Categorie archief: Reis 2018

NIET welkom in Iran

Een visum aanvragen voor Iran, een formaliteit waar je even voor moet zitten, waarna je er niet over hoeft te bekommeren. Zou je zeggen. Hoop je. Verwacht je. Maar soms loopt het helemaal anders.

Het begint met het advies in je thuisland het visum bij de Iraanse ambassade aan te vragen. Daar zijn we ook geweest, met de nodige vragen hoe en wat en vooral waar. Een aangevraagd visum is nog 3 maanden geldig. Binnen deze 3 maanden dien je de grens over te zijn. Voor ons dus echt geen optie. Maar we zijn heel erg welkom en kunnen óveral het visum aanvragen, aldus de Iraanse ambassade in Nederland.
Het aanvragen van het visum gaat óf via het nieuwe (sinds 2017) e-visa systeem online óf een reisbureau. Het eerste klinkt simpel; online vul je wat gegevens in, voeg je een digitale pasfoto toe (reeds in Griekenland laten maken) en upload je je gescande paspoort (paraat!). Over de pasfoto gaan diverse geruchten, want moet je als vrouw daar al wel of geen hoofddoek dragen?

De meeste mensen hebben grote problemen met de afmetingen van de foto en scan, want indien te groot dan loopt alles vast. Dit proces kostte bij ons niet zo heel veel tijd. Alhoewel we aan het eind toch nog van Puckie, onze windows-tablet naar de telefoon moesten switchen, want de browser versie van Puckie bleek te oud, waardoor we de applicatie niet konden afronden….

Bij de aanvraag voor het e-visum moet je goed weten waar je het visum wilt ophalen en vooral waar je een paar dagen wil blijven. En dit dien je een paar weken van tevoren te weten. Want je weet nooit hoe lang het duurt voor je antwoord krijgt en je het visum klaar ligt.

3 oktober 2018 vragen we het e-visum aan met het idee deze t.z.t. in Tbilisi, Georgië op te halen. Na 5-10 werkdagen zouden we een verificatie-code krijgen waarmee je bij de ambassade het visum kan ophalen, mits je geen Brit, Canadees of Amerikaan bent, want die worden bij voorbaat geweigerd. Bijna 4 weken lang gebeurt er niets, We gaan er achteraan en bellen de 3 telefoonnummers die vermeld staan als contacten voor e-visa vragen. Zowel het nummer in Oman, Frankrijk als in de Emiraten werkt niet of er wordt niet opgenomen. De ambassade in Tbilisi beantwoordt de telefoon ook niet en de mensen bij de ambassade in Den Haag luisteren helaas niet en zeggen alleen maar “Kom maar langs, we regelen het allemaal”.

Screenshot_20181003-211110
Het is onzeker, spannend en irritant, want we hebben geen idee wat ons nu te wachten staat…. Op 28 oktober gaan we maar eens naar de ambassade in Tbilisi om te zien hoe we ervoor staan. We parkeren de fietsen voor de deur waar rijen Iraniërs staan te drukken om binnen te komen. Maar een enkele vrouw draagt hier een hoofddoekje, terwijl de ambassade Iraans grondgebied is. Auke staat nog niet in de rij of hij wordt eruit gepikt door de bewaking. We worden naar binnen gemanoeuvreerd terwijl ik mijn sjaal nog nauwelijks over mijn hoofd heb gedrapeerd. Zonder er meer woorden aan vuil te maken worden we gemaand de paspoorten en telefoons in te leveren. Met het paspoort wordt iets in de computer gecheckt en de telefoon is uit veiligheidsoverwegingen ingenomen. 2 minuten later zitten we in de ‘ondervraagkamer’. Of we met de fiets zijn. “Huh??” Oké camera’s en ach ja, dat zal wel doorgefluisterd zijn. We moeten lachen, alhoewel dit niet zo prettig is, want ze zijn niet zo dol op toeristen die per fiets het land binnen komen. Of we het proces van aanvragen willen opstarten. Kost 5-10 dagen. “Wat???” Een voorzichtige discussie wordt gestart, we hebben immers de aanvraag allang gedaan. Het relatief nieuwe e-visa systeem blijkt volgens verhalen op internet wel vaker vast te lopen. Daar kunnen wij niets aan doen en hoeven wij toch geen slachtoffer van te worden? De aanvraag is goed verstuurd, daar hebben we de bevestiging van ontvangen. Na wat doorpraten waarbij de sfeer iets minder luchtig wordt, blijkt de oplossing heel simpel. We starten het proces opnieuw en halen het visum in Yerevan, Armenië op. Dat kost ons nog zeker een week voor we daar zijn. Meneer meldt nog even dat het visum in 80% van de gevallen wordt toegekend en 20% afgewezen. Afwijzen? Dat is nog niet bij ons opgekomen. Wij hebben nog niet van iemand gehoord dat die is afgewezen, ons paspoort is nog jaren geldig, hebben geen stempels van Amerika of Israël en de ‘juiste’ nationaliteit. Dus wij hoeven ons geen zorgen te maken. Of toch…..?

4 dagen later, op zaterdagmiddag hebben we de uitslag in de mailbox zitten. We slaan stijl achterover. We hebben 4 weken voor niets gewacht. Een bezoekje aan de ambassade en we krijgen het antwoord in het weekend. Een antwoord dat we niet zagen aankomen. “Your visa application has been rejected. Reason for rejection: Please apply via host in Iran”. Wat??????

Screenshot_20181103-233802
Wij hebben nog geen simkaart voor Armenië en dus geen mogelijkheden tot acties buiten de wifi om. We moeten even bijkomen van dit bericht en bedenken zondag op de fiets wat we moeten doen. Opnieuw het visum aanvragen is een zekerheid. Want wij WILLEN naar Iran. En we willen OVER LAND VERDER fietsen.

Ondertussen hebben we contact met Annie, een Iraanse lifter die we eerder tegen kwamen. We hebben contact met Hadi, een Iraanse couchsurfer die bij ons een keer stamppot kwam eten en Delft bekijken. En we doen een aanvraag via een reisbureau. Want een aanvraag via een reisbureau wordt doorgaans wel toegekend. Wat het reisbureau meer of anders doet, geen idee. Je betaalt ze commissie en hebt daarmee een grotere kans dat je een visum krijgt. We versturen het verzoek en ondertussen zegt Hadi. “Ik ben jullie host. Ze zeggen dat je via een host moet aanvragen, dus ik ga dat doen”. Zo gezegd zo gedaan.

Na een kleine 2 weken (‘10 werkdagen’) hebben we nog altijd geen bevestiging oftewel code binnen waarmee we het visum kunnen ophalen. We checken meerdere keren per dag en het blijft hetzelfde bericht ‘Waiting for verification’. Hadi gaat de ambassade bellen, wat wij vanuit Georgië ook tevergeefs hebben geprobeerd. Maar we zijn in Yerevan en de ambassade is open (3 dagen per week). We gaan met de taxi, want we hebben een lekke band en nemen liever geen risico’s. We komen aan en worden per direct geholpen. Nou ja, zijn aan de beurt. Ons wordt (wederom) niets meer gevraagd dan “paspoort”. Later komt een dame in het Engels uitleggen dat het visum niet klaar is en dat we maandag terug moeten komen. Als we vragen naar het e-visum zegt ze alleen maar: “Neeeee geen e-visum, toeristenvisum….” “Ja, dat is wat we hebben aangevraagd…?” Maar ze kan niets met die info. Of we maandag terug willen komen. “Misschien wel, misschien niet klaar… Maak je geen zorgen.”

We fietsen vanuit Yerevan het weekend maar alvast door richting Iraanse grens, want het wordt kouder en met 1 doorgaande weg kunnen we prima heen en weer liften. Het is maandag 12 november. We liften terug, staan ruim voor openingstijd voor de deur en gaan ervanuit dat het allemaal goed komt. Om 14.00 uur gaat de ambassade open en als je visum is goedgekeurd, is het tijd om te betalen. Cash breng je €75,- naar de bank, een paar kilometer verderop. Dan kom je terug met het bonnetje en word je de gelukkige eigenaar van de code waarmee je het land binnenkomt.Maar nee ons visum is weer afgewezen!!! Dit zien wij niet terug aan de status van ons e-visum, dat we zelf op internet kunnen checken. De afwijzing is wat we op de ambassade te horen krijgen.

Screenshot_20181127-151648_Chrome
Zonder enige opgave van reden en zonder te vertellen wat nog de opties zijn. Simpelweg “computer says no”. We stellen vragen, maar worden gemaand te gaan, want er is niets wat we kunnen doen. Als we afdruipen, zien we meerdere teleurgestelde, verbijsterde en verontwaardigde gezichten. Niemand lijkt vandaag een visum te hebben gekregen. Ellende bindt en dus praten we al snel met elkaar over het hoe en wat. Onder genot van een biertje kijken we naar mogelijkheden en delen contactgegevens. Ook gaan we langs het reisbureau die de ambassade aanbeveelt om onze aanvraag opnieuw in te dienen. Vanaf dat moment hebben we geregeld contact over het trage niets vooruitgaande proces. Het reisbureau kan echter NIETS doen, zolang onze ‘status’ niet is aangepast naar ‘rejected’. Tot dat moment zit je vast in het systeem. Wie je eruit kan halen is onduidelijk.
Hadi belt tevergeefs de Iraanse ambassade in Teheran. Een andere Iraniër die we bij de ambassade hebben ontmoet belt tig keer met de ambassade in Yerevan. Wij bellen de ambassade in Den Haag. Iedereen mailt een ambassade. Wij mailen nog een paar reminders naar het e-visa systeem en we krijgen geen of een nietszeggend antwoord. We checken geregeld of onze status aangepast wordt online, maar die blijft staan op ‘waiting for verificiation’. We benaderen opnieuw het reisbureau waar we eerder contact mee hadden, maar die reageert niet meer. Uren scrollen we op internet voor antwoorden en oplossingen. We plaatsen op fora onze vragen. We hebben contact met een belangrijke informatiebron en blogsite caravanistan, en ondanks dat ze enorm meedenken, kunnen ze niets voor ons doen.

Het lijkt erop dat je als eenmaal afgewezen bent, altijd wordt afgewezen. Het lijkt erop dat het e-visa systeem totaal faalt en de Iraanse overheid te trots is hier aan toe te geven of extra hulp te bieden. En het lijkt erop dat we niets kunnen zolang we met een ‘open status’ vast zitten in het systeem…

We weten niet meer wat we moeten doen. Iran zou één van onze hoogtepunten worden en visumtechnisch geen enkel probleem. Wij willen er nog dolgraag heen, al zou je denken dat het allemaal niet meer hoeft. We zitten in een ‘wereldfietsapp-groep’ en iedereen is super enthousiast over Iran. We zitten sowieso een beetje vast, want we kunnen nauwelijks om Iran heen, anders dan vliegen.

De enige kans lijkt een ‘visa on arrival’. Een VOA lijkt makkelijk te worden uitgebracht. Dus als je vliegend binnen komt ben je blijkbaar wel welkom. Als je een ‘letter of invitation’ hebt; een brief met een uitnodiging geschreven door een reisbureau, heb je nog bonuspunten ook.

We gaan dan wel vliegen en regelen die (nep)brief zelf wel!!!
Vliegen kost geld, vliegen kost veel moeite en vliegen past niet in onze milieuvriendelijke manier van reizen. Vanuit Yerevan en Tbilisi kosten vluchten €175-350,- exclusief de fietsen en met minimaal één overstap. Met de dure fietsen is een overstap niet prettig, want het risico is nog groter dat er iets beschadigd raakt. We vinden een vlucht van Baku, Azerbeidzjan voor nog geen €100,- INCL. de fietsen. We boeken gelijk voor over 2 weken! Dat betekent wel dat we terug moeten, in plaats van Armenië door te steken, rijden we een rondjes.

Screenshot_20181118-203013_Polarsteps
Maar dan begint het pas. We hebben óók een visum voor Azerbeidzjan nodig, wat 3 werkdagen duurt. (Gelukkig is het visum er met de ‘expres service’ binnen een uur). We hebben dozen nodig om de fiets in te vervoeren. Maar er worden in de herfst in Baku geen fietsen verkocht, dus hoe kom je eraan…. En dan heb je nog nodig:
– De ‘letter of invitation’, met dank aan Hadi
– Een geprinte bevestiging van je hotel (maar booking.com is geblokkeerd)
– Informatie over de vereiste verpakking en afmetingen van de vliegmaatschappij.
– Zekerheid dat we het vliegtuig in mogen zonder visum (dat scheelt per land en vliegmaatschappij)
– De fietsdozen, tape, voorvork beschermer en andere beschermingsmaterialen
– Een flightbag voor al onze tassen.
– VPN (virtual private network), want alle belangrijke communicatiesites zijn in Iran geblokkeerd
– Cash geld voor 4-6 weken, want pinnen kan niet (gelukkig hebben we daar al rekening mee gehouden)
– Informatie over wisselkoersen, want de zwarte markt levert 3x meer op dan de wisselkoers bij de bank.
– Een hoofddoekje, een shirt die de kont afdekt, niet tekenende kleding, want dit is allemaal verplicht!
– Een uitvlucht. Een uitvlucht? We willen OF met de boot naar de Emiraten óf vliegen naar India. Dit hele gebeuren kost zeeën van tijd en we hadden een kleine 1.000 km naar Baku te fietsen. Waar halen we de tijd vandaan om naar India te kijken??
– En heel veel geduld. Dit alles bij elkaar kostte zeker 4 volle dagen met z’n tweeën en vergeet niet al die anderen die meegedacht en meegebeld hebben…..

Wij zijn niet welkom in Iran. Niet welkom volgens de overheid. Maar wel volgens de bevolking. Wij zijn nieuwsgierig naar het land, de mensen, de cultuur en het eten. Dus wij komen eraan! We gaan het proberen. Als linksom niet lukt, maar rechtsom.
Wat er gebeurt als we niet worden toegelaten? Dan worden we het land uitgezet. Misschien krijgen we nog een transit visum. Geen idee. We gaan het zien. Niet geschoten is immers altijd mis. We zijn niet voor één gat te vangen.
Tja Een heel lang verhaal, maar dat is helaas de realiteit…..!
Wordt vervolgd. Vandaag stappen we het vliegtuig in…. Met goede moed, die ver in onze schoenen gezonken is 😉

Armenië deel 2: Van Yerevan naar Georgië (10-18 november 2018)

Zaterdag 10 november gaan we dan toch maar richting Iran. Als we Yerevan uit fietsen, loopt Knorretjes rem aan bij de remklauwen. Dit kan veroorzaakt zijn doordat de voorwiel eruit is geweest bij het vervangen van de binnenband. Op zich niet zo ingewikkeld om te verhelpen, maar het lukt ons niet. Google vertelt ons dat we min of meer voor de deur van een fietsenmaker staan. Hij lijkt dicht te zijn, maar net als we verder willen fietsen, opent de fietsenmaker zijn winkel. Hij vindt het prachtig dat we er zijn. Het is een echte vakman en pakt meteen wat andere onvolkomenheden aan. 20 minuten later heeft hij Knorretjes rem afgesteld, wat kleine slagen uit voor- en achterwiel gehaald en Iejoors trappers geolied. Dat was nog eens praktisch en efficiënt! De service was vervolgens nog gratis ook! Gelukkig hebben we weer een voorraad klompjes voor dit soort behulpzame en lieve mensen 😉

Het gebied ten zuidwesten van Yerevan is niet zo heel spannend. Het is zo plat als een pannenkoek en het ontbeert bezienswaardigheden. Maar het is heerlijk herfstweer (graadje of 10) met een dapper zonnetje, dus we genieten van het makkelijke fietsen. We fietsen een kleine 70 kilometer met een korte omweg naar één van de grootste bezienswaardigheden van Armenië: Khor Virap. Dit kloostercomplex vlakbij de Turkse grens ligt heel mooi, met de gigantische Ararat berg (5.000+ meter) op de achtergrond. Je moet alleen wel geluk hebben met het zicht, want vaak gaat de berg schuil achter wolken of smog. Wij zien de berg wel, maar het tegenlicht en de smog maken het plaatje een stuk minder idyllisch dan het kan zijn. Maar het is en blijft een heerlijke fietsdag en min of meer langs de Turkse grens fietsen wij verder tot de plaats Ararat. De volgende dag mogen we weer klimmen, dus we genieten nog maar even van de laatste meters vlak.

Van Ararat gaat we de bergen in naar hét wijnstadje van Armenië: Areni. Als we onderweg een pauze houden, stopt er onder luid kabel een stokoude Lada. Uit de Lada stappen 4 mannen en een jongetje. De mannen zijn flink aangeschoten en allemaal zijn ze beschilderd met een kruis van bloed op hun voorhoofd. Toch een tikje ongemakkelijk dat ze ons gezelschap komen houden, laat het jongetje vol trots twee onthoofde spreeuwen zien. Vervolgens opent één van de mannen de achterbak. Hier blijkt een (levend) schaap in te liggen, waarvan de oren zijn afgesneden. De mannen maken duidelijk dat ze onderweg zijn naar een feest. Het lot van het schaap laat zich dan ook raden. Wij bedanken vriendelijk voor de aangeboden wodka en zijn vooral blij dat zij een andere kant op rijden, dan wij op fietsen…

20181111_140459
Als we Areni binnenfietsen wordt direct duidelijk dat dit de wijnregio is. Overal wordt langs de weg wijn aangeboden, voornamelijk in colaflessen. Colaflessen, omdat de Iraanse truckchauffeurs dan stiekem alcohol Iran in kunnen smokkelen. Ja hoor, dat zullen die douanebeambten niet weten! Areni ligt mooi tussen hoge rotsen en diepe kloven. Hoog op één van die rotsen staat een kerk. Dat is een mooie opmaat voor het klooster dat we in één van deze kloven willen gaan bezoeken: het Noravank klooster. Maar het klooster moet nog even wachten, want onze visum beslommeringen maakt dat we morgen (maandag) eerst terug naar Yerevan gaan om te kijken of we alsnog het visum kunnen bemachtigen. Terug naar Yerevan gaan we overigens liftend doen. Knorretje en Iejoor vertrouwen we toe aan de B&B in Areni.

