Korea, deel 5: Van Seoul naar Mokpo 4 t/m 12 oktober

Vrijdag 4 oktober

Vanuit de Jjimjilbang gaan we terug naar ons voormalig hostel om alle achtergelaten bagage op de fietsen te hijsen. We zijn klaar voor de rivierenroute! Hoh, eerst nog ‘even’ langs de kliniek voor plastische en cosmetische chirurgie in Gangnam. We hebben de afgelopen 1,5e dag getwijfeld of we door willen zetten. Het is tenslotte je gezicht. Beter een minder mooie plek in je gezicht waar je gewend aan bent geraakt dan een verminking. Hoe kan je in vredesnaam de kwaliteit van een kliniek beoordelen op basis van een kort gesprek en paar Google reviews? Toch besluiten we door te zetten. We melden ons, krijgen een verdovingscrème opgesmeerd en gaan beiden onder het mes. Of liever; onder de laser. Het is een fluitje van een cent. In 5 minuten is het gepiept en staan we met een dotten crème in het gezicht buiten. Het ziet er al verrassend goed uit, nog even een paar weken afwachten wat het uiteindelijke resultaat zal zijn. Zo, helemaal aangepast aan de Koreaanse cultuur, waar alles draait om uiterlijk en perfectie.

Voor de behandeling en een maand later

Nog even langs COEX en de nabijgelegen Bogeungsa tempel. Prachtig toch weer, zo’n oase van rust in een gigantische, drukke stad. En dan… écht op pad via de Hangang rivier, op weg richting Mokpo in het zuidwesten van het land.

We fietsen een stuk op met een Koreaanse fietser die in 4 dagen van Seoul naar Busan fietst. We komen vaker fietsers tegen die één van de rivierenroutes van een paar honderd kilometer in een paar dagen willen afvinken. We zien het als de prestatiedrang van de Koreanen; als je fietst, dan moet het een heuse fietstocht zijn. Deze fietser met een buikje en gloednieuwe fiets geeft het vermoeden dat (ook) hij niet vaak fietst. De fietser geeft ons een snoepje die we beide zo in de mond stoppen. Wat hebben we nou geleerd over snoep aannemen van vreemden…??? Hij blijft een tijdje voor ons fietsen en ons in de gaten houden. Dan komt hij naast ons fietsen en met gebrekkig Engels voeren we een redelijk gesprek tot we bij een supermarkt afslaan. Hij fietst door. Als we juist weer opgestapt zijn, staat hij weer voor ons. Hij raadt ons voor de overnachting een tentveldje op een klein eilandje aan. Hij heeft zelfs alvast polshoogte voor ons genomen. Het is een prachtige plek en het is een mooie tijd om de tent op te zetten, al wilden we eigenlijk nog wat verder. Alhoewel… in een halve dag hebben we reeds 80 kilometer afgelegd en het begint te schemeren. Is het wel verstandig om zomaar zijn adviezen aan te nemen? Eerst een verdovend snoepje… dan op een verlaten eilandje kamperen… Is dat wel zo verstandig?…

We hebben echter met onze fietstocht zoveel vertrouwen in de medemens gekregen..! En het is Korea! Want ja, zo gaat dat hier. Hij is een Koreaan; hij wil graag iets geven aan die buitenlandse fietsers. Met zijn zéér beperkte bagage, kan hij alleen een snoepje en adviezen kwijt. Dus dat geeft hij met alle liefde. Al kost het hem kostbare tijd… Of hij zijn planning nog haalt? Hij zal nog flink aan de bak moeten, want hij zal nog een kilometer of 500 te gaan hebben in 3 dagen. Succes!!

