhuren en waarbij alles van ellende uit elkaar valt. Steden als Split zijn populair, accommodaties duur en airbnb viert hoogtij. Het is inmiddels 21u15 als we in het centrum zijn en zijn enorm verrast door het unieke karakter en schoonheid binnen de muren van een voormalig paleis of eigenlijk een fort. Net een medina! Maar dan geen opdringerige mensen, wel terrasjes, restaurants, winkeltjes en smalle straatjes. We vinden een mooi maatje Kroatische vlag. Sinds Kuterevo fietsen we allebei met een kale stok zonder oranje vlaggetje. Een oranje vlaggetje is niet te vinden. We raken gewend aan McGyveren en kunnen 2 Nederlandse vlaggetjes creëren van de Kroatische vlag. Het knipwerk doen we vanzelfsprekend buiten het oog van de Kroaat 😉

Met de bergen op de achtergrond, de zee op de voorgrond ligt de stad prachtig. Gezien de Easyjets die we voorbij zien komen is het een perfecte bestemming voor een weekend weg, of beter 1-2 weken weg, met wat eilandjes erbij. (Al is vliegen natuurlijk niet zo milieuvriendelijk als fietsen 😉

dig

Het is inmiddels woensdag 25 juli, we verlaten het vaste land voor twee eilanden en halen juist de ferry naar het eiland Brac. Wat fijn om een fiets te hebben, want een ticket kopen bij een balie 1 km van de boot gaat een stuk sneller met de fiets! Binnen een uur komen we met de enorme auto veerboot aan in Supetar. Rondje lopen, boodschappen halen en info inwinnen waar we naar toe moeten. Een zandstrand lijkt ons wel wat. Wel als de zon schijnt en dat doet het niet meer zodra we in het water staan. Alles inclusief de fietsen staan uitgestald als miezer, echte regen wordt. Er is een terrasje waar we onder de parasol kunnen schuilen met de badkleding nog aan. We vragen nogmaals naar de beste route naar de overkant, naar Bol, de plek to be volgens iedereen. Links om (door)? Of rechtsom (een stuk terug via dezelfde route, iets waar we een hekel aan hebben)? Ook hier wordt er voor ons druk overlegd, iemand gebeld en zo worden we van advies voorzien. Het wordt linksom, gelijk klimmen, wat altijd pittig blijft. Voor verkoelende dranken en eten gaan we het stadje Pucisca in. We zijn beide gelijk enthousiast over de plaats; wat een fijne atmosfeer, wat een prachtig stadje en wat leuk die waterpolo wedstrijd in de zee! We blijven er een uurtje genieten. Blijven of door? We vinden alleen maar slaapplaatsen voor meer dan 120,- en besluiten de watervoorraad aan te vullen voor een nieuwe poging wildkamperen. Nog geen 3 km de berg op, totaal bezweet vinden we een zijpad en beschutte locatie. Koken. Het is donker. Hier slapen. Tent opzetten is teveel werk, de temperatuur is vrij hoog en dus leggen we de matjes op de stenen en slapen in de open lucht. Een klein beetje insectenrepelend en we blijven vrij van muggen. We liggen in een haarspeldbocht dus elke auto remt hier wat af, wat toch wel spannend is. Een auto kan hier ook inrijden…. Auke snurkt binnen 5 minuten, Hilgien na uren nog niet. Misschien is het wildkamperen toch niet zo’n goed idee….
20180725_19033620180725_191658
Dan is het 6u00, de wekker gaat, we eten snel wat en beklimmen verder de bergrug naar de andere kant. Het is al behoorlijk heet! Maar om 9u00 rollen we al Bol in en checken gelijk bij een camping in. Hmmm.. best een raar tijdstip. Deze klim hadden we gisteren echter nooit meer gered…. De familiecamping is fantastisch, veel schaduw, leuk aangekleed, goede faciliteiten. Alle tijd en mogelijkheden om te wassen, de spullen weer wat te sorteren, te douchen en de stranden op te zoeken. Bol zelf stelt niet veel voor, het draait hier om Zlatni Rat, de zand (stenen) uitstulping die overdag helemaal vol ligt met zonnebadende mensen en de mooie kleuren zee eromheen. Wij blijven hier 2 nachten, zo kunnen we ook een 3 uur durende wandeling maken. Dit naar de hoogste berg van de Kroatische eilanden Vidova Gora en op deze manier Zlatni Rat van boven bekijken. Weer relax dagen 😉
[000075]P1010632 - kopie
Vanaf Bol kan je de boot nemen naar Hvar. Na wat uitzoekwerk vinden we een boot die ook fietsen accepteert, want dat is niet zo standaard. De geschikte boot is eigenlijk een excursieboot en zo zitten we om 9u00 al aan een glaasje wijn. De 2 uur durende overtocht vliegt voorbij door dat we in gesprek raken met een supergezellig Nederlands gezin. We praten aan één stuk door, spotten een dolfijn en bereiken de Kroatische variant van Monaco; Hvar-stad. Het is een mooie indrukwekkende stad met een enorm klooster op de berg, bergen rondom, de zee op de voorgrond en allemaal witte huizen en jachten. Een stad om hooguit een paar uurtjes te vertoeven, dus vertrekken we op de fiets om 11u00 als de temperatuur al ruim boven de 30’C is.

P1010662

Voor we het stadje goed en wel uit zijn, zijn we alweer oververhit. Rijwind en weer dalen helpt gelukkig altijd. En een duik in de zee al helemaal! Aan het eind van de middag moeten we toch echt wel een keer weer gaan fietsen, terwijl de hitte nog niet minder wordt en dat in combinatie met bergen maken het zwaar. Als we vervolgens een gravelweg opgaan, praktisch zonder schaduw en bij zowel stijgen als dalen de volle concentratie aan moet, wordt het helemaal pittig. Maar hoe hoger je bent, hoe mooier de uitzichten. En daar kunnen we goed van genieten! Na een kilometer of 25 hebben we het wel gehad en zoeken een camping op. Eén groot nadeel; die ligt meestal direct aan zee en dus verliezen we alle hoogte… dat wordt nog wat voor morgen!

P1010624

We vinden de tent opzetten en afbreken teveel moeite en slapen weer onder de heldere hemel. De tent is erg warm, maar de muggen waren ondanks insectenrepelend nog net wat vervelender… Een brakke nacht met 3-5 uur slaap staat niet in verhouding tot de moeite de tent op te zetten… Blijkt achteraf..
Vroeg starten wordt toch iets later, 7u15 op pad om te starten met een klim terug naar de weg, die we grotendeels moeten lopen…. Voor een open supermarkt op dit eiland en een zondag moeten we het volgende dorp weer afdalen, maar we moeten wel, want alles is op en onderweg lijkt er weinig te halen. Als het 8u00 is is het al warm. Veel te warm. En we klimmen nog altijd meer dan wat we dalen. Voor verkoeling kunnen we nergens zwemmen, rivieren en beken zijn hier niet en de zee ligt 300-400 hoogtemeters lager… Natte bandana, nat handdoekje aan het stuur en lauw drinken brengt ons onverwachts toch nog 60km verder. Om 15u30 liggen we aan zee, koelen af in het water en besluiten op de prachtige camping in Sucuraj te blijven. De fantastische zonsondergang en een zandbodem in zee zijn de overtuigende factoren. Al hoewel we überhaupt niet meer in actie willen komen. Tot onze aangename verrassing komen we onze Duitse vrienden Misha en Steffi weer tegen. Zij waren de regen in Bosnië zat en wilden in Kroatië nog wat zon pakken!

P1010732