Zo succesvol als het liften is, -binnen 5 uur hebben we de 2×120 kilometer met 3 auto’s heen en weer gelift-, zo teleurstellend is het bereikte resultaat in Yerevan. Ons Iraans visum is weer afgewezen. Zonder opgave van reden en zonder te vertellen wat nog de opties zijn. Simpelweg “computer says no”. Het helpt een heel klein beetje dat niemand een visum lijkt te krijgen vandaag. Allemaal (Duitsers, Fransen en een Deen) zitten we in hetzelfde schuitje. Gezamenlijk belanden we vervolgens in een biertentje om een bierproeverij te houden. Wijzer worden we niet van elkaar, want iedereen behoud dezelfde vraagtekens. “Waarom zijn we afgewezen? Wat kunnen we nu doen?” Gefrustreerd en uit het lood geslagen keren we terug naar Areni. We weten eigenlijk niet zo goed wat te doen. Iran zou één van onze hoogtepunten worden en visumtechnisch geen enkel probleem. Het hele visum gedoe begint een beetje een schaduw te werpen, ook op ons verblijf in Armenië.

We besluiten in elk geval nog naar Yeghegnadzor te fietsen en het Noravank klooster te bezoeken. Dat is niet heel ambitieus, want het is maar een kilometer of 30 fietsen. En de 8 kilometer en 500 hoogtemeters naar Noravank, willen we liften. Dat de ambities niet zo hoog liggen, komt ook -naast een stuk demotivatie- doordat Hilgien zwaar verkouden is. En met weinig lucht, klim je niet zo lekker. Dinsdag is het wederom een fantastisch lekkere dag, met een mooi zonnetje. De eerste de beste auto (een Lada!) stopt zodra we een duim opsteken en zo zijn we binnen de kortste keren bij het klooster. Het kloostercomplex ligt werkelijk heel mooi; hoog boven een kloof uittorenend en vol in het mooie herfstzonnetje. Terugliften lukt niet, dus het wordt een lekkere wandeling naar de fietsen.

Aangekomen in Yeghegnadzor besluiten we een extra dagje te blijven zodat Hilgien wat kan herstellen en om even een goed, nieuw plan te maken. We hadden het idee om met een rondje terug naar Yerevan te fietsen, maar Hilgien komt met het creatieve plan om het roer flink om te gooien. We gaan naar Azerbeidzjan! We gaan vanaf Baku naar Teheran vliegen. Bij binnenkomst op een aantal luchthavens van Iran, kan je namelijk een visa on arrival krijgen. Wat niet helemaal duidelijk is, is wat het betekent als je al twee keer een visum ontzegd is. Maar we gaan ervoor! Het betekent overigens dat we ook nog even snel een visum moeten regelen voor Azerbeidzjan. Via, jawel, een e-visum systeem. Gelukkig werkt dat hier goed en snel en binnen een paar uur is dat geregeld. Met een visum voor Azerbeidzjan en een vlucht op zak, gaan we richting Baku. Langs het Sevan meer, eerst helemaal terug naar Georgië en dan door naar Azerbeidzjan. Armenië is namelijk een fuik. Zonder visum voor Iran kunnen we niet naar het zuiden. Naar het westen gaat ook niet. De grenzen met Turkije zijn gesloten, omdat de Armeense genocide door Turkije niet erkend is. Naar het oosten is tevens geen optie, gezien de oorlog tussen Armenië en Azerbeidzjan over Nagorno Karabach. We moeten terug. Totaal tegen onze principes in.


Donderdag 15 november op pad naar Martuni. Maar inmiddels zijn we beiden niet zo heel erg fit. Om bij het meer van Sevan te komen, moeten we een pas van 2.438m over. Hiervoor dienen we ruim 1.400 hoogtemeters te maken. Bij het vertrek uit ons hostel wordt ons duidelijk gemaakt dat er op de pas sneeuw ligt, dus dat belooft wat! Het eerste stuk gaat best lekker, met een lekker temperatuurtje en een rustige hellingsgraad tot aan de voet van de pas. Daarna gaat het met haarspeldbochten en een flink stijgingspercentage snel omhoog. Het wordt kouder en tot onze verontrusting zien we buien aan komen. We houden het tempo er goed in en de pauzes kort, maar vlak voor de top begint er toch wat sneeuw te dwarrelen. Gelukkig valt de hoeveelheid verse sneeuw mee, maar het is kil en de zon is volledig verdwenen. Eenmaal over de pas komen we op een hoogvlakte uit, die volledig besneeuwd is. Het waait hard en tot onze geluk hebben we de wind in de rug. Dat geldt niet voor een stel Russische fietsers die we op de vlakte treffen, nog voor de pas. Lopend met de fiets aan de hand, vanwege het hellingspercentage en de harde wind. Het is inmiddels bijna 17 uur. Wij hebben nog 20 kilometer te gaan tot Martuni, maar met 500 meter afdalen voor de boeg en wind mee, moet dat net lukken voor het donker. De Russen zijn notabene van plan om hun tentje op te zetten. Wellicht zijn wij wat luxe paarden geworden, maar in deze winterse omstandigheden zien wij het echt niet zitten om te kamperen! In Martuni checken we in in een onooglijk lelijk hotel dat vol zit met luidruchtig, wodkadrinkend en in ochtendjas rondlopend volk. Maar na een dag door de kou fietsen, slapen wij heerlijk.

P1060541
Na Martuni fietsen we in twee dagen via Sevan aan het Sevan meer en Dilijan naar Vanadzor. Naar hetzelfde gloednieuwe, goedkope tophostel als waar we op dag drie van ons verblijf in Armenië verbleven. Het Sevanmeer ligt op 1.900m hoogte. Het is er dan ook fris, maar niet al te koud. De uitzichten zijn vaak prachtig, met besneeuwde bergen op de achtergrond. Tussen Sevan en Dilijan gaat de weg eerst iets omhoog, om daarna via een tunnel en een hoop haarspeldbochten af te dalen naar Dilijan. We zijn erg verbaasd als we de tunnel uitkomen. We zijn afgedaald en toch is het hier veel kouder en volledig besneeuwd. Oké het is de noordkant van de berg, maar dit hadden we totaal niet verwacht. Bovendien schijnt er een heerlijk zonnetje bij, dus we wanen ons op wintersport en genieten van de spectaculaire afdaling. Van Dilijan volgt nog een pittige klim, voor een tweede afdaling ons bij Vanadzor brengt. De klim valt vies tegen en we moeten weer eens knokken tegen de tijd. Na de klim komen we niet echt op een top, maar wederom op een soort van hoogvlakte. Het is koud, maar ondanks dat staan (Russische?) mensen hun zelfverbouwde producten te verkopen (kolen, ingemaakte groente, aardappels). Wat moet dat koud zijn om de hele dag aan de weg te staan bij een temperatuur van rond het vriespunt! Met de verlichting aan, storten we ons naar beneden, zoveel mogelijk gebruik makend van het allerlaatste daglicht. Het lukt om min of meer voor het donker de eerste verlichte straten te bereiken. En alhoewel Vanadzor net zo onooglijk lelijk is als de meeste Armeense steden, voelt het toch een beetje thuiskomen in ons vertrouwde hostel met de heerlijke bedden.

P1060660
Vrijdag fietsen we dezelfde route terug naar de grens. We hebben een nieuwe regel verzonnen; “als het dezelfde route is als reeds gefietst, mogen we liften”. (Onze fietsreis heeft regels die naar gelang de reis bijgesteld kunnen worden ;). Maar als blijkt dat we 1.500m gaan afdalen, vinden we liften zonde vanwege onze eerste principe “we fietsen alles wat veilig en mogelijk is” en afdalen is leuk! Dus we besluiten er een, voor ons doen, monstertocht van te gaan maken. We willen van Vanadzor in één dag naar de grens van Azerbeidzjan fietsen. Een afstand van ruim 130 kilometer, met 500 hoogtemeters én 1.500 ‘laagtemeters’. Dit moet haalbaar zijn met de wind mee. Foto’s maken is niet nodig, want het is een herhaling van zetten. Bovendien hebben we geen dubbeltje Armeens of Georgisch geld meer. Het is -4 graden als we vertrekken. Vanadzor wordt in Armenië ook wel klein Siberië genoemd en om een reden! Echter het is heerlijk zonnig en al snel kunnen we wat laagjes afpellen.

De beide grensovergangen van Georgië gaan vlekkeloos. We betalen tot onze opluchting nog steeds geen belasting over het in Tbilisi ontvangen pakketje én nog belangrijker: worden in en uitgelaten 😉 Bij de grens van Azerbeidzjan gaat het allemaal totaal anders. Er staat zoals gewoonlijk een file, maar dit maal voor een gesloten hek. Wij hebben de gewoonte aangenomen iedereen voorbij te fietsen, dat schiet tenminste op. En nee, dat is niet asociaal, de auto’s halen ons de hele dag al in. We kijken verbaasd naar het grote hek. Waarom het hek dicht is, is onduidelijk, mondjesmaat worden er wat mensen doorgelaten, zo ook wij. Daarna is het allemaal chaotisch, krijgen we een kaartje met een nummer, wat niet lijkt te corresponderen met de verschillende loketten. Een douanebeambte ontfermt zich over ons, maakt grapjes, stuurt ons naar verschillende loketten en gooit de boel nog meer in de war. We moeten geregeld wachten, terwijl we onze paspoorten zien liggen en niemand er iets mee doet. Uiteindelijk blijkt ons Armenië-stempel het grootste struikelblok. Ze willen weten wat we daar in godsnaam hebben gedaan (de toerist uitgehangen) en of we in Nagorno-Karabach (Artsakh) zijn geweest. Dankzij Polarsteps kunnen we de afgelegde route precies tonen en zijn ze relatief snel gerustgesteld. Na nog wat onduidelijk bureaucratisch gedoe zijn we dan toch echt in Azerbeidzjan. Een onverwacht land #20! De afgelegde afstand vandaag is uiteindelijk 133,5 km geworden met een gemiddelde van maar liefst 21,5 km/u. Beiden een nieuwe topscore van onze reis en een mooie afsluiting van Armenië!

P1060627

Terugblik:
Het is ontzettend jammer dat ons verblijf in Armenië zo is overschaduwd, door het gedoe met ons visum voor Iran. Armenië is echt een mooi land, rijk aan geschiedenis en de Armeniërs zijn een warm, welkom volk. De mensen zijn onmiskenbaar anders dan de Georgiërs en de Turken met hun zware wenkbrauwen en gitzwart haar. Ze zijn opener dan de Georgiërs en reageren vaak heel enthousiast als we langs komen fietsen. De vrijgevigheid daarentegen is een stuk minder, maar het land oogt ontzettend arm en sober, dus we vermoeden dat de meeste Armeniërs erg weinig te delen hebben. Bizar hoe we zo snel aan die vrijgevigheid gewend zijn geraakt, al hoewel het zo bijzonder is.
Waar Armenië vooral bekend om staat, zijn de oude kloosters en kerken. Google maar en je komt fantastische foto’s tegen. De kloosters zijn mooi, alhoewel de binnen- als buitenkant sober te noemen zijn. Het mooie zit vooral in de ligging en de omgeving. Wellicht komen ze nog beter tot zijn recht tijdens de lente en de zomer als de zon schijnt en het groen is. Ons viel het vaak wat tegen op de regenachtige novemberdag. Maar ja wat niet?;)

Het verkeer is rustig, de wegen redelijk (de hoofdroute vreemd genoeg vaak minder goed dan de wat kleinere routes), wat het een goed fietsland maakt. Althans, als je houdt van klimmen (nog steeds niet onze hobby), want overal zijn bergen met een pittig reliëf. En er zijn nauwelijks tunnels of bruggen om de boel af te vlakken.

Als je houdt van oude Sovjet auto’s is Armenië écht je land. De Lada’s rijden er bij bosjes rond in een keur aan kleuren. Groen, blauw, geel, wit en rood maar ook ‘frisse’ kleuren als aubergine, beige en mokka. Het lakwerk is echter vaak zo verkleurd dat nauwelijks te zien is, wat de originele kleur is. En dan de vrachtwagens. Wij houden -ook als fietsers- van de Armeense, mooie, lieve, knalblauwe vrachtwagentjes die kennelijk niet kapot te krijgen zijn.

P1060324

Wij fietsen voor HDKT. Heb jij al gesponsord? Klik hier.
We zijn je super dankbaar!

Voor meer foto’s en onze route zie Polarsteps.

Armenië deel 1: Van Georgië naar Yerevan (3-9 november 2018)

Vanuit Georgië fietsen we bij Bagratashen de grens over. Armenië is alweer land #19! Per direct geen mooi land te noemen. We zien veel vergane Sovjetglorie. Overal fabrieken, gebouwen, auto’s en bussen die staan weg te roesten. Geen inspirerende binnenkomst. Het mooie hiervan, is dat het vanaf nu alleen maar beter kan worden.

Het vinden van een geldautomaat die wel ergens bij de grens was, maar we niet zagen, is een lastige. De dorpjes hebben geen geldautomaten. En wij hebben nog geen Armeense drammen. Wisselen lukt nog net ergens. Gelukkig maar, want het duurt nog zeker 2 dagen voor we weer aan lokaal geld kunnen komen. Tegen onze zin in, fietsen we een stuk in het donker. Niet erg handig, want het wegdek is een lappendeken van gerepareerde stukken weg tussen de gaten. Er is weinig accommodatie onderweg en we hebben een motel op booking.com geboekt. We merken dat vooraf boeken verstandig is, juist omdat het seizoen voorbij is en er anders niet op gasten gerekend wordt. Bij beperkte mogelijkheden willen we graag zekerheid. Kamperen is nu echt van de baan. De temperatuur daalt ’s nachts richting het vriespunt.

Bij aankomst wisten ze bij dit motel alsnog van niets, maar via een Engelssprekende dame aan de telefoon is alles zo geregeld. Fijn! De overnachtingen blijken in Armenië helaas een stukje duurder te zijn dan in Turkije en Georgië en daarvoor krijg je minder kwaliteit en minder schone ruimtes…

We hebben 2,5e dag nodig om vanaf de grens naar Yerevan, de hoofdstad van Armenië, te fietsen. Onderweg willen we wat kloosters bekijken. Natuurlijk staan ze boven op een berg wat nog meer klimmen betekent. Armenië is überhaupt een land met veel bergen en vooral veel korte klimmetjes, waardoor elke afdaling gelijk beloond of beter gezegd bestraft wordt met een klim. (Hadden we dan toch voor het platte Azerbeidzjan moeten kiezen?). We slaan het klooster Hagpat over, omdat deze véél te hoog ligt. Het klooster Sanahin heeft tenminste een gondel 😉 Een gondel is echter vooral zinvol als die werkt en dat doet hij al 2 jaar niet meer… We besluiten niet nog eens 300 hoogtemeters te maken maar omhoog te liften. Liften ‘mag’ hier volgens onze principes. We gaan namelijk een zijweg in en snijden er niets mee af. We plaatsen de fietsen met de gehele bagage bij een winkeltje, vragen om toestemming en vragen daarmee impliciet een oogje in het zeil te houden. 😉 We krijgen van de eerste de beste auto een lift. De auto is een taxi met 2 missionarissen uit Amerika. We vinden dat bijzonder in dit Christelijke land. 1.700 jaar geleden, in 301 was Armenië het eerste land die het Christendom als staatsgodsdienst aannam… Van de bevolking is 98% Christelijk, waarbij 94% Armeens-Orthodox. Wat deze Amerikanen hier doen is ons onduidelijk. Ze hebben zich zelfs de ingewikkelde taal eigen moeten maken. Ze vermaken zich in ieder geval erg goed. En voor ons doen ze een goede daad. Ze nemen ons mee in hun taxi en betalen de taxi. Wij komen daarmee snel boven en weten naar mate we verder stijgen dat fietsen echt niet grappig zou zijn geweest. Het klooster is wel mooi, maar zou al die inspanning net niet waard zijn.

P1060070
Het volgende klooster is Kobayr. Vanaf de doorgaande route een stevige wandeling van 10-15 minuten omhoog. Ze zijn de hele boel aan het herstellen en is daardoor een zooitje. Onderweg naar boven krijgen we van een dame wat besjes waarvan ze laat zien dat je ze kan eten. Zoals altijd nemen we aan dat het goed is en eten de besjes op. Misschien erg naïef en het is de vraag wanneer we daar een keer nadelige effecten van ervaren 😉 Deze besjes vol zaden zijn lekker zoet! Maar de nasmaak is wat wrang en doet ons denken aan de kaki’s die we net zo vaak rijp als onrijp hebben gegeten.