Op het veldje staat één ander tentje, met één kampeerder. Als wij de tent opzetten, komt de buurman naar ons toe. Hij is nog alleen, maar er volgt een feestje met vrienden. En het kan laat worden. Of wij dat erg vinden? Hmmm. We willen hier inmiddels niet meer weg, dus zetten de tent iets verderop neer en stemmen in. Als hij later met bier en fris aan komt zetten, heeft het er alle schijn van dat de nacht niet zo rustig gaat worden als wij graag zouden willen. Nou ja, we zien het wel. We zijn moe en voldaan en denken toch wel te kunnen slapen…

Om 3:00 uur ‘s nachts hebben de andere veldbewoners een slokje genoeg op en is het geluid teveel geworden. We gaan toch maar even vragen wat zachter te doen en halen de oordoppen onderuit de tas. De eerste keer na 16,5 maand reizen dat we die nodig achten…! We slapen lekker verder tot de wekker van 6:00 uur. Altijd te vroeg.

Zaterdag 5 oktober

Met 105 km in de benen komen we aan in Chungju. We willen weer wildkamperen en we zien diverse geschikte plekken aan de rand van de stad, langs de rivier. Toch twijfelen we. Hilgien voelt zich niet heel lekker en we besluiten een hotel te boeken. We hebben nauwelijks ingecheckt of Hilgien wordt echt ziek. Een juist besluit, die emmer en toilet bij de hand blijken nodig.

Zondag 6 oktober

Hilgien is flink ziek. Opnieuw een voedselvergiftiging? In Korea? Het heeft er tot onze grote verbazing alle schijn van. Hilgien heeft helemaal niets binnen kunnen houden en heeft geen energie. We moeten een dag extra blijven. Ik doe ook niet zoveel. Op een kilometer 15 van Chungju ligt de Chungju dam waar nog een stempelpost is. Dat wordt mijn uitstapje. Helaas zijn er allerlei werkzaamheden aan de gang, waardoor ik totaal geen goed zicht op de dam heb. Ach ja, ik ben even buiten en het weer is heerlijk.
Ondertussen krijgen we van de hoteleigenaar allerlei etenswaren toegestopt om gezond te worden/te blijven. Met name appels. Overheerlijke appels. Die gemiste appels die wij steeds te duur vinden. Die man kent blijkbaar de uitdrukking ‘an apple a day, keeps the doctor away’.

Maandag 7 oktober

Hilgien lijkt (van alle appels 😉 voldoende hersteld, dus we gaan weer op pad. We zien nu waar al die appelcadeautjes vandaan komen: Chungju is de appelstad van Zuid-Korea. Overal boomgaarden en zelfs langs de weg tig (openbare) appelbomen. We plukken de appels en de dag, ze zijn te lekker om te laten liggen.

In het vrij vlakke landschap is aan de overkant van de rivier ineens een rotswand. Een hele dunne rotswand. Op één punt heeft een zijriviertje zich een weg door de rotswand heen gebaand en komt als waterval in de grotere rivier terecht. Een bijzonder plaatje!

Het weer wordt snel slechter en het begint te regenen. We hadden graag de extra rustdag willen compenseren door een goede afstand te fietsen. Hilgien is echter nauwelijks beter en van regen houden we nou eenmaal niet. Na 35 km bereiken we het stadje Suanbo. Een stadje met warmwater bronnen en zat hotels, tijd om in te checken. De rest van de dag blijft het regenen. Het stadje is desondanks sfeervol en bijzonder door een enorme overload aan neonverlichting.

Dinsdag 8 oktober

Nog een klein stukje volgen we de rivierenroute richting Busan, maar al snel gaan we zuidwestwaarts, op weg naar de westkust.

Hilgien heeft last van een zwabber wiel. We proberen te achterhalen wat het is. Ik denk dat het achterwiel los zit en draai de quick release aan. Iets te goed, want KNAP de quick release breekt. Oh nee, niet weer! Déjà vu van India. Zonder deze ‘as’ valt er niet te fietsen. Gelukkig hebben we toen een tijdelijke as laten maken én gehouden. Voor het geval dat. Nu dus. En nu maar hopen dat hij sterk genoeg is, tot de vervanging.
Zo nu en dan horen we bijzondere geluiden in de verte. Het is een soort gil, een soort roep. Moeilijk te omschrijven wat het precies is. Tot we bij vele, enorme schuren komen. Het zijn herten! Herten die naar alle waarschijnlijkheid gehouden worden voor het vlees. Wat kunnen die een lawaai maken!