Als je ooit een kaki onrijp hebt gegeten weet je wat we bedoelen…! Onrijpe kaki’s bevatten veel looizuur of hydrolyseerbare tannine. Dit zorgt voor een enorm wrange smaak. Auke en ik gooien niet snel eten weg (we zijn natuurlijk tegen verspilling) en een aangesneden kaki gaat dus op. Zowel Georgië als Armenië hangt vol met kaki’s en de tijd is rijp… nu de kaki nog. Elke keer dat de kaki toch niet rijp was ervaren we de flauwe smaak (in plaats van heerlijk zoet) en daarna een ongelooflijk onprettig gevoel dat het niet zakt. Niet door de keel, de slokdarm of de maag. Een kwartje kaki geeft gelijk een vol gevoel. Ik zeg een “nieuw dieetmiddel voor de doorzetter”!
We zien op internet waarschuwingen dat je (onrijpe?) kaki’s niet aan dieren mag voeren vanwege spijsverteringsproblemen die daardoor kunnen ontstaan. Nou dat geldt niet alleen voor dieren. Wat blijkt; tannines hebben een samentrekkende effect. Tannine bindt zich aan eiwitten met als gevolg dat de eiwitten gefixeerd worden. Je mond voelt na een hap stroever en trekt samen, fixeert licht. “De mond?!” En slokdarm. En maag en misschien zelfs de darmen. “Licht?!” Dat is een understatement. [Deze info komt van wikipedia, hebben we niet bij het Voedingscentrum gecontroleerd maar proefondervindelijk helaas wel vastgesteld…] Je bent gewaarschuwd.

P1070034.JPG

Het is zaterdagmiddag, 4 dagen na de aanvraag van het Iraans visum in Tbilisi. We hebben de uitslag. We slaan stijl achterover. We hebben 4 weken voor niets gewacht. Een bezoekje aan de ambassade en we krijgen het antwoord in het weekend. Een antwoord dat we niet zagen aankomen. “Your visa application has been rejected. Reason for rejection: Please apply via host in Iran”. Wat??????
Wij hebben nog geen simkaart dus geen mogelijkheden tot acties (buiten Wifi om). We moeten even bijkomen van dit bericht en bedenken zondag op de fiets wat we moeten doen. Opnieuw het visum aanvragen is een zekerheid. We doet dit diezelfde avond gelijk via ‘onze host’ en Iraniër Hadi. Wordt vervolgd.*

* Meer over het Iraanse visum, lees hiervoor het aparte verhaal over Iran.
Aangekomen in Yerevan blijkt dit een grijze stad. Al is het omdat de zon zich weinig laat zien in de 3 dagen dat we hier zijn. Yerevan heeft een bruisend uitgaansleven en straatleven, maar wellicht is dat meer aan de zomer gekoppeld. De straten en parken zijn versierd met klassieke en moderne kunstwerken. Er zijn ongelooflijk veel fonteinen. De beroemdste is van het cascade complex, waar je over de stad kan kijken. Het ziet er echt wat minder boeiend uit als er geen water uitkomt. Een week geleden zijn vanwege de winter de kranen gesloten. Geen idee of dat overal in de stad geldt, in ieder geval hebben we geen enkele fontein in werking gezien en dat geeft een treurige aanblik.

P10601723 dagen hier is wat teveel voor de herfst/winterdag en dus fietsen we 1 van deze dagen een kleine 80km en maar liefst 1.500 hoogtemeters naar de tempel Garni en het klooster Geghard. Deze toeristische trekpleisters liggen ten oosten van Yerevan en dus niet erg op de route naar het zuiden. Door de bagage achter te laten, komen we beduidend makkelijker de bergen op. Het grappige is dat we hierdoor veel harder stuiteren op de slechtere stukken. Het gewicht van de bagage doet de banden normaliter beter als vering functioneren.

Garni is een tempel die je voor €3,- kan bezichtigen en al menigmaal is herbouwd. Het is de enige heidense tempel in Armenië en stamt uit de eerste eeuw. Het ziet er door het vele herbouwen echter niet meer zo authentiek uit. De omgeving en het regenachtige weer en daarmee wat wolken maken het alsnog een mooi plaatje.
We zijn wat meer onder de indruk van de ‘symphony of stones’. Een prachtig natuurfenomeen waar weinig aandacht aan wordt gegeven en zelfs de Lonely Planet niets over vermeldt. In de Garni kloof bevinden zich rotswanden met goed bewaard gebleven basaltkolommen. We bekijken ze van een afstandje, want het is flink afdalen op een slechte, onverharde weg met veel stenen. Dit bleek met de fietsen niet zo handig en qua tijd te ver om te lopen. We keren daarom halverwege om en maken ons op voor de klim naar Geghard. Het is in totaal 80 km fietsen om vooral dat klooster te zien… nu maar hopen dat het de moeite waard is.

Geghard is half een kathedraal en half een grot. Al merk je binnen niet wat wat is. Het is groot en indrukwekkend. Niet alleen vanaf een afstandje waarbij de wolken er mysterieus omheen hangen, ook binnen. Er zijn ongelooflijk veel “Khatshkars”; de typisch Armeens gebeeldhouwde stenen kruizen die we regelmatig zien. En enorm veel in de muren gegraveerde kruizen en tekeningen. Op een plaats komt er water uit de muren naar binnen en dit wordt door veel bezoekers als heilig water gedronken. Achter het klooster is een aantal grotwoningen die door monniken zijn uitgehouwen. In het grotgedeelte van het klooster is de akoestiek erg mooi. Dit horen we in het andere gedeelte; een prachtig gezang klinkt tot daar door. We zoeken de oorsprong op, wat even zoeken is, en vinden 5 dames hun spirituele liederen zingen. Het klinkt geweldig, indrukwekkend en is emotioneel te noemen. We zijn niet zo snel onder de indruk van gezang in een kerk, maar dit dringt echt door. Wat een timing, wat is dit mooi. Garni viel tegen maar Geghard is een must-see in Armenië!
Trouwens, alle kloosters en kerken zijn gratis te bezichtigen in Armenië. En wij vinden ze meestal veel meer de moeite waard dan de betaalde bezienswaardigheden.

P1060263

P1060289
Het is om 18.15 uur behoorlijk donker en we redden het wederom niet om bijtijds terug te zijn. Afdalen in het donker is niet prettig, maar het wegdek is redelijk acceptabel. Als we vlakbij Yerevan zijn, komen we op de zesbaans snelweg uit en komen we redelijk mee met het verkeer. Afdalend fietsen we 40-50 km/u. Gelukkig hebben we beide achterlicht zodat we gezien worden. ‘Thuis’ kunnen de restjes van afgelopen dagen opgewarmd worden (burrito’s gemaakt met Armeens brood: ‘lavash’, een gróót succes en wat pasta), wat erg prettig is als je een paar dagen op één plek verblijft.

We starten de vrijdag met een paar hoognodige dingen: kleding wassen en fietsverzorging. We vervangen de olie van de Rohloff naaf, verzetten de krans van Auke zijn fiets, zodat deze wat gelijkmatiger slijt en we vervangen een band van Auke’s fiets die langzaam leeg loopt. Echter blijkt ook de voorband van Hilgien opeens lek. En de gloednieuwe (?) binnenband die in Auke’s fiets is beland ook! 3 lekke banden op één dag zonder een kilometer te fietsen, hoe is het mogelijk…

Het is vrijdag, dus de ambassade van Iran in Yerevan is open! We hoopten woensdag al langs te kunnen met de code in de handen, maar helaas. Ook nu hebben we geen code. We checken meerdere keren per dag en het blijft hetzelfde bericht ‘Waiting for verification’. Hadi gaat de ambassade bellen, wat wij vanuit Georgië ook tevergeefs hebben geprobeerd. In de ambassade heb ik netjes weer mijn sjaal over mijn hoofd gedrapeerd en we kunnen gelijk terecht. Ons wordt (wederom) niets gevraagd dan “paspoort”. En dat was de gehele communicatie vanaf de overkant. Later komt een dame in het Engels uitleggen dat het visum niet klaar is en dat we maandag terug moeten komen. Als we vragen naar het e-visum zegt ze alleen maar: “Nee geen e-visa, toeristenvisum….” “Ja dat is wat we hebben aangevraagd…?” Maar ze kan niets met die info. Of we maandag terug willen komen. “Misschien wel, misschien niet klaar… Maak je geen zorgen.”

Na deze grote teleurstelling gaan we langs bij de ambassade van Artsakh. Pardon? Artsakh is sinds 2017 de naam van de zelfuitgeroepen republiek Nagorno-Karabach, die door niemand erkent wordt. Vanuit Armenië zijn er twee plekken waar je deze republiek in kan, maar aangezien het officieel onderdeel is van de republiek Azerbeidzjan willen we niet te lichtzinnig zijn in het besluit Artsakh al dan niet te bezoeken. Het is tenslotte een gebied waar een dispuut over bestaat en feitelijk een oorlogsgebied, alhoewel er al meer dan 20 jaar, dankzij een bestand, niet meer gevochten is. Goed te weten dat het een optie is, maar voor nu blijven we bij het originele plan om vanuit Armenië, Iran in te fietsen. Maandag gaan we weer terug naar de ambassade om te zien of het gelukt is met ons Iraanse visum.

Er is nog een stuk dag over, dus we besluiten naar het Genocide museum te gaan. Het museum gaat over de genocide die door het Ottomaanse rijk gepleegd is, ten tijde van de WWI, op Armeniërs. Het museum is heel indrukwekkend. Al in 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw werden er regelmatig misstanden gepleegd op Armeniërs, maar in de WWI kreeg dit een systematisch, georganiseerd karakter. Armeniërs werden op grote schaal naar concentratiekampen gebracht in het huidige Syrië. Waar ze te werk werden gesteld, waar vrouwen werden verkracht, de mensen gebruikt werden voor medische experimenten, en al dan niet actief vermoord werden. Klinkt als een gruwel verhaal uit de WWII, maar kennelijk is de genocide op de Armeniërs een grote ‘inspiratiebron’ geweest voor Hitler en zijn regime… Naar schatting zijn er rond 600.000 Armeniërs vermoord en dat terwijl de bevolking van Armenië op dit moment slechts 3 miljoen bedraagt.

Zwaar onder de indruk nemen we een taxi terug. Bij een taxi moet je altijd goed opletten dat je niet bedonderd wordt. Waar dan ook in de wereld. In Tbilisi waren we al bedonderd met een handvol waardeloze, niet-Georgische muntjes en op de heenweg naar het Genocidemuseum kregen we te weinig wisselgeld terug. En dus vragen we bij het instappen nadrukkelijk naar de prijs en het tarief. Volgens de taxi chauffeur is het een ‘spits’tarief, wat inhoudt dat het instaptarief 400 dram hoger is dan normaal; namelijk 1.000 dram (bijna 2 euro). Maar als de meter dan vervolgens veel harder op loopt dan normaal is (heen kostte de rit 600 dram), manen we de taxi chauffeur te stoppen. We stappen uit en bieden aan 600 dram te betalen, maar zeker niet de 2.700 waar de teller nu op staat. Een fikse discussie volgt, maar wij zijn echt niet bereid om dik 5 euro te betalen voor een ritje van 2 km die ons bovendien nog niets dichter bij huis heeft gebracht. De sfeer is grimmig en de taxichauffeur neemt een foto van ons om ons op een zwarte lijst te zetten bij zijn collega’s. We zijn niet echt onder de indruk en lopen weg om om de hoek een andere taxi te pakken. Een omstander die het hele gebeuren heeft aangezien, vraagt wat er is. Zij bevestigt vervolgens dat het bedrag absoluut buitenproportioneel is. De volgende taxi brengt ons netjes waar we moeten zijn voor de 600 dram die we vooraf hebben afgesproken. Het lijkt wél een grijze taxi, want bij het naderen van het centrum haalt hij ijlings het bordje ‘taxi’ van zijn dak…
Wij zullen als fietsers gelukkig weinig met dit taxi-gedoe te maken hebben. Lang leve de fiets.

20181106_143124

Georgië, deel 2: Via Tbilisi het land uit (27 oktober t/m 3 november 2018)

Als we zaterdag weer op de fiets stappen komt Auke helemaal niet meer vooruit. Sinds de modderige heftige Ushguli afdaling werken zijn remmen niet meer en ook bij mij is de achterrem ‘uit’ gevallen. Niet kunnen remmen en wel op de rem staan klinkt gek, maar als de remblokjes helemaal versleten zijn, kan dit een gevolg zijn. De plaats Tskaltubo, waar we slapen, is erg klein. Kutaisi 16km verderop heeft een goede fietsenmaker. Helaas zit er niets anders op dan erheen fietsen. Wetend hoe slecht dat is voor de remmen… In Kutaisi vinden we Zura, een echte professionele fietsenmaker. Hij laat in 2 uur zien hoe je de remmen verwisselt, hoe vreselijk het metaal van de remmen weggesleten is en hoeveel eerder we de volgende keer de blokjes moeten vervangen én hij zorgt dat onze standaards weer werken….! (Knorretje en Iejoor willen niet meer zelfstandig staan). Helaas heeft hij geen blokjes op voorraad en kan alleen Auke zijn fiets volledig werkzaam worden gemaakt met onze reserve remblokjes. Hij heeft wel een naam en adres van iemand in Tbilisi waar mijn fiets onder handen kan worden genomen. Als die komende 250 km maar goed gaan…. Hetzelfde slepende geluid is te horen en met één rem in dit verkeer….

P1050904

Het is drie uur geweest als we die 16 km tot Kutaisi op de teller hebben en nog een sprong willen maken. De kortste route met de minste weerstand is via de snelweg. Heel normaal om die te nemen. De fietsenmaker geeft ook dit advies en Ivan appt dat de andere mogelijkheden geen opties zijn, weet hij uit ervaring. Dus de snelweg op. Helaas geen vluchtstroken zoals in Griekenland en Turkije. En dat met verkeer wat dolgraag inhalende auto’s inhaalt ondanks de politie ervoor of erachter… De route is zoals verwacht vreselijk. Om je heen kijken is er niet bij. Het verkeer raast, je kijkt voor je of in je achteruitkijkspiegel. Op- en afritten steek je met heel veel voorzichtigheid over. Gatver. Dit is ook Georgië, echter niet zoals wij het graag zien.

Eerst is de snelweg -bestaande uit betonplaten- 2baans, voor deze 4baans wordt. Als we op de nog smalle snelweg een oprit oversteken – ik zoals gewoonlijk in het wiel van Auke- houdt opeens een betonplaat op. Ik zie dat niet, donder eraf en slinger de snelweg op, midden op de rijstrook. In paniek gooi ik het stuur weer om en zit de volgende seconde tegen de vangrail aan. Boem. Ho. De snelheid stelde niets voor (15kmpu?) en dus de knal ook niet. De vangrails is veilig, nou ja veiliger dan midden op de snelweg. Het verkeer toetert en een vrachtwagen raast langs. Dit is ternauwernood goed afgelopen. Ik moet er niet aan denken dat het verkeer dichter op me had gezeten. Ze rijden hier 80-90 km/u. Dat had ik niet overleefd. Enorm geschrokken fietsen we gauw verder. Kutweg. Gelukkig wordt het niet veel later een 4-baans weg mét vluchtstrook. Dat de vluchtstrook door meer verkeer wordt gebruikt, geeft niet. Nu zit er 99% van de tijd tenminste 2 meter tussen ons en het verkeer. En niet 20 cm zoals daarvoor….

In Zestafoni houden we het voor gezien, de dag was intensief en met een kleine 60km op de teller genoeg. Voor morgen eens kijken of er andere wegen naar Tbilisi leiden…. Dit voorval zit ons niet in de koude kleren en het zal ook nog wel een paar dagen duren voor we hier overheen zijn.

Zondag 28 oktober willen we Surami bereiken. Een klein plaatsje, maar met een guesthouse aan de route. Er zijn twee opties, de snelweg of een andere route die op googlemaps even geel en groot staat aangegeven. We hebben begrepen dat een deel mogelijk onverhard is, maar het ziet er op papier en googlemaps goed uit. De eerste 25 km tot Kharagauli gaan vlekkeloos, prachtig asfalt, mooie omgeving, lekker tempo (gemiddeld 18 km/u). Maar dan wordt het onverhard, modderig, zijn er veel plassen, kleine diepe en grote weg-brede plassen en heel veel keien. Het tempo zakt per direct in. We halen weleens 10km/u, maar lang niet altijd. Als er een zijweg is, staan er grote blauwe borden, zoals op doorgaande wegen. Bovendien zijn de zijwegen én in de dorpen de wegen prachtig geasfalteerd. Maar niet op deze relatief drukke hoofdroute. De weg is echt vreselijk slecht. We hebben 3 uur nodig om 22 km af te leggen. We zijn wat laat vertrokken, hebben lange pauzes genomen en het gaat laat worden. Het zal in totaal zo’n 50km onverhard worden…. We zijn het zat. De weg van Usghuli naar beneden is vergelijkbaar geweest, maar met een prachtige omgeving. Nu moeten we klimmen, de omgeving leidt niet voldoende af en er is echt geen slaapplaats onderweg te vinden.