We maken een flinke dag van meer dan 100 km en gaan wildkamperen. De zon is net onder en de temperatuur gaat snel naar beneden. We zien op de weersvoorspelling dat het een frisse nacht wordt met temperaturen net boven het vriespunt. Brrr, daar zijn we slecht op ingesteld met onze dunne slaapzakken en een lek matras. Gelukkig heeft de tent een flinke isolatiewaarde, iets waar we tot heden juist last van hadden. Met extra kleren aan, duiken we bij het vallen van de avond zo snel mogelijk de tent in.

Woensdag 9 oktober

Het was echt koud. Met veel kleding aan, kleding in de slaapzak, handdoek onder het matje tegen optrekkende kou, jassen over de slaapzak tegen vallende kou en de mummieslaapzakken over het hoofd aangesnoerd trotseerden we de kou. Het ken net…! Om 6:00 uur worden we wakker van de wekker. Geen haar op ons hoofd die er over denkt de tent te verlaten. Na de fietskleding in de slaapzak op te warmen en in de slaapzak om te kleden lukt het de tent te verlaten. Brrrr…. We gaan de tent weer in. Koffie zetten en warme melk maken voor de cornflakes kan ook in de voortent. Fijn; die warme dranken en nog altijd in de tent! Om 8:00 uur hebben we de doorweekte tent eindelijk ingepakt en kunnen we ervandoor. Handschoenen aan, extra jassen aan en genieten van een dampende, ontwakende en opwarmende omgeving. Dat is toch wel erg mooi!

Bij een stempelpost komen er wat fietsers om ons heen staan. Na de gebruikelijke ‘Waar kom je vandaan? Waar ga je heen? Komt de fiets uit Nederland?’ Valt het kwartje bij ze en is duidelijk dat we uit Nederland zijn komen fietsen. Veel vragen volgen. Waar slaap je? Hoe was je je als je kampeert? Hoe doe je het met koken? Om te eindigen met nogal wisselende reacties; van een enthousiaste ’Dat wil ik ook!’ tot meewarige reacties ‘wat doe je jezelf aan?’;). Als cadeautje krijgen we een pakje wetwipes. Want ja, ze geven graag iets en dat is het enige wat ze kunnen missen.

Een stempelpost verder gebruiken we om de tent uit te hangen en te drogen en een tweede ontbijt. We zijn alweer 3u en nog geen 10 km verder na het eerste ontbijt. Het zonnepaneel gaat uit, we checken een supermarkt en de tijd vliegt. Als we willen gaan, worden we opgehouden door een (oefening voor een) straaljagershow. Super grappig en leuk om te zien, zo vlak boven de stad.