We hebben principes; we fietsen álles en aangezien we geen waterfietsen hebben mogen we ook boten nemen (ook als we daarmee wat afsnijden ;). Maar geen bussen, treinen of liften. Toch zijn we het zo zat dat we –tevergeefs- met een goederentrein proberen mee te liften, daarna met een vrachtwagen en een busje. Uiteindelijk hebben we raak; een vrachtwagen neemt ons mee achterin als vee; past goed voor Knorretje, het varkentje en Iejoor, de pakezel.. en bij ons…? We leggen 7km af in een half uur i.p.v. een uur zwoegen. Daarna fietsen we weer een stuk, maar het wordt donker. Gaan we de tent ergens pitchen? Bellen we ergens aan? Gaan we verder fietsen? De Georgiërs komen wat ons betreft wat nors over. Aanbellen durven we niet goed. We fietsen verder terwijl het 18u is geweest en donker is. Met een slechte hoofdlamp en Auke’s goede koplamp gaat het nog net. Maar dit is een crime! En dan komen er een paar busjes aan. Onze duimen gaan omhoog en de auto wordt voor ons geopend. Binnen no time staan, en even later liggen, Knorretje en Iejoor tussen de benzinevaten. Wij voorin met z’n 4en en geen telefoon, dus geen Google translate. Eén van de mannen belt zijn dochter. Zij spreekt vloeiend Engels. Als ze vraagt waar we heen willen (de snelweg is super, Surami of Khashuri ook prima), krijgen we het aanbod bij haar ouders te blijven overnachten. Eh..nou… eh.. graag! En zo gebeurde het dat we 25 km liften, onze principes overboord hebben gegooid en de ultieme Georgische gastvrijheid ervaren! Toch weer een mooie ervaring 😉

20181028_172656

Bij Eke (de vrouw van) en Gilles (de chauffeur) thuis aangekomen, staat de buurvrouw al klaar. Zij is docent Engels en vertaalt de hele avond. Ook regelt zij water, want er is al een paar uur geen stromend water (helaas geen douche en behelpen met toilet, tandenpoetsen, handen wassen). Iedereen heeft al gegeten maar de tafel wordt gedekt met voor iedereen een bordje. Maar wij eten als enigen… Wijn van de buurvrouw wordt ingeschonken en we hebben een heerlijke avond met open gesprekken over van alles en nog wat. Er wordt een kamer met bed voor ons klaar gemaakt en we slapen fantastisch. Het is en blijft wennen dat we voor een wasbak en wc bijna altijd naar buiten moeten – de kou in-, maar tegen de ochtend is er in ieder geval stromend water. Nog een uitgebreid fruitontbijt en koffie en we kunnen vrolijk napratend weer op pad. Dus toch. Ook Georgië kent de onvoorstelbare gastvrijheid die we in de Balkan en Turkije hebben leren kennen….

We zijn wat laat op pad, hebben na niet te lange tijd meer ontbijt nodig en komen na een uur fietsen Ivan bij een kiosk tegen. Ivan hebben we sinds Zugdidi niet meer gezien, al fietsen we steeds een km of 50 achter elkaar. Ivan heeft een voedselinfectie opgelopen en is sindsdien extreem traag. We zitten 2 uur lang bij een kiosk en dan staat Maarten voor ons. Maarten komt uit Haarlem, fietst ook op een Avaghon (net als wij) en komt vanuit Pakistan gefietst en is onderweg naar huis. We kletsen een end weg, adviseren hem niet dezelfde fout als ons te maken met die ene hobbeldebobbel modderplassen route en bespreken of we toch via Pakistan kunnen fietsen. Dat is echter niet mogelijk, anders dan via de Pamir highway waar het nu veel te koud en besneeuwd is… We horen wel over Duitsers die met een cargoschip vanaf Muscat naar Mumbai varen. Een optie waar we naar zochten, maar niet vonden. We gaan weer googlen…!

We fietsen weer een stuk tot het opnieuw tijd is voor pauze (ongeveer elke 60-75 minuten). We nemen plaats op een bankje tegen een schutting. In Georgië hebben de doorgaans vrijstaande huizen in de dorpen een enorm hek om hun tuin heen. Wellicht om de loslopende dieren (koeien, varkens, honden, kippen en soms paarden) van hun erf te houden. Vanachter hun hek is het zicht op het openbare leven beperkt. Aan de straatkant heeft bijna elk huis een ‘socialize’bankje. Hier hangt half het dorp uit. Voor ons hele prettige pauzeplekken, want er is altijd wel een bankje te vinden als we willen zitten. Vandaag zitten we nog niet of de eigenaren komen een kijkje nemen. Ze vinden het prachtig dat we hier zitten, praten Georgisch tegen ons en wij Engels tegen hun en zo begrijpen we 2% van elkaar. Socializen komt met wijn. Georgië is een wijnland en zelfs het oudste wijnland ter wereld met al 8000 jaar wijnproductie. En proosten is wijn atten. Allemaal 2 glazen verder komen er druiven bij als toetje van de lunch, maar ook een emmer appels voor onderweg en koffie om op weg te kunnen komen… Wat een heerlijke Georgische gastvrijheid! We bieden voor de zekerheid geld aan en na 3x aanbieden neemt de vrouw des huizes zichtbaar dankbaar het geld aan. Zij blij, wij nog blijer.

20181029_152658

In Georgië lopen veel dieren op straat, waarbij zwerfhonden de overhand hebben. Ze worden in de steden weleens gechipt, het teken dat ze zijn ingeënt en gesteriliseerd. Vandaag zigzaggen we weer eens om de honden heen. Een ferme schreeuw of stil staan helpt voldoende om afstand te creëren. Er is een hond die een paar kilometer met zijn baasje op een brommer mee rent. De hond hebben we een paar keer met succes tot orde geroepen tot hij ons negeert. Deze hond moet onderweg echter regelmatig van zich afbijten als andere honden hun territorium bewaken. Als wij hem vervolgens nog eens inhalen is hij zo agressief dat hij achter me aan zit en flinke zijn tanden in mijn tas zet. Gelukkig is het de tas, maar deze fietstas is duidelijk niet meer waterdicht… De eigenaar van de hond komt een kijkje nemen. Maar wat kan hij en wat kunnen we van hem verwachten… tijd om door te fietsen.

Met heel veel vertraging komen we in een leuk guesthouse in Gori aan, waar we net wat te laat zijn voor het Stalin museum. En dat terwijl we maar 55km en nauwelijks hoogtemeters in de benen hebben. Te gezellig geweest onderweg. Stalin is geboren in Gori en daar is dus een museum over zijn leven. De gidsen in het museum blijken uber positief over Stalin te vertellen, terwijl zijn gruweldaden ergens in de kelder worden tentoongesteld. De Georgiërs zijn overall negatief over Stalin, terwijl er her en der wel standbeelden te vinden zijn.

Dinsdag 30 oktober hebben we meer dan 90km te fietsen van Gori naar Tbilisi en we verkiezen een vroege start boven het museum. We hebben een parallel route gevonden die NIET over de snelweg gaat, géén modderpad is, echter wel prachtig asfalt heeft. De omgeving is niet heel boeiend en zo vlotten we goed. We hebben ruimte om Mtskheta te bekijken. Deze onuitspreekbare stad is de voormalige hoofdstad van Georgië en heeft een kathedraal en een aantal kloosters. Een toeristisch stadje om een uurtje te vermaken. Dat we vervolgens via de drukke snelweg zonder vluchtstrook de weg kunnen vervolgen is wel minder. Als we een parallelweg vinden en denken dat we er zijn, blijkt dat we nog 15 km door de drukke stad mogen fietsen voor we echt op bestemming zijn. De hoofdstad Tbilisi heeft 1,4 miljoen inwoners en is dan ook erg groot. Het verkeer raast, het is een drukte van belang, doch heerlijk om hier tussen te fietsen!! Wij zijn zoooooo enorm blij met onze spiegels aan het stuur, we zouden ze voor geen goud willen missen. (Beide hebben het boek van Marika van der Meer gelezen over haar fietstocht naar Australië. Na duizenden kilometers en een ernstig ongeval van haar medefietser heeft ze op aandringen van anderen pas een spiegeltje op haar stuur geplaatst….). In dit drukke verkeer is over je schouder kijken echt te gevaarlijk, daarvoor is er te weinig ruimte. Kijken betekent een beetje verplaatsen en het kost tijd om dat te corrigeren met de zwaarbeladen fiets (46 en 52 kg).

We blijven 4 nachten in Tbilisi. We zoeken vaak vooraf op booking.com een geschikte, goedkope kamer met een goede beoordeling. Heel regelmatig zijn we verbaasd over het hoge cijfer. Misschien zegt het iets over ons? In Gori had het guesthouse een 9,6. Die was zeker prettig, al is een toilet bereikbaar via de tuin niet zo prettig (doch vrij gebruikelijk in Georgië) en was het ontbijt simpel. Bij vertrek werd op ons hart gedrukt wel een goede referentie achter te laten, want het cijfer mocht echt niet dalen… Tja dan durf je bijna niet meer je echte mening te geven, liegen doen we niet en dus neig je een referentie achterwege te laten. Op die manier kan een cijfer makkelijk hoog blijven…
Onze eerste guesthouse is recent geopend en ondanks de nieuwigheid valt zowat alles uit elkaar. Er woont een kat binnen en geen eigenaar. De kat zeurt continu om aandacht en eten, terwijl ik er alleen maar van ga niezen. Dus helaas toch verhuizen naar een veel prettigere guesthouse, 4 nachten op 1 plek was zo’n luxe geweest…!

3 hele dagen Tbilisi, wat een tijd en wat vliegt die om. Sinds de afdaling in Svaneti zijn alle remmen versleten en heeft Auke een nieuwe set, maar moet er voor mij gezocht worden naar nieuwe geschikte remblokjes. Dat kost tijd. De fietsenwinkel aan de andere kant van de stad heeft een fietsenmaker die uren later start met werken, dus 2x op en neer. Dat we mijn achterrem er helemaal afgekoppeld hebben om verdere slijtage en ‘aanslepen’ te voorkomen, was niet zo handig voor de olie, want die is gaan lekken. Bij het vervangen van de olie ontstond ook lekkage, waardoor de remblokjes geolied zijn.. Met ethanol schoonmaken en flink de stad doorremmend fietsen (het is hier behoorlijk glooiend, dus dat lukt wel) maakt dat de achterrem het inmiddels ook weer doet.

Behalve de fiets onderhouden, zijn we hier om het visum voor Iran te regelen. Het is 4 weken geleden dat we een e-visa hebben aangevraagd. Na 5-10 dagen zouden we een verificatie-code krijgen waarmee je bij de ambassade het visum kan ophalen, mits je geen Brit of Amerikaan bent, want die worden bij voorbaat geweigerd. Wij hebben nooit een code gekregen en alle telefoonnummers die vermeld staan voor informatie blijken niet te werken. Het is dus erg spannend wat ons nu te wachten staat…. We parkeren de fietsen voor de ambassade waar rijen Iraniërs staan te drukken om binnen te komen. Maar een enkele vrouw draagt hier een hoofddoekje, terwijl de ambassade Iraans grondgebied is. Auke staat nog niet in de rij of hij wordt eruit gepikt door de bewaking. We worden naar binnen gemanoeuvreerd terwijl ik mijn sjaal nog nauwelijks over mijn hoofd heb gedrapeerd. Zonder er meer woorden aan vuil te maken worden we gemaand de paspoorten en telefoons in te leveren. Met het paspoort wordt iets in de computer gecheckt en de telefoon is uit veiligheidsoverwegingen ingenomen. 2 minuten later zitten we in de ‘ondervraagkamer’. Of we met de fiets zijn. Huh?? Oké camera’s en ach ja, dat zal wel doorgefluisterd zijn. We moeten lachen, al hoewel dit niet zo prettig is, want ze zijn niet zo dol op toeristen die per fiets het land binnen komen. Of we het proces van aanvragen willen opstarten. Kost 5-10 dagen. Wat??? Een lichte voorzichtige discussie wordt gestart, we hebben immers de aanvraag allang gedaan. Het relatief nieuwe e-visa systeem blijkt volgens verhalen op internet wel vaker vast te lopen. Daar kunnen wij toch niets aan doen en hoeven wij toch geen slachtoffer van te worden. Na wat doorpraten waarbij de sfeer iets minder luchtig wordt, blijkt de oplossing heel simpel. We starten het proces opnieuw en halen het visum in Yerevan op. Dat kost ons nog wel een week voor we daar zijn. Het visum wordt voor 80% toegekend, 20% afgewezen. Wij hebben nog niet van iemand gehoord dat die is afgewezen, hebben geen stempels van Amerika of Israël en de ‘juiste’ nationaliteit. Dus wij hoeven ons geen zorgen te maken. Of toch…..? wordt vervolgd.

Ons pakket winterspullen (muts, handschoenen), klompjes voor al die gastvriendelijke mensen, medicatie en lenzen zijn aangekomen! Hiervoor hebben we wederom een lange adem nodig…. Op 19 oktober heeft Sandra een pakket van 1998g samengesteld (topper!) die een berzorgtijd heeft van 5-12 (werk!)dagen. Tbilisi zal als hoofdstad vast wel sneller gaan dan een dorp en dus sneller dan die 12 dagen. Echter op 30 oktober (11 dagen na aanleveren bij PostNL) blijkt het pakketje pas uit Nederland te zijn verzonden….!!! Vervolgens wordt het pas 2 dagen daarna aangemeld als aangekomen en moet het nog door de douane. Vrijdag 2 november ligt het op het postkantoor, en wij willen 3 november naar Armenië fietsen, dus perfecte timing.

Dan ben je er echter nog niet. Ophalen kost 3 uur. De fietstijd en wachttijd zijn niet de grootste boosdoeners. Als je aan de beurt bent om het pakket te incasseren begint het pas. Op het pakket stond een waarde vermeld van €125,- (er moest wat worden ingevuld). Dat is meer dan de grens van 100,- waaronder geen importbelasting hoeft te worden betaald. “Hoezo importbelasting???” Dat is 18% over alles en wel 83 Lari (27 euro). Of we even bij het belastingkantoor langs willen gaan voor een invoice-nummer. Grrr.. Okay. Daar gaat het vliegensvlug en gelukkig ben je overal met de fiets ook lekker vlot. De dame in kwestie gaat mee in ons verhaal dat de waarde een wilde gok van de verzender is en dat het maximaal de helft van de waarde is. Met de foto van de inhoud als bewijs gaat ze akkoord en geeft aan de waarde in het systeem te veranderen. Opgelucht dat we deze belachelijke extra kosten niet hoeven te betalen, keren we terug naar het postkantoor. Bij de balie nemen ze onze papieren in, maar gaan niet met dit verhaal mee dat we geen importbelasting hoeven te betalen. Discussie werkt niet. De enige oplossing is de douanebeambte het pakket te laten beoordelen… Echter dan ziet de douane ook het geld wat erin is verstopt wat voor Iran bedoeld is… en dit kost een aantal dagen en is voor ons nu geen optie. We gaan schoorvoetend akkoord, wat kunnen we anders. Op de vraag wat er zou gebeuren als we niet betalen en morgen het land verlaten, wordt aangegeven dat dat niet kan. Nou dat zien we dan wel weer 😉

Of we eerst 20 Lari (7 euro) kunnen betalen voor administratieve kosten….Wat???? En daarna naar de naast gelegen bank kunnen gaan voor de betaling van 83 Lari + 4 Lari administratie kosten. Wat is dit allemaal? In Athene en in Turkije (bril Auke) haalde je gewoon het pakketje op en klaar….
Buiten gekomen en nog altijd ontzet over dit gebeuren komt een man naar ons toe die alles heeft gehoord. Hij geeft aan dat Georgiërs om genoemde redenen hier altijd over liegen en hoe hij hier mee omgaat. Tevens verwacht hij dat we best een poging kunnen wagen de grens over te gaan zonder te betalen. Hmmm… laten we dat gewoon doen. We hebben al 21% belasting betaald, het zijn deels gebruikte spullen en we zijn het hier gewoon niet mee eens. Punt. Of komma? We gaan het zien. Hier zijn we zeker 3 uur mee zoet geweest. Tijd om Tbilisi te bekijken, daarvoor hebben we exact 1 dag….

Tbilisi is een moderne stad, niets vergeleken met het platteland wat we eerder hebben gezien. We hebben zelfs centrale verwarming in onze tweede guesthouse ;). We bekijken de stad met een 3 uur durende wandeltour, waarbij veel geschiedenis en de oude stad voorbij komen. Zo bekijken we de prachtige ‘peace-bridge’, liberty square en zien in de tunnels onder de drukke straten prachtige graffiti. We zien diverse aanmoedigingen om aan de alcohol te gaan, iets wat toch wel erg typisch Georgisch genoemd kan worden. Waar we in Turkije zelden tot nooit in de verleiding werden gebracht, komt alcohol hier steeds weer aan de orde. In de supermarkten vind je eerst de flessen bier in 1,5 liter petflessen en daarna het fris. Proosten met wodka of wijn doe je om een nieuwe ontmoeting in te klinken, om een maaltijd te starten, om op te warmen, om een zere keel of problemen kwijt te raken…

P1060024

P1050995

Wat tevens opvalt is de deels mooi opgeknapte huizen en deels vervallen huizen. De huizen zijn doorgaans eigendom en geen huurwoningen en de overheid bepaalt en betaalt (wellicht via belasting natuurlijk) dat hier en daar onderhoud moet plaatsvinden. Halverwege de tour gaat de gids op klassieke muziek een deuntje meefluiten. We zien niet helemaal het nut ervan in, maar even zitten tijdens de 3u durende slentertocht is erg prettig en wat hij bij elkaar fluit is indrukwekkend te noemen. De gids legt ook wat uit wat we al vaker hebben gezien en zelfs al eens hebben gegeten. Een lekkernij van een slinger noten met druivensapdrap. Gedroogde druivensapdrap hebben we in de bergen als toetje gegeten nadat de eigenaresse de slingers aan het maken was. Ideaal voer om lang te bewaren. De onze was echter in 3 minuten op.

P1050959

We eindigen de tour bij de badhuizen. Tbilis betekent warm. De naam is aan de stad gegeven na het ontdekken van warmwaterbronnen. Dat wetende kunnen we niet anders dan een badhuis bezoeken als we Tbilisi echt willen meemaken. Als het ook nog regent is het extra heerlijk om een uurtje in het zwavelbad te liggen en te zien of de (‘Turkse’) scrub weer zoden aan de dijk zet. En natuurlijk doet dat het.