We fietsen langs een rivier met tegenwind. Net als bijna alle dagen in Korea. Bij de lunchpauze om 14:00 is het tijd ook de matjes en slaapzakken te zondrogen. We bakken en koken ondertussen verse eitjes en genieten van de lunch. Deze pauze neemt wederom een uur in beslag. Wat een trage dag met meer pauzetijd dan fietstijd! Een fietser komt langs en trakteert ons op een stuk of 10 mini-appeltjes. Zo groot als aardbeien met in het midden een pit. Ze zien er niet uit, maar smaken heerlijk! Als we vertrekken vraagt een andere fietser welke kant we op fietsen; dezelfde als hij gaat. Hij vraagt waar we slapen en geeft tips voor wildkampeerlocaties. Even later vragen we ons af waar de vraag eigenlijk vandaan komt. Dan komt hij aanfietsen. Chang spreekt erg goed Engels en vertelt in Nederland te hebben gewoond en gewerkt. We kletsen een eind af tot hij aangeeft in een motel te slapen boven een heerlijk restaurant. Voor dit eten fietst hij 115 km. En… morgen 115km terug! Als wij in hetzelfde motel gaan slapen, neemt hij ons mee uit eten….! Het motel kost 35.000 won, wat heel netjes is, dus we overwegen het. Het aanbod is erg verleidelijk. Zonder dat we volmondig ja hebben gezegd, heeft hij al besloten voor ons. We fietsen naar het motel, hij regelt dat alle fietsen binnen kunnen en een half uur later zitten we te smullen. Een hoofdmaaltijd van 3 schaaltjes rijst, soep met zeewier en slakjes en ei. Daarnaast 13 bijgerechten (o.a. paling, gedroogde visjes, kwarteleitjes, pompoen en natuurlijk kimchi). Hè vervelend allemaal, weer niet wildkamperen 😉

Donderdag 10 oktober

Chang trakteert ons ook nog op ontbijt, van zelf betalen of trakteren is geen sprake. Het is op India na één van de eerste keren deze reis dat we buiten de deur ontbijten. We wisten niet eens dat er ’s ochtends vroeg restaurants open zijn. Het ontbijt blijkt weinig anders dan het avondeten: een warme maaltijd met rijst en bijgerechten. Slakjes in de soep gaat ons net iets te ver op dit tijdstip;)

Het is een beetje een grauwe dag vandaag, maar we hebben een hoogtepuntje te vieren: er staat 23.000 km op de teller! Onderweg fietsen we over een dijk met kilometers lang plastic windmolentjes langs de weg. Wat een kleurrijk, vrolijk geheel toch weer; Korea viert met ons mee;). Zuid-Korea blijft dag na dag aangenaam verrassen met leuke en mooie dingen!

We fietsen over dammen, lange rechte wegen en beschilderde fietspaden. Buffelen, zo aan zee, want het blijft tegenwind. We komen uit bij een gratis camping aan het strand, of in elk geval een plek die als camping door kan gaan met wc’s en een mooi stukje gras. Douches zijn er ook, maar helaas afgesloten. Dat houdt ook andere kampeerders niet tegen hier te kamperen, het is er druk met 3 tenten en auto-kampeerders.

Vrijdag 11 oktober

We kruipen uit ons tentje en binnen de kortste keren komen er mensen langs om een praatje te maken. Zo ook een auto-kampeerder. Na een kort praatje, komt hij terug met een broodje bapao en zeewier. Cadeautje. Alweer. De typische vrijgevigheid van de Koreanen. Wat zijn ze toch lief!
In eerste instantie hebben we een mooie kustroute en bezoeken we de mooie, lokaal beroemde Naesosa tempel.

De weg waar we op fietsen verandert vervolgens in een drukke weg. Jammer, echter het is wederom prachtig fietsweer en het schiet wel lekker op. Het moet zo af en toe maar een keer.

Voor ons stopt een auto. Een man gebaart te stoppen. Vast weer iemand die ons wat wil doneren. Het begint bijna gewoon te worden! Hij komt met een six pack bier aanzetten. Okay die hebben we nog niet eerder meegemaakt. Het is heerlijk koud bier en ook al is twee uur ‘s middags, we besluiten dat het beer o’clock is en trekken een biertje open. We kunnen moeilijk het koude bier warm laten worden ;). We kunnen nauwelijks communiceren, omdat we geen gezamenlijke taal delen, wij geen internet hebben en hij een haperende vertaal app heeft. Zo vreselijk jammer, want hij is enorm enthousiast. Hij heeft ‘iets’ met Nederland, maar wat wordt niet helemaal duidelijk. Sung-Jae You is ingenieur bij KIA en is amateur fotograaf. Hij geeft ons zijn kaartje, maakt een paar foto’s en na een warm bedankje onzerzijds, vervolgen wij onze weg. Maar niet nadat hij ons ook nog twee noedelmaaltijden heeft toegestopt. Waarschijnlijk vindt hij toch dat die biertjes een bodem nodig hebben!