Mijn oorbellen zijn allemaal pikzwart geworden door de zwavel. Ik had het kunnen weten. Met (keuken)soda is het zilver weer zilverkleurig te maken. We zien heel vaak in de supermarkt soda staan, soda is natriumwaterstofcarbonaat wat gebruikt wordt als bakpoeder. Dit is wat anders dan schoonmaaksoda 😉

Deze wereldstad is zo hypermodern dat ze meerdere carrefours hebben. Deze Franse supermarktketen heeft met name ‘exotische’ producten. Denk aan b.v. speculoos. We vinden er melkpoeder wat we in heel Turkije en op het Georgische platteland niet konden vinden. Melkpoeder is voor ons ideaal als lichte (alles draait om gewicht) en houdbare melkvervanger voor b.v. ontbijt. Ook als we eens zonder eten zitten kunnen we op die manier een voedzame maaltijd maken. Hoe lastig het ook is om muesli te vinden, meestal hebben we wel zoiets bij ons. Oh en yoghurt is erg lastig te vinden. Die maken ze zelf en aan toetjes doen ze niet. We gooien potjes matsone (zure yoghurt) en zure room (daar hebben ze hier 20 soorten van) door elkaar om een romige stevige ‘Griekse’ yoghurt van te brouwen. Samen met muesli een prima combi om een fietsdag mee te starten.

De winter komt eraan en dus moeten we er nu aan geloven dat we een dikkere en zwaardere slaapzak nodig hebben. Niet dat we willen kamperen, liever niet. Sinds Cappadocië hebben we nog eenmaal (wild) gekampeerd, omdat de afstand te groot was. Dat was qua temperatuur nog precies te doen. Echter de overnachtingen zijn erg betaalbaar en de nacht temperaturen voor ons wat te laag om het aangenaam te vinden. We hebben echter een tent mee en wellicht moeten we die inzetten als we een accommodatie niet kunnen bereiken. We kopen een slaapzak die tot 0’C aangenaam is en isolatie-aluminium om onder de matrasjes te leggen. Met nog een opblaaskussen erbij zijn we compleet. 2 dunne slaapzakken moeten samen 1 betere kunnen vormen… Met onze lakenzakken hogen we de temperatuur ook nog 5 ‘C op. Gelukkig is Tbilisi een echte stad waar we dit soort dingen kunnen kopen.

In een echte stad en véél betaalbaarder dan in Turkije kan je ook naar een beautysalon. Misschien niet iets wat je zou verwachten op fietsreis, maar zeer praktisch is het wel. Voor Euro 3,- krijg ik ‘permanente’ mascara aangebracht, zodat ik 2-4 weken verder kan zonder er al te moe uit te zien 😉
Roggebrood heeft in Georgië een andere betekenis gekregen. Het witbrood komt hier in de vorm van een rog uit de stenen ovens. Later in Armenië zien we eindelijk hoe gaaf het gemaakt wordt. Daarover later meer.

dav

Als het regent is het niet handig over straat te fietsen. Nooit natuurlijk, want daar word je vies en nat van en als het tegenvalt smelt je. Hier zijn ze niet gewend te fietsen en de regenpijpen zijn gebouwd voor autoverkeer. De meeste regenpijpen eindigen ergens midden boven de straat. Als je niet oplet fiets je niet één keer maar continu onder deze stralen door…

Het verkeer is sowieso erg druk. Veel auto’s, bussen en taxi’s. De meeste auto’s houden enigszins rekening met die zeldzame fietsers en zwaaien of toeteren uitbundig. De bussen en taxi’s neigen je over de voeten te rijden, dus als je daar oplet, kom je goed door het verkeer heen. Voorrang krijg je niet altijd, die neem je. Het is er vaak zo druk dat je met de fiets veel sneller bent. En zo sjezen we met veel plezier op en neer in de 3 dagen 55 km bij elkaar. Lang leve de fiets.

De fiets is overigens een prettige manier om bij te komen van de appartementen. Bijna overal waar we slapen krijgen we donsdekbedden en kussens. Iets waar ik niet tegen kan. In de 2 guesthouses waar we hier blijven is dat niet het geval maar hebben ze een hond en een kat. In de gezamenlijke ruimtes is het dan niet al te lang prettig vertoeven. Uitwaaien op de fiets helpt dan goed.

Gezien we niet op visum hoeven te wachten, gaan we volgens de planning zaterdag op pad en maken een kleine 100km om Georgië te verlaten voor een nieuw land. Onderweg ervaren nog eenmaal de ultieme Georgische gastvrijheid; we krijgen een flinke zak met ruim 30 mandarijnen van een man. Mijn fiets is met zeker 3kg in een voortas erbij totaal uit balans, maar onze vitamine C niveau weer in balans;). Een grensovergang is voor ons elke keer een highlight, een high five en met een beetje geluk een stempel waard. Dit keer is het extra spannend, want we willen de ‘belasting onderduiken’. Ons is verzekerd dat we het land niet uit kunnen zonder onze schulden af te betalen. We zijn nog altijd gechoqueerd van de verplichte betaling van 18% BTW over een pakket (deels gebruikte) spullen, deels medicatie en waar we al eens belasting over hebben betaald. Die ‘import’belasting slaat al helemaal nergens op als we binnen 24u het land verlaten. Dus we proberen onder deze verplichting uit te komen. Auke zijn paspoort is aan het pakket gekoppeld en met de bon met ‘invoice’nummer moesten we voor 3 december de rekening betalen. Dat hebben we nog niet bij de bank gedaan en weten dat er ook een bank bij de douane is. Maar als de douanebeamte er niets van zegt, doen wij dat al helemaal niet…! We mogen warempel doorfietsen! Met een dubbele high five maken we ons klaar voor….. Armenië!

Een korte terugblik:

We kijken terug op een land met een hypermoderne, heerlijke hoofdstad, het afgelegen prachtige Svaneti, de heftigste en mooiste afdaling van onze reis (of was dat de Splügenpas?) en 4 versleten remmen als gevolg. De Sovjettijd is in de gebouwen nog erg zichtbaar en de vele oude auto’s hebben lang niet altijd hun bumper(s) nog en in de autoramen zijn veel barsten te zien. De bevolking is trots op hun geschiedenis en zelfvoornienendheid, is afwachtend, lijkt wat norser en geslotener dan we gewend zijn. Maar een Georgische groet (Gamardjoba!) deed vele gezichten openen en lachen. En ook hier is gastvrijheid absoluut te vinden, mits de mensen de kans krijgen je te benaderen en andersom. Wat hebben we veel mooie blije gezichten gezien en duimen omhoog zien gaan!

Qua eten wordt hier goed en stevig gegeten met meel en kaas als basis, dus veel broodproducten met daarin of daarbij kaas. Wij zijn hier aangekomen in plaats van afgevallen, ondanks de kleine 1.000km die we hier in 2,5 week fietsten. We vinden het niet persé een fietsland, vanwege de vele snelwegen zonder vluchtstrook en als alternatief slechte, onverharde wegen. Hier hebben we de engste momenten op de fiets gehad, die niet in de koude kleren gingen zitten. Voor een veiligere fietsvakantie met nog meer mooie mensen en omgeving raden we Turkije aan, maar op doorreis naar het Oosten is een ommetje Georgië zeker geen straf. Wandelend komt het land ook goed tot zijn recht. Wij komen graag nog eens terug in de lente of zomer om wandelend Georgië verder te ontdekken, de Kaukasus heeft meer te bieden! Wacht niet te lang, het land wordt steeds toeristischer en verliest daarmee helaas wat authenticiteit.

P1050558

Wij fietsen voor HDKT. Heb jij al gesponsord? We zijn je super dankbaar!
We hebben 10% van het beoogde einddoel binnen. Help jij mee? Klik hier.

Voor meer foto’s en onze route zie Polarsteps.

Georgië, deel 1: Batoemi & Svaneti (15-26 oktober 2018)

We worden gewaarschuwd voor Georgië. Ze rijden er als gekken. Op de wandel- en fietsbeurs afgelopen winter kregen we een verrassende presentatie over Georgië. De rasechte wereldfietsers die nergens voor terug deinzen, hebben Georgië vervroegd verlaten. Ze vreesden continu voor hun leven op de wegen van Georgië… De zaal vol geïnteresseerden raakt in verwarring. En iedereen die wel (wij niet) naar ‘wie is de mol’ heeft gekeken, wil ook naar Georgië. Auke is al tijden in Georgië geïnteresseerd en hé met een flinke detour is het op de route te noemen.

P1050502
De Turken noemen Batoemi – waar we Georgië zullen binnen komen – ‘sin city’ zonder verdere toelichting. Als moslims dat zeggen, nemen we dat met een korreltje zout. Al voelden we er al iets van aankomen in Hopa, met meer tekelshops (drankwinkels) dan we tot heden in heel Turkije zijn tegen gekomen en verdacht schaars geklede dames.
Zodra we de grens oversteken, verandert alles. We verliezen niet alleen een uur tijd, we zien tevens (reclames voor) casino’s, alcoholwinkels en de verkoop van eigengemaakte alcohol vanuit auto’s. Het lijkt alsof ze bij de grens hun rijvaardigheden hebben ingeruild om verder te mogen. In Turkije hebben we buiten de tunnels van drukke autowegen ons nooit onveilig gevoeld. Hier over de grens is er mondjesmaat een vluchtstrook en rijden ze gestoord. Als iemand inhaalt, wordt ook de inhalende auto bij voorkeur gepasseerd. Ze passeren je op enkele centimeters afstand. Als na 25 km een vrachtwagen zeer voorzichtig met gepaste snelheid inhaalt, checken zowel Auke als ik onafhankelijk van elkaar of deze de Turkse nationaliteit heeft en ja wel! Wij zijn van de Turken gaan houden en missen ze nu extra erg.

Nog geen 5 km verder rijdt een tegenligger over de middenstreep recht op Auke af. Ik schreeuw en Auke vliegt de berm in. De automobilist zit hard te lachen achter het stuur. Als ik in mijn spiegel Ivan in de gaten houd, blijkt de automobilist niet op hem af te rijden. Ivan heeft het voorval ook gezien en houdt de bestuurder in de gaten en ziet hem vooral hard lachen. Woest en geschrokken springen we van de fiets af. We denken allebei gelijk aan de terroristische aanval 2,5 maand geleden op fietsers in Tadzjikistan. Hierbij zijn 4 van de 7 fietsers vermoord door zowel de aanrijding, het nogmaals op inrijden en daarna nog op ze in te steken. Een gruweldaad die elke wereldfietser heeft meegekregen, zonder dat we überhaupt het nieuws volgen. Die aanslag is door IS opgeëist, 4 daders zouden zijn gedood en 4 anderen aangehouden. Het is zo’n bizar incident dat we echt niet geloven dat dit ons zal overkomen. Maar het kan natuurlijk anderen op ideeën hebben gebracht. Deze gek die op ons inreed vond het vooral grappig en zal ons niet hebben willen raken, laat staan vermoorden, maar toch….

De schrik zat er gisteren al even in, toen Ivan ons inhaalde en een tegenligger een vrachtwagen inhaalde. De vrachtwagenchauffeur zag het gebeuren, toeterde luid en ging opzij, Ivan reed ook naar buiten toe en raakte mij en ik vervolgens Auke. Hierop viel Ivan op straat. De auto was inmiddels voorbij en is ook nooit meer gestopt (ondanks over een doorgetrokken streep in de bocht inhalen en de gevolgen…). Ivan had wat schrammen en zijn fietstas is beschadigd geraakt, maar uiteindelijk kwamen we er allemaal vooral met de schrik vanaf. Toch voelde dat héél anders aan dan het incident vlak voor Batoemi…

In Batoemi aangekomen komen we in aanraking met automaten op straat. We interpreteren direct dat het gokautomaten zijn. Dat was echter iets te voorbarig. Je KAN er gokken, maar ook je bankzaken regelen, gas, water en elektra mee betalen, telefoonsaldo opkrikken en noem het maar op. Het is ons niet helemaal duidelijk of dat juist heel vooruitstrevend is of niet.
Ook alcohol is overal weer te koop. De mensen doen oost-Europees of Russisch overkomen en de sfeer voelt erg anders. We horen geen “Cai? Cai? Hos gildenez” meer. En voelen ons daarom wat minder welkom.

Als ik na een pintransactie een sms krijg van de Rabobank dat mijn ‘rekening in quarantaine is geplaatst’, krijgen we het idee dat pinnen in dit land onbetrouwbaar wordt geacht. Nou ja niet zo gek, zo helemaal in Georgië (na tijden niet deze pas te hebben gebruikt). Door inloggen met de Raboscanner kan de blokkade eraf worden gehaald. Na een tweede verificatie moet ik digitaal tekenen om €10.000 (??) naar mezelf over te maken, met de melding dat dat alleen een test is. Allemaal via de superecht uitziende, betrouwbare Rabo-site. Maar dit is te raar voor woorden, dus annuleer ik per direct, raak wat in paniek en check wat er op de rekening gebeurt. De bestedingsruimte is van €0,- opgerekt naar het creditbedrag van -€399.633,18 !!!!! Via Skype direct de bank gebeld en op tijd de rekening kunnen blokkeren. En dan maar denken dat je daar nooit in zou trappen…. Ze worden steeds beter die phishing-criminelen! Je bent gewaarschuwd!

dav
Het is dinsdag 16 oktober en onze eerste ‘vrije’ dag na 10 dagen achtereen fietsen vanaf Sivas. Ook onze eerste dag alleen op pad zonder Ivan, want we gaan allemaal even onze eigen weg. We hebben een Simkaart nodig, onze USB-stick met héél véél foto’s moet hersteld worden, we willen een kaart kopen van Georgië en gewoon even niets. Van dat laatste is weinig gekomen, maar de USB-stick is voor het overgrote deel gerepareerd!! Via het Informatie centrum (die we in Turkije nooit vonden), kwamen we bij een computerreparatiewinkel terecht. De man wist na een korte uitleg gelijk waar we het over hadden en kwam direct met ‘data recovery’. Precies! Dat willen we. “Moeilijk. Moeilijk”. Maar hij gaat er mee aan de slag. Na 3 uur knutselen heeft hij voor elkaar wat ons en 3 anderen niet lukte; de meeste foto’s zijn terug! Zelfs de verwijderde foto’s na uitgebreide selecties… Bang voor de rekening, kwam er nog een verrassing; we hoefden nada, niente, noppes te betalen! Wat een gigantische service! Morgen maar even een bloemetje langs brengen… We beginnen Georgië toch te waarderen 😉

De ‘sin-city’ Batoemi voelt heel relaxt en prettig aan. Het kiezelstrand wat in de zomer vol ligt kan ons niet bekoren, maar het stadje heeft mooie beelden met oude Sovjet-flats en daartussen hypermoderne gebouwen. Zo staat er de Alfabet-toren met het Georgische (voor ons onleesbare) alfabet van 33 letters. En Ali&Nino, het liefdes-standbeeld. Dit moeten Romeo&Julia voor verschillende nationaliteiten voorstellen. Het beeldt het verhaal uit van de liefde tussen de Azerbeidjaanse Islamitische prins en Georgische Christelijke prinses . En we zien een mini-Burj Kalifa; een hypermodern smal en hoog gebouw met zelfs een mini-reuzenrad erin. Het is net Dubai. Al met al best de moeite waard en niet een stad om voorbij te fietsen. Sterker nog, het feit dat we nog niet alles hebben gezien, nog niet bij zijn met de foto’s en het bloggen, doet ons besluiten nog een nachtje in ons appartementje te verblijven.

P1050575P1050540
Na 2 hele dagen Batoemi en een paar blogs verder wordt het tijd om meer van Georgië te zien. We willen naar Svaneti. Vanaf het zuidwestelijke Batoemi gaan we naar het Noordelijkste deel van Georgië, de Kaukasus, waar besneeuwde bergtoppen de grens met Rusland vormen. Ten westen ligt Abchazië, in het noorden Rusland zonder grensovergangen en ten oosten Zuid-Ossetië. Sinds een oorlog tussen Rusland en Georgië in 2008 hebben Abchazië en Zuid-Ossetië zich onafhankelijk verklaard. Sindsdien zijn dit instabiele gebieden die je beter kan vermijden. Svaneti bevindt zich tussen deze gebieden in. Dit gebied is al eeuwen moeilijk te veroveren door indringers. Het onherbergzame gebied wordt gekenmerkt door 175 ‘koshkebi’s’ oftewel verdedigingstorens uit de 9e- 13e eeuw. Deze werden niet alleen gebruikt tegen indringers maar ook om onderlinge vetes uit te vechten. Tot vrij recent stonden de Svaneti bekend om hun bloederige vetes…

P1050708.JPG
We weten dat het een pittige tocht gaat worden met vele hoogtemeters en delen de route dan ook in naar hoogtemeters in plaats van kilometers. Zelden kijken we een paar dagen vooruit, boeken we vooraf iets, zoals we nu wel doen. Er zijn niet veel dorpen met accommodaties en de hoogte en dus de kou nu in oktober, maakt kamperen na een pittige fietsdag niet iets om naar uit te kijken.

In 8 dagen fietsen we van Batoemi naar Kutaisi via Svaneti. De dagafstanden delen we dus in naar aantal hoogtemeters, niet dat we zo enorm stijgen, maar vooral ‘hobbelen’ oftewel op- en neer gaan. Waar we normaal blij worden van een afdaling, zijn we nu angstig dat het te lang duurt, want dat wordt weer klimmen. Hierbij een idee van afstanden, hoogtes en hoogtemeters:

Tabel Svaneti.jpgIvan – de Engelsman – is een dag eerder vertrokken richting Kutaisi, mede om Roelie en Harry te ontmoeten. Roelie en Harry is een Nederlands stel (hearttobeat.nl) die 1,5maand na ons op de fiets uit Nederland is vertrokken. Hun reis is de extremere versie van de onze. Zij hebben hun huis niet verhuurd, maar verkocht en hebben een reis van 3 jaar uitgestippeld. Ook Nepal staat op hun lijstje, en om dezelfde reden; een bergwandeling van een paar weken te maken. Zij gaan echter als een speer en zijn eerder dan wij in Georgië aangekomen en willen in november in Nepal zijn. Hiervoor moeten ze echter vanuit Tbilisi gaan vliegen, i.p.v. vliegend te fietsen. Ivan was warmshower gast in mei bij hun en heeft sindsdien contact gehouden. Auke hoorde via squashmaatje Marco over Harry en Roelie en wij zijn hun blogs gaan volgen. Dus linksom en rechtsom ‘kennen’ we het stel op papier. Ivan hoort tijdens dit ‘reünie’-etentje met het stel dat zijn route tegen de klok in, niet haalbaar is. Sterker nog, met de klok mee was al een behoorlijke uitdaging die niet echt voor de bepakte fietser is weggelegd… Dat belooft wat! Als we vlak voor Zugdidi Ivan even appen, zien we hem pardoes voorbij rijden. “Ivan!!!” En dan vertelt hij wat we later ook in het blog van Harry en Roelie lezen. “Het wordt een pittige tocht en we moeten hem allemaal kloksgewijs gaan afleggen..” Vanaf nu fietsen we niet dezelfde ronde in tegengestelde richting, maar samen, ieder zijn eigen tempo, zeker omhoog. Maar houden wel contact. Ivan bikkelt enorm. De ene dag 140km, de andere dag fietst hij waar wij 2 dagen over doen.

De eerste 3 dagen vinden we het nog niet erg de moeite waard. De beginnende tekenen van de herfst zoals we in Turkije zagen, is vervangen door echte herfst hier in Georgië. De bladeren verkleuren, er is meer bewolking en –ook met de hoogtemeters- wordt het een stuk frisser. De wegen vallen alleszins mee. De drukte is te overzien, want het enige verkeer dat hier komt rijdt richting Svaneti. De grenzen met Rusland zijn hier dicht en Svaneti kan je met de auto alleen op dezelfde manier uit als je bent binnen gereden. Op de fiets wordt immers al een uitdaging.. Het verkeer rijdt soms erg hard en wat dicht bij ons langs, maar dat is meer uitzondering dan regel. Gelukkig maar, want op steile stukken hebben we de gehele breedte van de weg nodig, zigzaggen verlaagt immers het hellingspercentage. Het afwisselend stijgen en dalen is vermoeiend en dus verwennen we onszelf vaker met halfpensions. Behalve deze luxe, is het bijna onmogelijk een maaltijd te bereiden zonder keuken, met de weinige winkeltjes die we tegenkomen en het nog beperktere assortiment.

20181021_150244
De hotels of guesthouses wisselen van kwaliteit. Van een uitgebreid appartement voor onszelf voor €12,- belanden we de volgende dag in een onprettige kamer van een guesthouse voor €15,-. Hier zijn de spiraalbedden net hangmatten, de wc heeft een gebroken wcbril waar niet op te zitten valt en de badkamer heeft 2 deuren die niet op slot kunnen. En dat terwijl we deze badkamer delen met de familie… En je weet van buiten niet of deze bezet is. We kaarten vooral de bedden aan, maar daar zou niets mis mee zijn, want ‘er heeft immers nog nooit iemand geklaagd’. De volgende dag kiezen we op booking.com voor een hotel mét referenties. Niet goed opgelet, deze ligt een stuk hogerop de berg, als hoogste huis van het dorp. Een eindeloze trap houdt ons tegen verder te fietsen. Als we de hoteleigenaar wandelend verderop treffen, moet ze alleen maar lachen en roept ‘no problem’. Op enig aandringen komt ze met de auto ons opzoeken, laden we onze bagage in en kunnen we haar volgen via een iets begaanbaarder hobbelweg. Googlemaps en Osmand kennen hier geen wegen en zelf hadden we deze route zeker niet gevonden. Ook zónder bagage redden we dit pad niet fietsend en lopen dus geregeld. Wat een keuze weer! Echter de obese dame weet alles over lekker eten en maakt veel goed met de heerlijke warme maaltijden ’s avonds en ’s ochtends. Het is even wennen, maar het ontbijt is hier enigszins vergelijkbaar met de avondmaaltijd; dus pasta, patat, bonensmurrie om het brood in te dippen, groenteprut of tomaten en komkommer erbij, etc.

Ook het guesthouse met halfpension een dag later is een feest, inclusief wijn en wodka. En het ontvangst dan… ! We werden zeer enthousiast, klappend in de handen –zonder enige reservering- ontvangen. “Hollandia, soeperrr, soeperrr!” Bijna alles is hier in Svaneti zelf verbouwd, zelf gemaakt, zelf geconserveerd of zelf gemolken 😉 De dorpen in Svaneti liggen erg afgelegen, dus de mensen moeten ook wel, maar ze zijn ook (terecht) trots op hun zelfvoorzienendheid en eigen producten. En wij kunnen er heerlijk van meegenieten.

20181020_204053

Het is maandagochtend en het regent. Als het goed is, wordt het straks beter. We hopen erop, gaan wederom zeer uitgebreid ontbijten en pakken in voor de fietstocht van Becho naar Ushguli. Met vele hoogtemeters (1.660m) en 64km waarvan meer dan 14km onverhard pad kunnen we alle tijd gebruiken.

Miezerregen maakt helaas ook erg nat. We hebben in Denemarken dure lichtgewicht regenjassen gekocht en ik heb een prachtige lichtgewicht fietsregenbroek van Vaude. Helemaal goed voorbereid dus. Dachten we. Het houdt allemaal niets tegen. Binnen een half uur is de laag eronder nat en als je nog even doorfietst ben je door alle (5)lagen doorweekt. Na 1,5 uur komen we aan in Mestia, een kleine 20 km verderop. Hier hadden we gisteren willen aankomen, maar niet gelukt. Nu twijfelen we; blijven we hier of gaan we verder? We nemen een pauze in een café voor de nodige koffie’s, Georgische lekkernijen en het drogen van alle kleding. We eten weer eens khachapuri (ovengebakken brood met kaasvulling) en khinkali (gestoomde deegpakketjes met vlees en bouillon). Als de zon dreigt door te breken, stappen we op de fiets. Echter wel de verkeerde kant op. Er zijn tóch meer wegen hier. Na 8 km zijn we terug bij het café en slaan daar af de berg op, terwijl het inmiddels alweer regent. We gaan het proberen, we gaan door. Bovenop de berg is na een km of 17 een restaurant, daar kunnen we schuilen. Daar na 2u bikkelen aangekomen (het gaat erg langzaam als je omhoog moet), blijkt het restaurant gesloten. We kunnen buiten wel onder een afdak schuilen, maar opwarmen en opdrogen ho maar. Gelukkig hebben we nog wat heet water in de thermos, wat enigszins helpt. Voor de afdaling aan de andere kant van de berg heb ik een drogere onderlaag aangetrokken en gewoon weer 5 lagen, helm op, handschoenen aan. ‘Gelukkig’ mogen we alle verloren meters daarna gewoon weer stijgen. Daar warmen we wél door op. Het is tegen 18.00 uur als we een open caféetje tegenkomen. We hebben eigenlijk geen tijd, de avond valt, maar wel veel behoefte aan warme thee en zitten. Binnengekomen komt er wat eten bij en buiten valt de duisternis snel in. We gaan het echt niet meer redden. We zijn koud, de weg is vanaf nu nog 13 km onverhard met 400 hoogtemeters en met dit weer één grote modderpoel. “Is hier een plek om te slapen?” Het teken slapen (hand tegen de wang) lijkt in alle talen hetzelfde, lekker praktisch! En ja hoor er is daar een kamer! We gaan in volle verbazing kijken en verrek, er is een gloednieuw gebouw met prachtige innieminnie kamers! Ook een warme douche, handdoeken en een radiator kunnen geregeld worden. Top. We bestellen avondeten (in principe altijd wat de pot schaft), warmen op onder de douche, zetten de radiator hoog aan in de kamer en zijn erg blij met de onverwachtse oplossing van ons dilemma.
Ondertussen hebben we contact gehad met Ivan, die een uurtje later is vertrokken en ons onderweg blijkbaar ergens heeft ingehaald. Hij heeft eindbestemming Ushguli net wél gehaald, maar het was een hel en ook hij beaamt dat we er heel goed aan hebben gedaan hier te blijven slapen.

P1050740
Het is droog! Nou ja boven ons dan. De weg is zoals verwacht één grote modderpoel met kuilen en plassen. Wat een ramp. Het kost ons 2 uur (inclusief foto’s maken 😉 om de 13 km verderop gelegen Ushguli te bereiken. Niet alles is te fietsen. Er is een waterval die over het pad loopt, waar we voorzichtig langs moeten kruipen. Maar er zijn ook vooral veel steile stukken met tot 30% hellingsgraad, waar de banden wegglippen bij elke trap die we zetten. Wat zijn we blij dat we hier niet in de stromende regen en het donker hebben hoeven fietsen!!

20181023_102129

Ushguli is een pittoresk dorp op 2.100m hoogte met meer dan 20 oude Svan torens en is een Unesco erfgoed. Het zou de enige en hoogste permanent bewoonde plaats in Europa zijn. Het dorp ligt in een dal tussen 2 riviertjes in met een uitzicht op de enorme berg Shkara van 5.193m hoog. Niet alleen deze berg is op de top besneeuwd, bijna alle bergen hebben momenteel een topje verse sneeuw. De winter komt eraan! Sterker nog, volgens de weersverwachting komt er niet alleen meer regen maar ook verse sneeuw aan. Wij checken zo snel mogelijk in een guesthouse in en gaan voor een wandeling naar een bergtop op 2.900m hoogte voor een 360’ uitzicht. Nou ja, dat dachten we. Met de zon de berg op, met de buien in de verte in aantocht, redden we de top net. En dan begint het te sneeuwen, is het uitzicht vooral op de wolken en wordt het flink kouder. Als we een paar honderd meter zijn afgedaald, is het weer helder en droog. We gaan niet meer terug, het is prachtig geweest en als we verder dalen gaat het regenen en mogen we opwarmen in de keuken van ons guesthouse. De houtoven is –overal waar we komen- de warmtebron bij uitstek. En dus verzameld jan en alleman zich altijd in de keuken. Onze slaapkamer en zitruimte is een graad of 10-15’C, dus daar zijn we zo min mogelijk.

20181022_190538
We hebben vaak goed warme dekbedden, dus de nachten zijn goed te doen. De dekbedden zijn zo lekker warm omdat ze van dons zijn. Leuk en aardig, maar daar kan ik dus niet tegen. Vele nachten eindigen met jeukogen. Normaliter vragen we om synthetische dekbedden, maar ik verwacht niet dat ik dit hier goed kan uitleggen en dat er een alternatief is…. Oogdruppels en allergiepilletjes in de aanslag dus.
Als we in Ushguli wakker worden in de koude kamer, regent het nog altijd. Het is echter zo onaangenaam koud hier, dat we hoe dan ook weg willen. Met enorme spierpijn in de benen van het wandelen (na 5,5 maanden fietsen zonder spierpijn!!), trekken we de stoute regenkleding aan en maken ons op voor de klim naar de Zgaro pas, een pas van 2.623m hoogte en 400 hoogtemeters over 8 kilometer. Een déjà vu van de laatste kilometers naar Ushguli. Het is zwaar! Erg zwaar!. Het wegdek is slecht met stenen, oneffenheden en modder(poelen). We doen er 2u15m over om de top te behalen (afstand: 8 km en 5,6 km/u en bijna 1 uur aan stops nodig gehad).

P1050800
En dan zijn we er niet. De snelle afdaling blijft eerst nog uit. Tijdens de afdaling blijkt het pad nog veel slechter te kunnen zijn. Er volgen meer stenen, meer kuilen en grotere plassen tussen de modder. We hebben reeds 30km onverhard gehad omhoog wat erg zwaar is geweest, maar de 20km onverhard pad naar beneden liegt er ook niet om. Mountainbiken voor gevorderden! Echter zonder die prettige profielbanden en mét 26 resp. 32 kg extra bagage erbij…. We vliegen met plezier naar beneden, in volle concentratie, gefocust op de meters voor ons en plassen en stenen vermijdend.

Dan komt een enorme plas van onbekende diepte en dus probeer ik via het droge strookje ernaast er langs te komen. Een tak steekt uit en grijpt mijn voortas. Mijn voortas houdt vast aan mijn fiets. Boem, daar ga ik volledig onderuit. Een mooie smak in de zachte modder tussen de twee plassen in. Met regenkleding aan is dat niet zo erg als het klinkt. De sluiting van de voortas aan de bagagedrager is echter stuk en als we na een paar hobbels ook de achtertas steeds neigen te verliezen, blijkt die ook een kapotte sluiting te hebben. Met reservemateriaal en een tie-wrap is alles zo gemaakt. Tot ik een kilometer of 10 verder weer een sliding maak. Een stevige ondergrond met zachte modder is een slechte combinatie. Dit keer is alleen de tie-wrap kapot. Dat is 2 minuten werk 😉

P1050865
De afdaling duurt lang en is ondanks de opperste concentratie best koud. Trappen hoeft immers niet. Remmen is wat we doen. In Tsana, een gehucht, hopen we op te warmen, te eten en te drinken. Maar er is niets. Ook het hotel en de kiosk zijn dicht. We worden opgemerkt door diehards die in de tuin onder een parasol (werkt prima tegen regen) lunchen. Ze vragen wat we willen. “Nou eh. Zitten, opwarmen, koffie en eten?”. En dan komt de Georgische gastvrijheid om de hoek kijken. We worden mee naar binnen genomen, de tafel wordt gedekt, er komt koffie, wijn, brood, kaas en tomaten tevoorschijn. We voelen ons zo – toch wel erg onszelf uitgenodigd- wat bezwaard. Echter dit is het enige moment na 3,5 uur fietsen dat we droog kunnen zitten en opwarmen én kunnen eten, want zelf hebben we niets bij ons…. Als we na een uurtje willen gaan en vragen wat we kunnen betalen, wordt de gastvrouw rood en weet niet goed hierop te reageren. “Nee, nee, nee.” Komt er net uit. Volgens de cultuur komt de gast van god en hoor je deze als zodanig te behandelen….

Eenmaal op het asfalt zijn we wederom verkleumd en behoeftig. We vinden alleen cola en gaan er nog een uurtje tegenaan. Ivan heeft op 17 km van Mele een guesthouse gezien waar wij graag naartoe willen. Vlak voor guesthouse Marina behalen we een hoogtepunt: 7.500km, zijn we halverwege Nepal??? Wat een dag, een vlokje sneeuw, een korrel hagel, een sprankje zon, bijna 50% van de fietstijd regen gehad, de meest heftige afdaling ooit én de 7.500km behaald. Toch wel gaaf!

20181024_123305
Het guesthouse is top. We komen onaangekondigd in het donker aan de deur, krijgen binnen 5 minuten de kamer te zien en is het tijdstip voor het avondeten besproken en zijn we ingecheckt. De kamers zijn warm, de douche is heerlijk en Marina, onze host een gezellige, openhartige topkok. Gelukkig maar, want de volgende dag stortregent het onaangebroken en blijven we een dagje extra. Kunnen de spieren nog een dagje bijkomen, traplopen is met de enorme spierpijn van het wandelen een crime geworden…!

Het eten is ook hier te lekker. Marina haar man en twee kinderen zijn obees. Het wordt gênant als haar man door de stoel heen zakt. De tweede deze maand… Als later naar voren komt dat ik diëtist ben, wordt dit onderwerp nogmaals besproken. Auke en ik zagen de oorzaak o.a. in de alcohol. Hij vond steeds een aanleiding om te drinken en elk drankje startte met een toost en eindigde met een leeg glas. In 5 seconden…
Het viel natuurlijk ook op dat we zelf erg veel eten (’s ochtends teveel om lekker te fietsen) en beweging werd een onderwerp van gesprek. Geen idee hoe het uiteindelijk kwam, maar de volgende ochtend is meneer 2x 2 km aan de wandel geweest. Tot dat moment zagen we hem zitten en zitten. Mooie stap, hopen dat hij doorzet!

20181025_125817
De traditionele manvrouw verhoudingen die we van Turkije kennen, komt ook in Georgië in alle huizen naar voren. Ook in dit gezin doet Marina alles. Ze gaat ’s ochtends en ’s avonds de koeien halen en melken, ze maakt al het eten (een dagtaak hier) en doet het huishouden. Ze zit zelden stil, terwijl de rest op de bank hangt. Marina is zich hier van bewust, zegt dat ze de kinderen anders opvoedt, maar haar zoon doet echter nog minder dan haar dochter… Marina wil graag op vakantie, maar kan geen dag weg. Hoe moet dat met haar man en kinderen van 15 en 17 jaar?

Ook vrijdag 26 oktober regent het nog steeds. We willen niet langer wachten en stappen op de fiets. Vandaag meer dan 50% regen, een lange afdaling met vooral asfalt en 1.200 hoogtemeters. Pittig. Erg pittig. We gaan het beoogde doel Kutaisi niet redden. Daarvoor zijn we zowel te laat weggegaan en hebben te lang geschuild. Gelukkig boeken we meestal niets van te voren, hooguit een uur voor aankomst.
Het hotel in het dorp ervoor met wellness-centrum klinkt te goed in de oren! Wat te goed is moet je niet geloven…. In het dorp Tskaltubo KUN je naar een badhuis. Dat is wat anders dan dat ons hotel relaxbaden bevat. Tskaltubo was in de 20er jaren een echte Spa-stad voor exclusief Sovjet-gasten. Nu is het vergane glorie en de hele stad ademt armoede uit…. Wij zijn zo moe dat we hier alleen slapen en wel zo snel mogelijk. Svaneti was mooi, pittig, nat, koud en de moeite zeker waard.