’s Avonds checken we in een motel in, waar we verwend worden met een bord vol lekkers: 2 appels, gepofte kastanjes en snacks. We geloven niet dat iedereen dat krijgt, maar weten tevens niet waar wij dit aan te danken hebben. Eén ding wordt wel steeds duidelijker in Korea, als mzungu staan we hoog aangeschreven. Waar we ook fietsen, er is veelal sprake van positieve discriminatie. Iets wat voor ons gunstig uitpakt, maar waar we niet achterstaan, doch waar we geen weerstand tegen kunnen bieden.
We verwennen onszelf met het bakken van een stapel pannenkoeken op onze hotelkamer. Met onder andere onze nieuwe ontdekking: kaas en zeewier. Jammie. Toch wel fijn, die hotelkamers waar gerookt mag worden. Voor ons een vrijbrief te koken.

Zaterdag 12 oktober

Het is prachtig weer. We fietsen over dezelfde grote weg als gisteren, maar het is veel minder druk. Wellicht helpt het dat het weekend is. En… met wind mee voor de verandering! Als we vervolgens over fietspaden onze weg vervolgen, is het helemaal lekker doorfietsen tot Mokpo.

En zo leggen we relatief makkelijk 80km af met een gemiddelde van 18,8 km/u. Later zal blijken dat dit het snelste daggemiddelde is van Korea. We fietsen hier door alle heuvels en fotogenieke plaatjes doorgaans beduidend langzamer. Het gemiddelde van Korea zal zelfs maar 16,5 km/u worden…

Mokpo is de stad waar we de boot nemen naar het eiland Jeju. Het is een flinke stad en we slapen in een (love)hotel vlakbij een groot winkelcentrum met een hoop reuring. Een uitstekende plek om even te shoppen voor schoenen. Onze schoenen zijn hoognodig aan vervanging toe, zeker als we op Jeju willen gaan wandelen. Auke slaagt snel, zie hier het resultaat:

Als we op de fiets bij de Mc Donalds ons favoriete toetje; softijs met chocola, halen, komen een paar jongens uitermate enthousiast op ons af. Waarom fietsen we met hun vlag?? Waar komen wij vandaan? Eh.. waar komen zij vandaan? Ze zien er absoluut niet Koreaans uit, maar Nederlands al helemaal niet. Verwarring alom. Het blijken vluchtelingen uit Jemen te zijn, die hier 7 jaar geleden, op 15-jarige leeftijd, naar toe zijn gekomen. De jongen die het woord voert heeft de tranen in zijn ogen staan, terwijl hij naar onze vlag kijkt. Blijkbaar halen we pijnlijke herinneringen boven. Geen wonder, als je met achterlating van je hele familie, in Zuid-Korea terecht komt. Qua stad of land had je het slechter kunnen treffen. Maar 7 jaar lang je familie niet zien en nog steeds geen uitzicht hebben om terug te kunnen keren, vanwege een uitzichtloze (burger)oorlog is pittig. Het is aangrijpend om deze stoere, jonge mannen zo ontroert te zien. We googlen de Jemenitische vlag en zien dat de vlag rood, wit en zwart is. Onze nieuwste fietsvlag heeft een hele donkere kleur blauw en in de avond is het inderdaad net de vlag van Jemen. De eerste keer dat onze vlag zoveel indruk achter laat, al is het verkeerd geïnterpreteerd.

We sluiten de avond af met een geweldige fonteinenshow aan de boulevard. Een fonteinenshow ondersteund door lichten, lasers en muziek. Een mooie afsluiting van onze fietstocht Seoul naar Mokpo. Morgen de boot naar het beroemde duikvrouwen eiland Jeju!