20181023_115921

 

Hos Geldiniz! Deel 2: Het Turkse binnenland met Cappadocië!! (18 september-15 oktober 2018)

Vanaf Side verlaten wij de kust en gaan we diagonaal door het land naar het noordoosten. Eerstvolgende langere stop is Konya, waar inmiddels Auke zijn nieuwe bril uit Macedonië is aangekomen. Voor Auke een heerlijk (vooruit)zicht! De afstand leggen we in 4 dagen af, waarbij we één pas over moeten van 2.050 meter. Een flinke klim vanaf zeeniveau, maar de (vaak gloednieuwe) wegen blijven fantastisch, met mooi asfalt en een brede vluchtstrook. Niet alleen in parken, maar ook in de wegen is flink geïnvesteerd. Wij zijn keer op keer verrast wat een geld hierin gepompt moet zijn. De wegen zijn vaak rustig, meerbaans wegen lijken vaak niet nodig en de hele infrastructuur is (ook qua rails) perfect. De Turkse chauffeurs geven ons ruimschoots de ruimte. Het enige negatieve wat we hier ervaren, is de regen aan lekke banden. Hadden we in Europa niet één lekke band, we hebben er tot Konya 5(!) en aan het eind van Turkije 7 of 8 (we raken de tel kwijt). Er ligt ongelooflijk veel glas op de wegen, maar daar zijn onze Schwalbe Almotion banden tegen bestand. Vaak zijn het stukjes ijzer (schroot?) die door de band heen steken, maar één keer blijkt het ventiel kapot te zijn. Dat is natuurlijk gewoon botte pech.

[001720]
In die 4 dagen hebben we weer een aantal leuke ontmoetingen. Mensen die zomaar allerlei dingen aanbieden. Vooral thee, maar ook eten en overnachtingen. Een hele bijzondere is wel de overnachting die we aangeboden krijgen van Hakki. Hakki is de manager van een restaurant net over de pas, vóór Seydisehir. Omdat het al laat is informeren wij of het mogelijk is ons tentje op te zetten op dat mooie stukje groene gras uit het zicht van de weg. Niet dat we daar echt naar uitkijken, want de temperaturen zijn ‘s nachts (op deze hoogte) rond het vriespunt. Van het personeel krijgen wij akkoord, maar Hakki had ons al gespot toen we aan kwamen fietsen en toen we uitgegeten waren, werden we uitgenodigd voor thee. Iets wat vaker gebeurt. Maar de thee hebben we nog niet doorgeslikt of we hebben een overnachting in de 25 km verder gelegen Seydisehir, bij hem en zijn gezin. Gelukkig hoeven we geen kilometer fietsend te missen (we hebben onze principes), want de volgende dag kunnen we met het personeelsbusje terug naar het restaurant en met de fiets verder waar we de dag daarvoor gebleven waren. Oh ja nog zoiets verrassends. Ooit een digitaal menu voor je neus gehad? Dus een IPad met het menu waar je door heen kan scrollen? Dat hebben ze hier in dit restaurant!

[001750]
Als we Konya naderen, blijkt ook Konya een stad van 1,3 miljoen inwoners te zijn. De stad ligt aan de rand van een hoogvlakte, dus we kunnen lekker afdalen de stad in. Konya is bijna de tegenpool van het moderne Antalya, aangezien deze stad in Turkije bekend staat als een heel conservatief. De stad huisvest een moskee (en museum/mausoleum) gesticht door en gewijd aan een profeet genaamd Mevlana. Hij is de stichter van de soefibeweging en Konya is voor volgers van deze islam-stroming dan ook een bedevaartsoord. Hij stichtte ook de dansende derwisjen; monniken die door een ronddraaiende dans mediteren.
Als we aankomen is het net tijd voor het vrijdagmiddag gebed en dus zien we overal biddende mensenmassa’s voor moskeeën. Gaaf om getuige van te zijn!

[000128]
’s Avonds hebben we afgesproken met warmshowers host Mahmut. Hij heeft Auke’s bril in ontvangst genomen en hij leidt ons rond door de stad. Heel prettig om een rondleiding en tekst en uitleg in het Engels te krijgen. Waar je in Nederland dan als wederdienst iemand een drankje aan zou kunnen bieden, kan je dat in Turkije gewoon niet voor elkaar krijgen. Het is onbestaanbaar dat een Turk zijn gast toestaat iets voor hem te laten betalen. Ook stiekem naar de kassa gaan lukt niet. Zelfs de bediening houdt rekening met deze traditie…

In Konya gaan we niet één, maar twee keer naar een voorstelling van dansende derwisjen en we bezoeken het Mevlana museum. Maar zoals het gezegd; het is een heel andere stad dan Antalya. Om 10 uur ’s avonds zijn de straten uitgestorven, en verwacht hier geen moderne winkels, luxe restaurants en een wereld van zien en gezien worden. Wij vermaken ons daarentegen met markten vol met kruiden, vis, groente en fruit en zuivelproducten.

[000665][000755]
24 september fietsen we Konya uit, de hoogvlakte in. Met enige verbazing nemen we een foto van een bord verboden harder te rijden dan 82 km/u. Dat is wel heel precies. En nee, niet haalbaar voor ons 😉
Met het inrijden van de hoogvlakte verandert er echt iets aan het landschap. Het was inmiddels al een stuk droger en dorder geworden, maar nu verdwijnen de bergen ook en betreden we een soort steppelandschap dat we eerder in centraal Azië hadden verwacht. Maar dat maakt ook dat we wat makkelijker grotere afstanden kunnen fietsen, over de onophoudend goede wegen.
De wegen die we fietsen zijn oude routes van oost naar west en maken onderdeel uit van de zijderoute. Om de 50 à 60 km staan er langs deze oude routes Karavanserais. Deze gebouwen dienden voor de verzorging van de Karavanen die met handelswaren van oost naar west trokken en vice versa. Er kon in zo’n Karavanserai geslapen, gegeten, gedronken en gebeden worden, maar daarnaast was er (medische) zorg voor mens en dier. Zo was er een dokter, een dierenarts, een kapper, etc. De Karavanserais zijn mooie gebouwen en wij bezoeken er hier en daar dan ook een paar. De eerste de beste die wij bezoeken blijkt helaas dicht te zijn, vanwege renovatie, maar gelukkig is ernaast een andere bezienswaardigheid: een gigantische sinkhole. Dit sinkhole met zijn dikke 100 meter doorsnee en oneindige diepte is een indrukwekkende bezienswaardigheid. Wij zijn dat overigens ook voor een groep Turkse vrouwen in traditionele pofbroeken. Of liever gezegd, vooral Hilgien, want de dames willen allemaal met haar op de foto!
Die dag knallen we even 114 km tot vlakbij een volgende Karavanserai, die van Sultanhani, zodat we die de volgende dag bijtijds kunnen bezoeken.

[001319][001284]P1040403
Als we richting Selime en de Ihlara vallei fietsen, op de rand van Cappadocië, zien we in de verte wat bergen opdoemen. Deze bergen, of liever oude vulkanen, zijn een onderdeel van het recept geweest die het landschap van Cappadocië gevormd hebben tot wat het is. De regio bestaat uit zacht karstgesteente. Dit karstgesteente is door vulkaanuitbarstingen overspoeld geraakt met lava. Lavagesteente is veel harder dan karstgesteente. Daar waar het lava gesteente dikker was, bood het een bescherming tegen erosie voor het eronder gelegen karstgesteente. Het gevolg is dat de erosie zeer onregelmatig verliep en er fantastische rotsformaties zijn ontstaan. Door plaatselijke verschillen in steensoorten en diverse vormen van erosie, zijn de formaties overal verschillend van vorm en kleur. De natuur heeft weer indrukwekkende kunstwerken neergezet.

dav

Maar dat is niet alles wat Cappadocië zo bijzonder maakt. Mensen zijn dit gebied 5.000 jaar voor Christus gaan bewonen. Mogelijk (veel) eerder. Zij gebruikten het zachte karstgesteente om rotswoningen in uit te hakken, met een techniek die zij steeds verder verfijnden. Zo zijn complete steden ontstaan. Wij zoeken en vinden in Selime een rotswoning voor de nacht, een bijzondere ervaring. Helaas werd Hilgien allergisch wakker. Waar je hier allergisch voor kan zijn – er is niets dan een beetje ‘zand’- blijft een raadsel.
Toen de mensen werden gekerstend, bouwden zij ook kerken, versierd met gebeeldhouwde motieven en fresco’s.

P1040477[000310]
Daarnaast is het gebied het strijdtoneel geweest van vele oude beschavingen (Perzen, Mongolen, Grieken en Romeinen, om maar een paar te noemen). Om zich tegen deze indringers te beschermen zijn de bewoners ondergrondse steden gaan bouwen om zich in tijden van gevaar in terug te kunnen trekken. Deze ondergrondse steden hadden alles wat nodig was om een tijd ondergronds uit te houden; huizen, wijnmakerijen, keukens, luchtschachten, vluchtroutes, communicatiekanalen, waterputten, voorraadkamers, kerken, etc.

P1040676
Kortom het gebied Cappadocië is een enorm gebied met veel natuurschoon en bezienswaardigheden. Reden voor ons om hier van 26 tot 30 september door te brengen. We bezoeken 2 ondergrondse steden (Derinkuyu en Kaymakli), we wandelen door de Ihlara vallei en we bezoeken talloze rotskerken. Slapen doen we in een rotswoning, maar ook in pensionnetjes, aangezien de temperatuur ’s nachts gevoelig onderuit kan gaan.

P1040579

P1040761
Een hele mooie overnachting hebben we bij Göreme, waar we op een plateau boven een vallei ons tentje opzetten om ’s ochtends gewekt te worden door luchtballonnen die boven ons hoofd hangen. Met de overtuiging dat wij de volgende dag het feit willen vieren dat we de 6.000 km hebben gehaald, nemen we enthousiast foto’s. Het is vanaf de grond een fantastisch gezicht om 150 luchtballonnen boven dit onwerkelijke landschap te zien, maar vanuit de lucht moet het wel bijna magisch zijn. Helaas is het ons niet gegund, want de volgende dag en de dag daarop worden er geen ballonnen in het luchtruim toegelaten, vanwege de mindere weersvoorspelling. Wat een teleurstelling!

P1040804P1040796
Als we langzaam wandelend en fietsend het gebied verlaten, hebben we een prachtige overnachtingsplek op de valreep bij Pasabagi. We slapen in een valleitje, met uitzicht over briljante ‘fairy chimneys’; rotspilaren met een hoedje van hard lavagesteente.

P1050218P1050223

30 september fietsen we Cappadocië uit, naar Kayseri. Kayseri is een grote stad, waar we weer even wat dingen hopen te organiseren. De USB stick die kapot is, waardoor we 80% van onze foto’s lijken kwijt te zijn, proberen we te laten repareren. Helaas zonder succes. Maar verder kunnen we wel weer even wat voorraden inslaan en wassen. Kayseri zelf is geen boeiende stad, maar vooral een nuttige tussenstop.

De route van Kayseri naar Sivas (1-5 oktober) is grotendeels vlak en dor. Dat betekent dat we weer door kunnen fietsen. Het betekent overigens niet dat het saai fietsen is, want ondanks of dankzij de dorheid is het landschap kleurrijk. En zo nu en dan besluiten we even van de grote weg af te gaan. Dit loont zich altijd in enthousiaste ontmoetingen met de plaatselijke bevolking. Overal klinken vriendelijke begroetingen en regelmatig worden we voor thee uitgenodigd. Als we in het plaatsje Palas aankomen om water te tanken voor een nacht kamperen, worden we direct door de dorpsbewoners opgemerkt. Binnen de kortste keren zitten we aan de thee, vervolgens aan het eten om tenslotte te blijven overnachten. Zo gastvrij en ook zo’n ontzettend leuke ontmoeting. Wij worden ieder apart op sleeptouw genomen door de mannen (Auke) en de vrouwen (Hilgien). Met Google translate als onze grote vriend, komen we tot hele gesprekken. En in wat een andere wereld leven zij! Jong trouwen (in dit geval 17 en 18 jaar) en direct kinderen krijgen is het devies voor de vrouwen. De mannen zijn of boer of verdienen het geld elders. Onze gastvrouwen hebben hun mannen in Ankara en Izmir zitten. Eén van hun huizen wordt aan ons tweeën overgelaten. De dames in kwestie zijn immers zonder hun man en dús kunnen zij niet in hetzelfde huis verblijven waar een vreemde man verblijft. Wat geweldig is, is dat de gesprekken open en respectvol zijn. Dat wij samenwonen, niet getrouwd zijn en geen kinderen hebben, wordt, nadat de schok is verwerkt, wel gerespecteerd. Sterker nog, we worden bedankt dat we deze eerder benoemde leugen (we zijn getrouwd) hebben weerlegt.

P1050289

sdr
Qua overnachtingen hebben we iets nieuws gevonden; de ögretmenevi. Dit is een lerarenhuis, bedoeld om leraren die ver van hun woonplaats les geven, te huisvesten. Kennelijk is de keuze vrijheid van leraren beperkt en kunnen ze zomaar ergens in het achterland geplaatst worden om daar les te gaan geven. Indien er plek (over) is, worden kamers aan anderen verhuurd en dus ook aan toeristen. Het voordeel voor ons is dat er in relatief kleine plaatsen, overnachting is te vinden. En wel voor een hele goede prijs-kwaliteit verhouding. En dat is best prettig, want we gaan voelbaar richting de herfst.
5 oktober komen we aan in Sivas bij warmshowerhost Burcin. We hebben al weken niet echt gewassen, dus een goede gelegenheid om dat weer een keer te doen. We vinden een paar mensen die handig zijn met computers, echter helaas niet handig genoeg om onze USB-stick te repareren. De spanning begint aardig op te lopen of we ooit nog de foto’s terug krijgen… We geven nog niet op.

De tweede avond is Burcin jarig en dus besluiten wij voor hem te koken. Nou ja, koken, we bakken stapels pannenkoeken en bizar genoeg vinden we stroopwafels in de supermarkt bij hem om de hoek. Samen met onze laatste klompjes hebben we mooi wat ‘authentieke’ Nederlandse dingen om aan hem te geven. Die avond wordt een zoete inval van mensen, want naast nog twee lifters, komt er een derde fietser (Ivan) en komen er vrienden en familieleden langs. Het wordt al met al een korte nacht en ’s ochtends liggen overal mensen te slapen. En dat terwijl de riolering het gisteren al had begeven en zo nu en dan het vuilwater de vloeren doet onderlopen….

’s Avonds besluiten we dat we een tijdje met Ivan gaan opfietsen. Ivan heeft niet echt een plan, of liever het plan was om naar Griekenland te fietsen over de Balkan en door Italië weer terug. Het fietsen beviel echter zo goed dat hij door is gaan fietsen en in Georgië wil overwinteren. Of toch niet? In elk geval wil hij niet vliegen en niet dezelfde route terug fietsen EN hij heeft een hekel aan regen en kou. Hmm, dat wordt een ingewikkelde puzzel dan!
Samen met Ivan, zetten we flink de vaart erin, want we fietsen 10 dagen non-stop (van 6-15 oktober) van Sivas naar Batoemi. Over de route twijfelen we lang. We vinden de Zwarte Zee aantrekkelijk klinken, vanwege de temperatuur en de mooie route, maar het is er nat en je kan uitsluitend over de snelweg fietsen. Het alternatief is wat meer landinwaarts te blijven, waar het rustiger fietsen is, het weer droger, maar ook bergachtiger. We kiezen voor het laatste en via Ispir en Artvin fietsen we noordoostwaarts, om na Artvin door te steken naar de Zwarte Zee.
Ivan is -door ons aangestoken- ook helemaal fan van de ögretmenevi en zo proberen we van ögretmenevi naar ögretmenevi te fietsen. Waar hij geen fan van is, is lekke banden, maar hij is kennelijk wel zo aardig om onze lekke banden vloek die Turkije over ons heeft afgeroepen, van ons over neemt. We slechten de mijlpalen 6.500 en 7.000 km, nog vóór de grens van Georgië.

Of de route keuze de juiste is, weet je natuurlijk niet als je het alternatief niet kent, maar wij zijn zeker niet ontevreden met onze keuze. We hebben droog weer, fietsen over goede wegen en de landschappen zijn mooi. Alleen het stuk tussen Yusufeli en Artvin vinden wij wat minder, omdat deze door 30 tunnels van in totaal 42 kilometer leidt. Slechts sporadisch zien we wat van het landschap. Zo nu en dan hebben we tevens te maken met de grootse bouwprojecten die hier plaatsvinden. Turkije werkt namelijk hard aan zijn energievoorziening door grote dammen en stuwmeren aan te leggen. Twee dammen zijn al gebouwd, met als gevolg dat wegen, huizen en soms zelfs dorpjes onder water zijn komen te liggen. Een derde, enorme dam is in aanbouw. Als deze dam gereed is, zal de stad Yusufeli, met zo’n 20.000 inwoners onder het water verdwijnen. Hoog op de berg boven de stad wordt al hard gebouwd aan de nieuwe huisvesting voor de inwoners van Yusufeli. Toch een raar idee, dat zo’n aardig, levendig plaatsje zal verdwijnen.

P1050399P1050469
Artvin is een aardige plaats. Het enige wat niet zo sympathiek is, is dat het centrum van de stad 300 meter boven de rivier ligt. En één keer raden waar alle accommodatie zich bevindt. Het is een flinke domper om aan het eind van het fietsdag 300 steile meters af te leggen en dan nog op zoek te gaan naar (betaalbare) accommodatie.

Na Artvin draait de weg naar het westen, richting de Zwarte Zee, naar de plaats Hopa. Nog steeds hebben we regelmatig een tunnel, totdat de laatste tunnel ons vlak voor Hopa in een totaal andere wereld brengt. Was Artvin nog een continentale, frisse, bergstad, Hopa is vochtig en warm. Onvoorstelbaar dat je door een tunnel van 7 kilometer in een totaal ander klimaat uit komt. Overal waar we kijken zien we theeplantages, en wordt thee vervoerd. Thee, thee en nog eens thee. Thee is verweven in de cultuur; op ieder moment van de dag wordt thee gedronken, om mensen welkom te heten, om transacties te sluiten, of gewoon een bakkie thee met vrienden, familie of collega’s. En het is ons na 2.000 kilometer gelukt om de bron van al die thee te vinden.
Wat ons ook is gelukt is om van de Middellandse Zee diagonaal door Turkije naar de Zwarte Zee te fietsen. Van zee naar zee en van thee naar thee door Turkije.

P1050489
De statistieken even op een rijtje. We hebben ruim 2.000 km in 5 weken gefietst met gemiddeld 73,9 km per fietsdag. Ruim 10 km meer dan in Europa. We fietsen verhoudingsgewijs ook meer dagen. 27/37 oftewel 73% van de dagen. Het gemiddelde ging omhoog van 16,2 km/u naar 16,8 km/u. En dat terwijl we toch ruim 17.000 hoogtemeters hebben gemaakt. We kamperen veel minder, maar het is altijd wildkamperen (8x, 22% van de tijd) en we krijgen vaker een overnachting aangeboden (8x = 22%). De overnachtingskosten zijn gehalveerd naar minder dan € 11,-. Het eten is ook goedkoper en was veelal genieten. We aten veel pide, lamachun, köfte, kebab, dolma uit blik als reservevoedsel, pilav, patat, baklava, künefe en Dido repen (heerlijke chocoladerepen). Die dido-repen zijn het resultaat van een Dido inzet bij weddenschappen met Ivan als we iedere avond de rekening van ons eten inschatten. En we dronken natuurlijk heel veel thee, Turkse koffie en ayran (karnemelk met zout) en erg weinig alcohol. Het is er te koop, maar niet in ons ritme hier.

We worden bijna weemoedig om Turkije te verlaten. Want het is zo’n ontzettend fijn land om doorheen te reizen. Je voelt je overal welkom. Mensen zijn enthousiast en trots dat je als reiziger hun land bezoekt. En daarbij is het land prachtig en veelzijdig en de wegen fantastisch. En het eten heerlijk. Hoe kan dit overtroffen worden? En hoeveel moois hebben we links moeten laten liggen, omdat je nou eenmaal niet alles kan zien in 5 weken? Maar goed een nieuw land is ook altijd leuk en de verwachtingen over Georgië zijn bij voorbaat hoog gespannen. Dus vooruit, laat maar komen, al zullen we het hos geldiniz (welkom) en çay (uitnodigingen om thee te komen drinken) missen!

P1040628

Wij fietsen voor HDKT. Heb jij al gesponsord? We zijn je super dankbaar!
We hebben 10% van het beoogde einddoel binnen. Help jij mee? Klik hier.

Voor meer foto’s en onze route zie Polarsteps.

Hos Geldiniz! Deel 1: De Turkse kust (8-18 september 2018)

Hos Geldiniz! Hos Geldiniz! Çay? Çay? Hos Geldiniz! In Turkije worden we warm welkom geheten door de gastvrije Turken. We fietsen in ruim 5 weken van zee naar zee en van thee naar thee.

Eens kijken wat Turkije te bieden heeft… In 2003 heb ik reeds 3 maanden in Alanya als reisleider gewerkt, maar Alanya is een toeristisch oord en Europees georiënteerd. In 2011 was ik een paar dagen in Istanbul wat al een hele andere wereld was en waar ik me met Engels niet erg goed kon redden… Het binnenland is me vrij onbekend. Auke is reeds 3 maal in Turkije geweest, te weten in 1985, 1991 en 2004 en dat smaakte zeker naar meer. En dus nemen we de tijd en fietsen we in 5 weken diagonaal door Turkije, van zee naar zee, oftewel van Fethiye naar Hopa. Een rit van 2.000 km gastvrijheid.

We komen 8 september vanuit Rhodos aan in Fethiye, een bekende vakantiebestemming die bij aankomst heel gemoedelijk aanvoelt. We blijven drie nachten om ons psychisch voor te bereiden op Azië en vooral nog even te genieten en uit te rusten aan het strand;) We vieren land #17, het volgende continent en de 5.000 km op de teller. Fethiye is een leuk stadje, heeft mooie boulevards, prachtige gloednieuwe parken en fietspaden en een lang zandstrand met prachtige zonsondergangen. Wij zitten aan het Çalisstrand, welke tevens geliefd is bij de caretta schildpadden om hun eieren te leggen. Gedurende de nacht heb je kans wat mini’s over het strand te zien rennen, maar wij hebben dat geluk helaas niet.
[001242]P1030616

P1030564
We hadden vooraf natuurlijk wel de hoop dat we zover zouden komen, maar hebben dit niet als een vanzelfsprekendheid aangenomen. We zijn dan ook uitermate trots dat we Azië hebben bereikt. Die 5.000 km vieren we daarom groots door te paragliden vanaf de berg Babadag met de landing op Ödeniz beach.
Auke lijkt deze reis wat aan zijn hoogtevrees te willen doen. In Slovenië wilde hij perse ziplinen boven een afgrond…. In Bosnië sprong hij als eerste van een brug van 8 meter en nu wil hij paragliden! En dat roept hij al sinds Slovenië… Dus daar gaan we dan eindelijk…!
Fethiye en vooral het Ödeniz strand staan bekend om paragliden. Dit is niet alleen te zien, maar ook te merken aan het lopende band werk. Via het pension kunnen we een ‘goede organisatie’ boeken, wat succes garandeert. Voor (‘slechts’) €50,- (1/3 ten opzichte van Slovenië) kan je een tandemsprong maken. Een succes is het vanzelfsprekend met de uitzichten die je voor de kiezen krijgt!!! De (gemiste) uitleg, het onpersoonlijke en het (lange) wachten vooraf waren echter wat minder. Maar wat is dit gaaf! De blauwe zee, de bergen, de vergezichten… een aanrader eerste klas! Het ‘stunten’ oftewel de pirouetjes, maken wel behoorlijk misselijk, maar het nagenieten duurt langer 😉 Onder het moto van bijkomen, liggen we de rest van de dag op het strand te lezen, te zwemmen om af te koelen en spotten we een schildpad en genieten van onze welverdiende rust.

DCIM100GOPROG0050870.JPGDCIM100GOPROG0022405.JPG

Elk nieuw land betekent inlezen (Lonely Planet, internet en andere fietsblogs), route bedenken, routes door Osmand laten uitrekenen en weer strepen in de wensen. Fietsen is traag reizen en elke zijsprong is al snel 1-3 dagen extra. We besluiten niet de kortste route binnendoor naar Antalya, maar in 4 dagen via de kust te fietsen (11-15 september).
Een nieuw land buiten de EU betekent tevens uitvinden waar het goed pinnen is. Het verschilt enorm per bank wat je aan commissie betaalt en wat de wisselkoers is, die men rekent. Bij onze eerste pintransactie betalen we maar liefst 10% commissie en een hele slechte wisselkoers. En dat terwijl we juist meer dan €600,- aan Lira’s pinnen. Bedankt Akbank!!:( We besluiten daarom tot een vergelijkend warenonderzoek onder de banken. Dit wordt vergemakkelijkt door het feit dat er vaak meerdere geldautomaten van meerdere banken naast elkaar staan en op het scherm aangegeven staat welke kosten je betaalt, vóórdat de transactie definitief is. Kwestie van opletten dus en na een paar uur weten wij bij welke banken we wel moeten zijn! (Ter info: ING, Ziraatbank en evt. de Vakuf bank).

Aan de kust is het prachtig fietsen, doch erg warm en we zijn blij verrast met de (Seydikemer) waterval waar ik gelijk mijn verkoeling vind. Nog geen paar kilometer verder is het wederom een drukte van belang; hier is de Seydikemer kloof. Een kloof van een paar kilometer waar je voor een paar lira in kan met gehuurde waterschoentjes. Het is druk met Turkse toeristen en hoe verder we de kloof ingaan, hoe meer modderfiguren we tegen komen. Klei is heilzaam zeggen ze. Dus gaan ook wij klei-kliederen en genieten van het ijskoude water en indrukwekkende rotspartijen. Al die onverwachtse mooie dingen zorgen voor vertragingen, maar ach we gaan wildkamperen, dus hoeven nergens te zijn. Behalve bijtijds op een mooi vlak stukje grond. Dit lukt uiteindelijk en als de maan opkomt is het licht genoeg om te koken en de tent op te zetten.

P1030699
Als je de ene dag wat te weinig fietst, lukt het nauwelijks dit de volgende dag te compenseren. En dus halen we de beoogde bestemming, Demre, niet. Als we net besloten hebben weer te wildkamperen, horen we al fietsend geroep: hallo, merhaba, gute abend! We besluiten gehoor te geven aan de roep van Gunay. Gunay is een Turkse, getrouwd met Kona, een Duitser, en spreekt om die reden goed Duits. Ze vraagt ons of we toevallig een slaapplaats nodig hebben en of we met haar mee willen gaan. Daar twijfelen geen moment aan en lopen mee. We komen bij een groot huis met een enorm stuk grond. Ze stelt ons voor aan haar man en loopt naar het bijgebouw en meldt; “Dit is jullie appartement. Hos geldinez! Ga lekker douchen, rust lekker uit. Moeten jullie wassen, lever maar in. Willen jullie eten? Ik ga wat klaar maken.” En zo worden we enorm welkom geheten in het plaatsje Yavu door de goedlachse Gunay. Ze pikt weleens vaker mensen van straat op. Gunay en Kona hebben het erg goed en willen het delen. Wauw, wat is dit gaaf! Zoiets kom je in Nederland toch nooit tegen?

[001465]
Na een goed ontbijt nemen we dankbaar afscheid en fietsen we naar Demre. Een plaats die ons ophoudt, er is zoveel te zien! De natuur is prachtig en het stadje heeft een lange geschiedenis. Sinterklaas is in Patara, Turkije geboren en heeft lang in Demre gewoond (en komt dus niet uit Spanje;). Hier staat de St Nicolaaskerk die wij bezichtigen. Wie denkt dat St Nicolaas alleen of vooral bij de Turken en Nederlanders bekend is, heeft het mis. Voor de orthodox gelovigen is St Nicolaas een belangrijke heilige. Het loopt hier dan ook over van de Russen die speciaal komen voor de goed heiligman. Ze staan geëmotioneerd in de rij om de linkervoet van zijn standbeeld aan te mogen raken.

P1030803
Van Sinterklaas gaan we door naar het naastgelegen Myra waar hij bisschop is geweest. Myra is een oude Lycische stad van onbekende leeftijd maar van zeker voor 500 v.Chr. Er staan nog ruïnes van een oude tempel, theater en er zijn rotsgraven. Indrukwekkend genoeg om een uurtje rond te kijken.

P1030790
Na wat uurtjes Demre besluiten we ook nog een boottocht te maken naar Kekova. Een gebied waar al lang beschavingen wonen. Ook de natuur is erg mooi en het is leuk om deze voor de verandering vanaf het water te bekijken. Er is een blue hole, een verzonken stad en er zijn sarcofagen te zien. Wij wilden vooral de caretta schildpadden zien en ondanks de belofte van de ‘organisator’, wist de schipper van niets. Als de boot de haven weer invaart, zien we gelukkig nog een schildpad onder de boot door verdwijnen. Een mooie afsluiter.

P1030878P1030854
De dag vliegt en we proberen nog 25 km te fietsen om op een strand de tent op te zetten. We vinden een strand met horeca en vragen om toestemming. Tegen een kleine vergoeding mag het. Prima! Het is nog erg warm en we vinden de tent opzetten teveel moeite en vragen om strandmatjes. Dit resulteert in slapen in een ‘strandhut’ met allerlei matten, met zicht over het water, de sterrenhemel en verderop lichtflitsen. Wat een gave plek is dit!!! Met sanitair bij de hand is het perfect en we slapen dan ook fantastisch.

P1030887
De hele kust van Fethiye naar Antalya is mooi, bij Finike en ten oosten daarvan het allermooist. Er zijn campings, je mag op de meeste plekken wildkamperen, overal zijn watertappunten (drinkwater, die wij voor de zekerheid met UVlicht nabehandelen) en picknickplaatsen. En overal blauw water, strandjes en baaien. Voor fietsers een walhalla! Mits je reliëf houdt 😉

P1030891
Vanaf de ‘wild’kampeerplek bij Finike fietsen we door naar Olympos en Cirali. Olympos is een oude Griekse stad, gelegen aan het strand. Wij vinden het bijzonder dat Olympos vooral een strandbestemming is. Je betaalt een kleine entreeprijs om dit cultuurparadijs in te mogen. Vervolgens zie je bijna iedereen met zijn handdoek, over en langs de oude ruïnes richting het strand lopen. Tussen deze ‘badgasten’ zijn wij vreemde vogels met onze volbepakte fietsen. Op het strand aangekomen duwen we onze fietsen ongeveer 0,5-1 km over het mulle zand om een slaapplek te zoeken in Cirali. Over de weg (voor de auto de enige optie) is het 20 km. Dus dat zwoegen over het strand bespaard ons 20km en flink wat hoogtemeters.

P1030915
Cirali is, naast de bezienswaardigheid van Olympos, ook bekend vanwege de nabijheid van Chimera. Chimera is een natuurlijk fenomeen, waarbij continu kleine hoeveelheden brandend gas op verschillende plekken uit de berg ontsnapt. Heel bijzonder om te zien, zeker ’s avonds in het donker. Dus iedereen gebruikt deze natuurlijke gasbron om worstjes of marshmallows ‘klaar te stomen’. Overigens is de legende van deze vuurberg een leuke. Volgens de Griekse mythologie zou in de berg een verslagen draak opgesloten zitten. Dat verklaart in ieder geval het vuurspugen! 😉

20180914_194225
Vanaf Cirali is de route naar Antalya een stuk minder interessant. Tenzij je houdt van resorts, want de kust rondom Kemer staat volgebouwd met luxe hotels en resorts, met name in trek bij Russen. Maar kennelijk komen hier tevens Nederlanders, want we zien een replica van het centraal station van Amsterdam compleet met grachtenpanden.

De aankomst bij Antalya is niet prettig te noemen. Antalya blijkt veel groter dan gedacht, met zijn 1,3 miljoen inwoners. De snelweg waar we op rijden wordt steeds drukker en men rijdt zo’n 100 km/u. Meestal hebben we een vluchtstrook, maar zodra we omhoog moeten wordt deze opgeslokt door een tweede rijstrook, welke direct ook druk bezet is. De berm bestaat uit losse steentjes en is daarmee onveilig en ons tempo 7-10 km/u omhoog nog onveiliger. Vlak vóór de stad moeten we vervolgens samen met het mega drukke verkeer door meerdere tunnels heen. Echt niet fijn als je zonder vluchtstrook traag fietst, slecht zichtbaar bent en het verkeer langs je raast. Naarstig zoeken we naar alternatieven, maar kennelijk staat de rotsachtige kust geen andere routes toe. Als we de tunnels met angst en beven overleefd hebben (nooit meer!), zijn we meer dan opgelucht. We vinden dat we mimimaal een magnum hebben verdiend, maar we belanden daarvoor in het verkeerde wegrestaurant dat woekerprijzen vraagt. Ze laten ons duidelijk blijken dat niet wij, maar rijke Russische toeristen hun doelgroep zijn. Wegwezen dus.

Gelukkig komt het allemaal diezelfde dag nog goed tussen ons en Antalya, als we ons welverdiende superlekkere schepijsje vinden en ’s avonds kennis maken met het centrum van Antalya. Het centrum is een mix van oud en nieuw en ziet er ontzettend goed verzorgd uit: parken (met fiets- en hardlooppaden), boulevards, cafés, restaurants, prachtige winkels en als klap op de vuurpijl een eettentje waar we heel mooi, creatief en lekker eten kunnen krijgen. We kunnen zelfs ons kopje koffie opeten! Tegen onze principes in eten we zelfs twee keer bij ditzelfde eettentje / keten: Leman Kültür. Wat heerlijk hier! Prijs/kwaliteit een 10. We blijven twee nachten in Antalya. Deze stad heeft ons echt kunnen overtuigen dat ze geschikt is voor een (korte) vakantie/stedentrip. Naast alle bezienswaardigheden in de stad, is er in de (wijde) omgeving een keur aan dingen te bezoeken. Zo kun je raften, paragliden, oude steden bezoeken, zijn er watervallen, etc.

20180915_230112
Als we 17 augustus weer verder fietsen, komen we aan de rand van de stad langs een enorme waterval die van de rotsen pardoes in zee stort. Een zeer bijzonder gezicht. Er zullen ongetwijfeld meer rivieren ter wereld zijn die met een waterval in zee eindigen, maar wij hadden er nog nooit één gezien. Die dag wordt trouwens een hele lange fietsdag, via de oude Griekse stad Aspendos, naar een andere oude Griekse stad, Side. Wij komen daar pas aan als de zon onder is, maar hoe apart ook weer dat je zomaar overal mag en kan komen. Zo kunnen wij mooi ons tentje opzetten midden tussen de ruïnes en niemand die zich daar aan stoort of ons maant weg te gaan. Typisch Turkije. Heerlijk.

[001687][001665]